Doe geen dingen die niet nodig zijn

interview | Bezwijkt het onderwijs onder de regeldruk? Staatssecretaris Dekker wijst liever op de ruimte die scholen hebben. 'Ik zoek leraren die niet wachten tot er in Den Haag een licht op groen gaat.'

Sander Dekker was fractieleider van de VVD in de Haagse gemeenteraad voor hij in 2006 wethouder van onderwijs werd. Daarna deed hij twee jaar financiën en stadsbeheer, om in 2012 terug te keren naar het onderwijs, maar nu als staatssecretaris. Dekker, die verantwoordelijk is voor het basis- en voortgezet onderwijs, heeft dus al geruime tijd te maken met de maatschappelijke sector die - naast de zorg - misschien wel het meeste klaagt over de wurggreep van de regeltjes.

Volgens het CBS telt het onderwijs het hoogste burnout-percentage van alle beroepsgroepen. Docenten zeggen: ik houd van mijn werk en mijn leerlingen, maar het papierwerk doet me de das om.

"Als ik dat hoor, zeg ik altijd: doe geen dingen die niet nodig zijn. Stel er vragen over, kom in actie. Doe alleen de dingen waarvan je weet dat ze bijdragen aan goed onderwijs. Als jij er niets aan hebt en je leerlingen ook niet, dan haal je er ook geen werkplezier uit. Scholen en leerkrachten hebben veel meer vrijheid dan ze zelf denken. Sommige dingen zijn nuttig - het bijhouden wie wel of niet naar de les komt - andere dingen niet."

Eric van 't Zelfde, directeur van een basisschool in achterstandswijk Rotterdam-Zuid, zegt dat zijn school alleen kan functioneren doordat leerkrachten in hun vrije tijd doorwerken, inclusief weekeinden en vakanties. Hij is boos op u: hij krijgt 4 miljoen voor salarissen, terwijl hij 5,6 miljoen nodig heeft. Met geld van een private sponsor geeft hij kinderen ontbijt.

"Ik ben op zijn school geweest en ik bewonder zijn passie, maar ik ben het toch niet helemaal met hem eens. Een school moet zich afvragen of het wel haar taak is het ontbijt te verzorgen dat ouders hun kinderen niet bieden. Of in de vakanties activiteiten te organiseren. Als ouders of buurt hun verantwoordelijkheid niet nemen, zijn er ook andere instanties dan de school die iets kunnen doen."

Sander Dekker drijft mijn leerkrachten de burnout in, zegt Van 't Zelfde. Zowel hij als collega's in soortgelijke wijken zeggen dat die extra lessen nodig zijn vanwege de achterstanden van de leerlingen.

"Ik zie toch ook veel scholen die daar met dezelfde financiering wel in slagen. Natuurlijk kun je daar een schepje bovenop doen door de weekeinden en de vakanties door te werken, maar wij hebben al middelen beschikbaar gesteld voor verlenging van onderwijstijd, voor zomerscholen om zittenblijven te voorkomen. Leraren doen hun werk met passie en ze zijn betrokken bij hun leerlingen, dat is prachtig, maar het gevaar is dat ze daardoor hun eigen grenzen voorbijgaan. Ik was laatst op een school waar men ook klaagde over de werkdruk, en toen bleek dat ze onder meer bezig waren met het organiseren van een voetbaltoernooi - bij andere scholen hielpen ouders, bij deze niet. Je moet tegen die ouders zeggen: wij verwachten van jullie ook wat. Dat kan ook in Rotterdam-Zuid, Amsterdam-West en in de Haagse Schilderswijk."

Ik sprak een wis- en natuurkundeleraar, die na dertig jaar elders te hebben gewerkt is teruggekeerd naar het onderwijs. Hij moet zoveel toetsen afnemen dat nergens anders tijd voor is. Hij zou zijn vmbo-leerlingen willen laten zien hoe je met grafieken kunt sjoemelen, in plaats daarvan moet hij ze de sinus en de cosinus leren.

"Maar het is niet zo dat wij vanuit Den Haag bepalen hoeveel toetsen er moeten worden gedaan. Er zijn maar twee momenten waarop dat is voorgeschreven: aan het einde van de basisschool en aan het einde van het voortgezet onderwijs: het centraal eindexamen. Wat ik wel zie in de bovenbouw, is dat de examens zo veel beslag leggen op het programma, dat ze hun schaduw erg vooruitwerpen. Daarom heeft de commissie-Schnabel - die vorige maand het rapport Onderwijs2032 publiceerde - zich hier ook over gebogen."

Een leerling zei onlangs op een onderwijs-congres: je leert voor de cijfers, en als je een voldoende haalt is het goed, niemand vraagt zich af of je ook werkelijk het vak beheerst.

"Maar dat is toch een heel rare situatie? Wie maakt die toets dan? Ik denk de leerkrachten zelf."

Die worden opgejaagd door het centraal examen, zei u net.

"Maar daarmee bedoel ik niet dat het examen de grote boeman is die alle handen bindt. Al die toetsen, proefwerken en overhoringen die docenten geven, daar zijn ze zelf bij. En een goede docent zorgt ervoor dat hij zijn leerlingen geen trucjes leert, maar zich de stof eigen maakt. Ik zoek leraren die niet wachten tot er in dat verre Den Haag een licht op groen gaat. Dat licht in Den Haag gaat nooit op groen. Het staat ook niet op rood. Dat is het hele punt."

Hoogleraar Gert Biesta zegt dat er in het onderwijsdebat te weinig aandacht is voor het achterliggende doel. Zelf pleit hij voor 'volwassenwording' als leitmotiv, en volwassenheid betekent volgens hem onder meer dat je nee kunt zeggen tegen wat de samenleving allemaal aanbiedt.

"Ik kan daar een heel eind in meegaan. Het onderwijs is er niet alleen om leerlingen voor te bereiden op een vervolgstudie of een baan, maar ook om ze te helpen straks als volwassen en kritische burgers de buitenwereld tegemoet te treden. Ik geloof in een brede opdracht voor het onderwijs. Kwalificatie is belangrijk - ik bedoel: hartstikke leuk als leerlingen straks 'nee' kunnen zeggen, maar we willen toch ook dat ze vaardigheden opdoen waarmee ze de arbeidsmarkt op kunnen - maar de school heeft ook een enorme vormende functie. Hoe verhoud ik mij tot mijzelf en tot anderen?"

De commissie-Schnabel spreekt over opgroeien tot mensen die 'vaardig, waardig en aardig zijn', Biesta over nee-zeggen tegen de kapitalistische 'verlangens-economie'. Je betreedt hier automatisch politiek-ideologisch terrein. Hoe kijkt u daar als liberaal tegenaan? Kan een school zich überhaupt op dit terrein begeven?

"We hebben een aantal fundamentele waarden die ten grondslag liggen aan de manier waarop wij hier leven. Het is zeer gerechtvaardigd dat scholen daar aandacht aan besteden en kinderen leren hoe ze daar mee om moeten gaan. Dan heb ik het over onze grondrechten, die we ook terugvinden in universele verdragen."

Biesta zet een volgende stap, hij noemt het kapitalisme 'onvolwassen' omdat het uitgaat van onbegrensde verlangens. In plaats daarvan stelt hij dat je zuinig moet zijn op jezelf, de ander en de planeet.

"Ik vind dat helemaal niet zo gek geformuleerd. Als liberaal is vrijheid voor mij een groot goed, maar dat gaat altijd samen met verantwoordelijkheid. Ik trek wel een grens bij hoe je deze noties invult. We hoeven de kinderen niet te hersenspoelen met politieke boodschappen. Neem het zuinig zijn op de planeet. Betekent dat dat we het land volzetten met windmolens? Of dat we de overstap moeten maken naar kernenergie? Het is niet aan de school om dat voor te schrijven. Maar het is wel belangrijk de dilemma's te laten zien."

U noemde de grondrechten. Is dat omdat u veronderstelt dat alle scholen die kunnen delen?

"Ja. Er wordt in Nederland soms een beetje lacherig gedaan over normen en waarden, maar we moeten uitkijken daar niet te bescheiden in te zijn. Vooral als leerlingen geconfronteerd worden met allerlei propaganda die een heel andere boodschap geeft. Scholen vinden dat soms best lastig. Kijk wat voor reacties er kwamen na de aanslagen in Parijs - leraren moeten dan toch dat confronterende en moeilijke gesprek aangaan."

Intussen hebben we in het parlement een partij waarvan de leider wordt vervolgd wegens haatzaaien door te roepen om 'minder Marokkanen'. Kan een onderwijzer zijn leerlingen waarschuwen voor de onverdraagzaamheid van de PVV? Of zou de PVV dan terecht kunnen klagen over politiek onderwijs?

"Laat de rechter zich er eerst over buigen. Dat is onze rechtsstaat: je hebt vrijheid van meningsuiting, maar tegelijkertijd is er een grens. Als er echt sprake is van discriminatie, biedt diezelfde rechtsstaat bescherming aan wie wordt benadeeld. We vragen scholen niet daarover een uitspraak te doen, maar het is wel heel relevant op school over dit soort dingen te praten."

De commissie-Schnabel bepleit openheid jegens andere culturen en religies - ook geen PVV-hobby.

"Het is belangrijk kennis te nemen van andere gezindten, zodat je weet wat anderen drijft en je je in hen kunt verplaatsen. Lang is er een zekere huiver geweest om hier een taak te zien van de staat, deels omdat de zuilen zich daar over ontfermden. Maar mensen vinden gemeenschap en zingeving niet meer vanzelfsprekend in kerk, synagoge of moskee. Daarom ligt hier toch ook voor het onderwijs - noem het de staat - een taak: vorm te geven aan wat goed burgerschap inhoudt. Wat zijn de dingen die we zo belangrijk vinden dat we daar nooit concessies aan doen? Vrijheid van godsdienst, van meningsuiting, het gelijkheidsbeginsel, noem het maar op. Soms botsen die, en hoe ga je daar dan mee om? Dat leer je niet uit een boekje, dat leer je door het in de praktijk te brengen, thuis, in de buurt en op school."

Dat de wereld van het grote geld een 'amoreel universum' vormt, zal niemand verrassen. Maar hoe staat het met de moraal in andere sectoren, van de accountancy tot het onderwijs, van de olie-industrie tot de wijkverpleging? Deel 7 van een serie.

Wie is Sander Dekker?

Sander Dekker (1975) studeerde bestuurskunde aan de Universiteit Leiden en werkte tot 2006 aan diezelfde universiteit als onderzoeker en docent. Van 2003 tot 2006 zat hij voor de VVD in de Haagse gemeenteraad, daarna was hij wethouder van onderwijs en van financiën en stadsbeheer. In 2012 werd hij benoemd tot staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschap.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden