Doden zijn geen vijand meer

Na de Eerste Wereldoorlog werd besloten een officieel drenkelingenkerkhof op Schiermonnikoog op te richten, vertelt Wyb Jan Groendijk. Hij beheert reeds lang het kerkhof Vredenhof en is volgens de eilanders autoriteit op dat gebied. ,,Bij zeeslagen bij de Doggersbank en het Skagerak kwamen in 1916 en 1917 veel Duitse matrozen om. De aangespoelde lichamen werden bij de Hervormde Kerk, middenin het dorp, begraven. Maar 1917 was een warme zomer en de geur werd nogal onprettig. Bovendien kregen de drenkelingen maar een eenvoudige kist. Het klinkt onsmakelijk, maar daar lekte van alles uit. Er moest dus een veldje buiten het dorp komen.''

Een boer en een paar oud-zeelieden overlegden in het middelpunt van het dorp, hotel Van der Werff, over de oprichting. Groendijk: ,,Hotelhouder Sake van der Werff wordt vaak ten onrechte beschreven als de enige oprichter. Maar hij regelde voornamelijk het geld. Het initiatief kwam van mannen als Cornelis Hoekstra en Wopke Fenega.''

Eigenaar van het eiland was in die dagen de Duitse graaf Von Bernstorff, wiens familie het eiland in 1892 had gekocht. De graaf schonk de grond voor Vredenhof. Na de Eerste Wereldoorlog lagen er twaalf Duitse matrozen, twee Britten en drie onbekende zeelieden begraven. Tussen de twee wereldoorlogen kwamen daar nog drie zeelieden bij.

Hotelhouder Van der Werff betaalde het onderhoud van Vredenhof. Als oud-zeeman voelde hij een band met de drenkelingen en hun families, en bovendien zag hij al vroeg in Vredenhof een toeristische attractie. Zo moest er een mooi lijkenhuisje komen. Met bedelbrieven aan directeuren die hij kende als gasten in zijn hotel, kreeg hij in 1924 dakpannen, stenen en verf bij elkaar. Wel wilde een aantal geldschieters op het huisje worden vermeld. Dit tot onvrede van oud-zeelieden die in Nieuwsblad van het Noorden schreven; 'Waar moet het heen, als zelfs de kerkhoven objekten worden van handelsreclame?' Het eerste slachtoffer van de Tweede Wereldoorlog op Vredenhof is RAF-vlieger Allan Wilson. Hij spoelde aan in november 1939, nauwelijks twee maanden na het begin van de oorlog. Daarna volgde, in augustus 1940, de gruwelijke vondst van drie eilanders die tijdens een zwempartij ineens tussen de stoffelijk overschotten van veertien Franse en vier Britse soldaten bleken te zwemmen. Deze waren, vanuit Duinkerken op de vlucht voor de Duitsers, op het Kanaal door mijnen of aanvaringen in de mist omgekomen.

Schiermonnikoog, dat toen zo'n 800 inwoners telde, was intussen bezet door 600 Duitse soldaten. Als gevolg van hevige luchtgevechten boven de Noordzee, spoelden tussen 1941 en 1944 ruim zestig vliegers aan die elk door de Duitsers met militaire eer werden begraven. Vredenhof werd al gauw te klein. Vanaf augustus 1940 werden ook achter het lijkenhuisje drenkelingen begraven. Canadezen, Australiërs, Fransen, Nieuw Zeelanders, Duitsers en Polen, vaak van nauwelijks twintig jaar oud, kwamen naast elkaar te liggen.

Voor de eilanders waren het strand en de duinen verboden gebied geworden. De Duitsers bouwden daar bunkers als onderdeel van de Atlantikwall. Alleen met Duitse toestemming mochten de Schiermonnikogers naar het vaste land. Dat verklaart wellicht de over het algemeen vriendelijke verhouding met de Duitse bezetter. Razzia's werden niet gehouden en in overleg regelde de NSB-burgemeester van het eiland, Simon Perdok, dat eilanders niet bij de Arbeitseinsatz werden ingezet, vertelt eilander Jan Holwerda. De eilanders voetbalden met de Duitsers en dronken met hen biertjes bij Van der Werff. Meisjes van het eiland werden verliefd op Duitse soldaten. ,,Aan de wal werden die vrouwen na de oorlog als moffenmeid kaalgeschoren'', zegt Henk Koning, voorzitter van de Cultuur-Historische vereniging van het eiland. ,,Hier doen ze nu gewoon boodschappen in het dorp en iedereen weet het. Dat is normaal voor Schiermonnikoog, zegt iedereen.''

Volgens Groendijk gebeurde op het eiland ongeveer hetzelfde als tijdens gijzelingen: op een gegeven moment krijgen de gegijzelden begrip voor de gijzelnemers. ,,Het was schipperen'', omschrijft Koning het. ,,Iedereen probeerde samen die oorlog door te komen. Tolerantie, daar draaide het om. In die zin past Vredenhof goed bij Schiermonnikoog.'' Bovendien was het eiland sinds de vorige eeuw in Duitse handen geweest, als eigendom van de familie Von Bernstorff.

Het was dankzij de druk die Sake van der Werff op de Duitse commandant uitoefende dat de drenkelingen met militaire eer begraven werden, beweren sommigen. Hij dreigde de financiering van het kerkhof te staken. Beheerder Groendijk gelooft dat niet. ,,De Duitsers die hier zaten, waren meest oudere marinemensen, uit het Noorden van Duitsland. Die waren wat gezapiger en als marinemensen ook traditioneler. Je hóórde dat gewoon te doen, vonden ze. Doden zijn geen vijand meer.''

Van der Werff heeft zich er in elk geval wel twee keer voor ingezet Vredenhof een rustplaats voor alle drenkelingen te laten zijn. In maart 1943 stortte de Canadese vlieger Arthur D. Cherkinsky neer. De Duitsers wilden hem vanwege zijn joodse afkomst, buiten Vredenhof begraven. Van der Werff zorgde ervoor dat hij er toch terecht kwam. ,,Weliswaar wat aan de rand en zonder militaire eer, maar toch.'' Ook een Duitse soldaat die zelfmoord pleegde, werd door toedoen van Van der Werff toch op Vredenhof begraven, zij het eenvoudig.

Met een opmerkelijke fascinatie fotografeerde Van der Werff alle drenkelingen en hun begrafenis. Stapels boeken heeft de huidige hoteleigenaar Fischer nog. ,,Foto's van half vergane lijken, de meest wanstaltige toestanden, heel gruwelijk.'' De foto's die Van der Werff maakte van de begrafenissen zond hij, zo mogelijk, als troost naar de nabestaanden. Wanneer die later een bezoek aan het graf van hun zoon brachten, poseerde Van der Werff bijna trots met hen op Vredenhof. Ook die foto's kwamen in zijn plakboeken. Naarmate de oorlog vorderde, vooral toen duidelijk werd dat Duitsland zou verliezen, werd het militair eerbetoon soberder, vertelt Groendijk. ,,De Duitsers hadden weinig zin meer om daar allemaal eilanders bij te hebben. En op foto's uit 1942 zie je zo'n honderd Duitsers militaire eer bewijzen, in 1944 zijn dat er misschien nog zes.'' Later in de oorlog wisten ook alleen de Duitse commandant, de dominee, de burgemeester en hoteleigenaar Van der Werff wanneer er een begrafenis was. ,,Op latere foto's staan soms alleen de vrouw van de burgemeester, Van der Werff met juffrouw Dien en wat meisjes van het hotel. Op een gegeven moment moest Van der Werff alles zelf regelen.'' De begrafenissen werden soberder, maar daardoor juist ook heel indrukwekkend, meent Groendijk.

Terwijl op 5 mei 1945 grote delen van Nederland al waren bevrijd, werd de situatie op Schiermonnikoog alleen maar nijpender. Zo'n 125 Nederlandse SS-ers en SD-ers die hadden huisgehouden in de stad Groningen, kwamen in april 1945 voor de Canadezen uit op het eiland in de val te zitten. De Duitse soldaten die er toen al jaren verbleven, waren bang dat de goede verhouding met de bevolking zou worden verstoord. Op 7 mei droeg de Duitse commandant Wittko het bestuur over aan de nieuwe burgemeester, Jan Weber, een oud-zeekapitein. De laatste Duitsers verdwenen pas op 11 juni 1945 van het eiland. Op oude foto's is te zien hoe een lange, ordelijke collone soldaten de pier af marcheert. Commandant Wittko loopt rechtop voorop. In de bocht van de weg staan twee jonge vrouwen in zomerjurkjes te kijken.

Schiermonnikoog werd in 1945 als 'vijandelijk bezit' eigendom van de Nederlandse staat. Nazaten van graaf Von Bernstorff probeerden nog lange tijd wanhopig hun gebied terug te krijgen. Een gravin komt een dezer dagen zelfs weer kennismaken met de nieuwe burgemeester van het eiland. Na de oorlog eisten de Duitse, Canadese, Amerikaanse en Franse overheden hun doden terug. Van der Werff probeerde dat via een brievenactie, tot aan koningin Juliana toe, te voorkomen. Begin augustus 1949 werden de lichamen van negen geïdentificeerde Franse soldaten naar het Franse oorlogskerkhof bij Goes overgebracht. De Duitsers, Canadezen en Amerikanen bleven.

De dakpannen van het lijkenhuisje glanzen in de zon. Binnen is het koel en droog. Aan donkere hanenbalken hangen trossen verkleurde rood-wit-blauwe linten en twee stoffige nep-bloemkransen. In zijn pak stapt hotelhouder Fischer over wat tuingereedschap en zoekt in een lange doos met oude, vierkante plaatjes van wit emaille; de originele gedenktekens. Op aandringen van de Oorlogsgravenstichting zijn die vervangen door marmeren. ,,Jammer'', peinst Fischer, ,,Dat was toch authentieker. Ook vanwege de teksten: 'Onbekend, gekleed alleen in blauwe werkbroek, bruine schoenen', dat bedacht Van der Werff allemaal.''

Bijna kwam het enige particuliere drenkelingen- en oorlogskerkhof in Nederland midden jaren tachtig in handen van de Oorlogsgravenstichting, vertelt Fischer, die ook voorzitter is van de stichting Vredenhof. ,,De oorlogsgravenstichting kwam met een zware delegatie naar het eiland, met onder meer de hofmaarschalk van de koningin. Ze kwamen met legerhelikopters, om die boeren op Schiermonnikoog eens een lesje te leren. Het gras op Vredenhof groeide niet goed, vonden ze. Daar moest groen gravel komen, en op de paadjes rood gravel.'' Fischer las de statuten voor, waarin staat dat de oorlogsgravenstichting alléén over de gráven van de geallieerden gaat. ,,Er viel een diepe stilte. Na een vriendelijk afscheid is de delegatie vertrokken. We hebben ze nooit meer gezien.''

De laatste drenkeling is in 1968 op Vredenhof begraven. Lichamen die nu nog aanspoelen, kunnen snel worden geïdentificeerd en vervoerd. Vredenhof is hoofdzakelijk een toeristische attractie geworden. Vooral nadat in 1984 het boek van Wibo van der Linden 'Het geheim van Vredenhof' werd verfilmd. Koning: ,,Dat gaf een run op Vredenhof. Eilanders waren bang dat de groepen schoolkinderen lawaai zouden maken en vernielingen zouden aanrichten. Maar zolang dat niet gebeurt, vind ik het in orde. Vredenhof is een oord van bezinning geworden. Het maakt mij niet uit of ze er nou via zo'n film opkomen om Vredenhof te bezoeken. Het feit dat mensen stilstaan bij de krankzinnigheid van oorlog, dat is belangrijk.''

Duitsers die tijdens deTweede Wereldoorlog op het eiland waren gelegerd, kwamen na de oorlog nog regelmatig langs. De vrouw van de toenmalige NSB-burgemeester, geboren op Schiermonnikoog, woont weer op het eiland. En jaarlijks wordt namens de weduwe van een Duitse piloot een krans op zijn graf gelegd. Toch doet vandaag alleen de dochter van een gesneuvelde Britse piloot mee aan de officiële dodenherdenking op Schiermonnikoog. De eilanders hebben geen bezwaar tegen de formele aanwezigheid van Duitsers bij de dodenherdenking. Groendijk: ,,Maar we moeten voorop lopen als dat in de rest van Nederland nog niet vanzelfsprekend is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden