DNB zet druk op de ketel in bankaffaire Icesave

Nederland en Groot-Brittannië claimen 3,5 miljard euro van IJsland om verjaring te voorkomen

Laait de al jaren slepende ruzie over de failliete spaarbank Icesave tussen IJsland enerzijds en Nederland en Groot-Brittannië anderzijds weer op?

Gisteren stuurde de uitvoerder van het IJslandse depositogarantiestelsel, TIF, plots een bericht uit waarin melding wordt gemaakt van een claim van ruim 3,5 miljard euro door Nederland en Groot-Brittannië. "We hebben momenteel 115 miljoen euro tot onze beschikking en dat hebben we aangeboden. Maar als de claim wordt toegekend is het duidelijk dat TIF moeilijkheden zal hebben om garant te blijven staan voor de huidige deposito's in IJsland", is de onvermijdelijke conclusie van het bericht.

Het is de zoveelste aflevering in de strijd die begon in oktober 2008, toen de IJslandse bank Landsbanki onderuitging. Via spaarbankdochter Icesave had die bank in een mum van tijd miljarden aangetrokken in Nederland en het Verenigd Koninkrijk, waar het met afstand de hoogste rente bood. Om paniek te voorkomen besloten de Britse en Nederlandse overheid spaarders alvast schadeloos te stellen - ook al moesten die zich daarvoor eigenlijk bij het IJslandse garantiestelsel melden.

In de jaren daarna bereikten Nederland en Groot-Brittannië meerdere keren een akkoord met IJsland over terugbetaling van dat geld, maar dat werd telkens door de IJslandse bevolking in referenda verworpen. In januari 2013 won IJsland nog een zaak bij het zogeheten Efta-hof, dat toeziet op naleving van EU-wetgeving in IJsland, dat een vrijhandelsakkoord heeft getekend met de EU.

Navraag bij De Nederlandsche Bank en het ministerie van financiën leert dat de claim al in november vorig jaar is neergelegd bij de IJslanders. "We wilden voorkomen dat de claim zou verjaren", zegt een woordvoerder van DNB. "Daarom vragen we volledige terugbetaling van het geld dat is uitgekeerd, plus wettelijke rente en de kosten die zijn gemaakt om de bedragen uit te keren." Maar, zo voegt hij eraan toe: "Dit staat los van de claim die ligt op de boedel van Landsbanki."

Tot nog toe kreeg Nederland al 811 miljoen euro van de in totaal 1,428 miljard terug uit de verkoop van bezittingen van Landsbanki. "En de verwachting is dat het hele bedrag uit de boedel betaald kan worden", aldus de DNB-woordvoerder.

Is de claim dan alleen bedoeld om de kosten van uitvoering - 7 miljoen euro - en mogelijke rente op het voorgeschoten bedrag te verhalen op het IJslandse depositogarantiestelsel? "Alles wat uit de boedel al terugkomt hoeft natuurlijk niet nog eens betaald te worden", stelt een woordvoerder van het ministerie van financiën. "Maar de claim ligt er om het IJslandse garantiestelsel aan te spreken als er toch tekorten zijn."

Tegelijkertijd wordt in internationale media gespeculeerd dat de sfeer tussen de landen op een nieuw dieptepunt is beland. De vorig jaar aangetreden premier Gunnlaugsson - eerder voorman van de nee-campagnes in de referenda over terugbetaling - neemt een veel harder standpunt in ten opzichte van buitenlandse schuldeisers dan de eerdere regering. Het land kent nog altijd strakke kapitaalcontroles, geen kroon verlaat het land zonder toestemming van de regering. Het zal nog jaren duren voordat de afwikkeling van Landsbanki zover is dat de schulden van Nederland en het Verenigd Koninkrijk afbetaald kunnen worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden