Dit keer mag uitzonderlijk zijn, het is al heel lang ingeburgerd

Taalvragen van lezers:

666 'Keer' is een mannelijk de-woord. Toch hoor je ook geletterden vaak 'dit keer' zeggen in plaats van 'deze keer'. Mij lijkt dit niet toelaatbaar.

Als keer niet alleen doorgaans, maar altijd mannelijk was, zou dit keer (in plaats van deze keer) inderdaad even onaanvaardbaar zijn als dit man, dit vrouwenbond of dat gemeenteraad. Toch is dit keer allang goed Nederlands.

"Dit keer was het socialistisch element overheerschend geworden", schreef al omstreeks 1880 de econoom H. P. G. Quack in zijn monumentale 'De socialisten'.

Curieus genoeg blijft keer een de-woord wanneer er een woord als eerste of volgende aan voorafgaat: de / die / deze eerste keer. De Nederlandse Taalunie en de adviseurs van Onze Taal keuren ook dat keer af, al lijkt het me in de spreektaal niet ongewoon (dat keer niet, maar dit keer wel). Het laatste geldt ook, denk ik, voor een formulering als vooruit, voor dit keer dan, die Onze Taal eveneens verwerpt.

Keer moet in dit uitzonderingsgeval een het-woord, dus onzijdig, zijn geworden onder invloed van maal in dezelfde betekenis. Dat werd al in het Middelnederlands zowel onzijdig als vrouwelijk gebruikt. Nog steeds kunnen we zowel dit maal (doorgaans geschreven als ditmaal) als deze maal zeggen. Die maal kan weer niet en dat maal ('die keer') is verouderd.

Zetten we er een telwoord of een bijvoeglijk naamwoord voor, dan is maal, net als keer, altijd een de-woord: die / deze eerste maal, 'dat was de eenige maal, dat zij samen uitgingen', schreef Louis Couperus in 'De Boeken der kleine zielen'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden