Dit clubhuis moet naar energielabel A

Het Energieakkoord is kinderspel bij wat daarna komt: in 2050 moet de Nederlandse energievoorziening volledig duurzaam zijn.

Eerst een blik in de nabije toekomst: de oude kolencentrales zijn ingewisseld voor duizenden windmolens, zowel op land als in zee. Een huis met zonnepanelen is eerder regel dan uitzondering. De elektrische auto is eindelijk doorgebroken. We wonen in beter geïsoleerde huizen. Boeren en tuinders halen steeds meer energie uit de grond.

Dit is het Nederland van 2020. Althans, als alle doelen uit het Nationaal Energieakkoord worden gehaald. De voortgang piept en kraakt, maar verantwoordelijk minister Henk Kamp (VVD, economische zaken) heeft er nog steeds vertrouwen in.

Stel dat het lukt. Stel dat het maatschappelijk verzet tegen windmolens luwt en het energieakkoord een klinkend succes wordt. Dan is er allerminst reden om rustig achterover te leunen. De energietransitie staat pas in de kinderschoenen. Nederland moet in 2050 een volledig duurzame energievoorziening hebben. Vergeleken bij deze opdracht is het uitvoeren van het energieakkoord kinderspel.

Eind vorig jaar kreeg de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli), een belangrijke adviseur van de regering, bericht van minister Kamp. Kortgezegd: "Het kabinet had hulp nodig", zegt Henry Meijdam, voorzitter van de raad. Kamp wilde weten hoe de CO2-uitstoot in 2050 met 95 procent kan worden gereduceerd ten opzichte van 1990. Dat moet voldoende zijn om als land volledig duurzaam te opereren.

Het rapport van de Rli, de uitkomst van acht maanden onderzoek, is gisteren aangeboden aan Kamp. Zijn reactie volgt later. Belangrijk is, zegt Meijdam, "dat ons werk niet moet verzanden in een discussie of dit een links of rechts rapport is." De commissie die het onderzoek verrichtte is mede om die reden ook breed samengesteld: D66-senator en voormalig directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau Paul Schnabel is lid. Net als Marga Hoek, directeur van de Groene Zaak. Meijdam zelf is VVD'er, voorheen gedeputeerde in Noord-Holland en burgemeester in Zaanstad.

De commissie geeft, heel voorzichtig en op basis van literatuur, een schets van de mogelijke energievoorziening in 2050: 80.000 windmolens op land, meer dan driehonderd vierkante kilometer aan zonnepanelen op honderdduizenden daken en zonneweides, meer dan duizend bio-energieinstallaties, honderden aardwarmtepompen en vele honderdduizenden warmte-koude-opslaginstallaties. "Een beestachtig zwaar traject uit oogpunt van draagvlak", aldus Meijdam.

De onderzoekscommissie stelt om te beginnen fijntjes vast dat 'sinds 1990 de CO2-emmissie van de energievoorziening niet is gedaald, ook al voert Nederland al minstens twee decennia klimaatbeleid'. In de woorden van Meijdam: "Het stokt. Een gigantische omwenteling is nodig."

Snelheid

Om te beginnen, vindt de Rli, moet de CO2-reductie in een wet worden vastgelegd. Net als in Engeland en Denemarken het geval is. Dat moet een einde maken aan de eindeloze (politieke) discussies over de snelheid waarmee de transitie zou moeten plaatsvinden. Een 'regeringscommissaris' moet erop toezien dat iedereen zich aan de afspraken houdt. Deze moet direct onder de minister van economische zaken vallen, of wellicht zelfs onder de premier.

Opvallend is dat de Rli volledig inzet op de CO2-reductie en de twee andere klimaatdoelen (energiebesparing en duurzame energie) niet meeneemt. Milieuorganisaties zijn fel gekant tegen het loslaten van deze twee doelen. Meijdam: "CO2-reductie is onze hoofdopdracht. Al het andere is ondergeschikt aan dat ene te bereiken doel. Als wij als raad bijvoorbeeld bepleiten dat de energiebesparing in de industrie zoveel moet zijn, leggen we nu al verplichtingen op. Terwijl wij niet weten wat er in de toekomst allemaal mogelijk is." Met andere woorden: de energieverbruikers moeten hun handen zoveel mogelijk vrij hebben om op hun eigen manier de CO2-uitstoot te verkleinen.

De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur rept dan ook over 'een trendbreuk' die nodig is. De energiediscussie moet niet langer gaan over het aantal te bouwen windmolens of percentage biomassa dat mag worden bijgestookt in centrales.

Meijdam vindt dat de verantwoordelijkheid hoe de uitstoot van broeikasgassen kan worden verminderd in de eerste plaats bij de veroorzaker moet liggen. Niet bij de overheid.

De raad onderscheidt de volgende groepen: lage temperatuurwarmte (de gebouwen), hoge temperatuurwarmte (de industrie), transport en mobiliteit en ten slotte verlichting, apparaten en ict. Aan alle vier zijn vervuilers te koppelen. Deze moeten, ieder op hun eigen tempo, dat CO2-doel halen.

De gebouwde omgeving, de eerste groep, moet in 2035 geheel energieneutraal kunnen zijn, denkt Meijdam. "Alle technieken zijn voorradig." Het is zaak dat burgers zich gedwongen voelen hieraan mee te werken. Meijdam: "Wij als raad willen bijvoorbeeld dat iemand die energielabel E heeft voor zijn woning een bepaald aantal jaar de gelegenheid krijgt om op A te komen."

Voor de andere drie groepen is de uitdaging nog veel groter. Het lastige is dat nu nog niet valt te zeggen hoe de technieken in de industrie, het vervoer en rond het gebruik van elektriciteit zich de komende decennia ontwikkelen. Juist daarom vindt Meijdam dat het kabinet veel meer geld moet uittrekken voor innovaties. Hij denkt aan 200 tot 300 miljoen euro structureel. Alleen met nieuwe, energiezuinige technieken komt de CO2-opdracht in zicht.

Precies om die reden wil de commissie zich niet vastleggen op bepaalde energiebronnen. Die 80.000 windmolens kunnen er ook tweeduizend worden. Meijdam: "Wellicht verdwijnen ze helemaal omdat er betere alternatieven komen. We hebben eerlijk gezegd geen idee wat er qua techniek op ons afkomt. Er wordt nu bijvoorbeeld geëxperimenteerd met autolak die tevens zonne-energie opwekt. Geweldig!"

Opvallend is dat de commissie ook kernenergie niet afwijst. Er wordt gewerkt aan een nieuwe generatie thoriumreactoren, benadrukt Meijdam. "Dat kan kernenergie interessant maken als schone energiebron." Volgens de Rli-voorzitter is de valkuil dat de overheid precies vertelt hóe dat CO2-doel gehaald moet worden: "Zoiets belemmert de creativiteit van burgers en bedrijven. En, niet onbelangrijk, het zal de weerstand tegen verduurzaming vergroten." Greenpeace vindt dit de zwakte van het rapport. Het advies is volgens de milieuorganisatie te vrijblijvend.

De transitie zal pijn doen, voorspelt Meijdam. En veel geld kosten. Denk aan de lage energiebelasting die de industrie nu nog betaalt. Onhoudbaar, vindt de commissie. Maar ook burgers moeten massaal overschakelen naar een leven zonder CO2-uitstoot, met alle kosten die daarmee gemoeid zijn.

Meijdam zegt: het is haalbaar. De overheid (lees: de regeringscommissaris) zal het CO2-doel streng moeten bewaken. Als het niet opschiet, is ingrijpen van hogerhand onvermijdelijk. Een klimaatwet helpt daarbij. "De urgentie zal tot in de steden, dorpen, wijken en straten moeten doordringen", zegt Meijdam. "Dat is een taak van de overheid. Het mag niet beperkt blijven tot een intellectuele elite."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden