Dilemma's van een reisgidsschrijver

Een reisgids voor Brazilië is zoiets als een gids voor West- en Midden-Europa samen. Een klein stukje Amazonegebied geeft, zoals de provincie Toscane in Europa, genoeg stof voor een heel naslagwerk. Maar omdat er reizigers zijn die Brazilië 'doen', wilde uitgeverij Gottmer een totaalgids in haar Dominicusreeks. Marcel Bayer schreef hem.

De man die zo vriendelijk had aangeboden om hun de sloppenwijken van Recife te laten zien, bleek een ex-nazi. In zijn aktentas zat een geweer. “We waren bang dat we niet van hem af zouden komen, hij had al een hotelkamer voor ons geregeld. Uiteindelijk kregen we hem zover dat hij ons afzette bij het bureau van een soort vredesbeweging.” Geograaf-journalist Marcel Bayer vertelt over zijn eerste Brazilië-reis, met rugzak, in 1981.

Wie Bayers in 1994 verschenen gids navolgt, raakt niet snel in zoiets verzeild. De schrijver putte zich uit in het vinden van betrouwbare adressen voor rondleidingen, voor luxe en iets minder luxe slaapplaatsen. Hij waarschuwt voor diefstal, zakkenrollen en berovingen en legt omstandig uit hoe je je waardepapieren moet dragen. “In goedkope hotels is het vaak onveilig”, zegt hij, “Dat is een dilemma als je zo'n gids schrijft.”

Hij maakte vijf keer een grote reis door het land, de laatste twee keer, met fotograaf Jan Stegeman, op kosten van de reisorganisatie 'Varig'. Die twee reizen gingen ook langs luxe stranden, pretparken en een jungle-hotel waar je aapjes kunt voeren. Een volkomen andere tocht dan Bayers eerste. Met een studievriend had hij toen contact gezocht met missionarissen. “Nederlandse paters, sommigen al getrouwd, die midden in sloppenwijken of in het oerwoud woonden. Daar konden we slapen en mensen ontmoeten.” Ze voeren mee met een bierboot, op de Amazone. Bayers hangmat hing boven de machinekamer; hij deed geen oog dicht.

Terug in Nederland schreven de twee geografen een sociaal bewogen lesboek met diaserie over de sloppenwijken en de straathandel. Bayer was intussen verliefd geworden op het land. Op de muziek, het leven op straat, de warmte. Als hij dat probeert uit te leggen, regent het bijvoeglijke naamwoorden. Fantastisch, zwoel, warm, swingend, schitterend: “Het is zo'n ongelooflijk rijk land. Rijk aan cultuur en natuur, bedoel ik. En dat stralen die mensen uit. Dat is ook een beetje het probleem. Ze wuiven problemen weg. God zal voor ons zorgen, zeggen ze vaak.”

NEDERLANDERS

In de inleiding schrijft Bayer eerlijk dat het boek 'het begin van een eerste kennismaking' is. Noodgedwongen maakte hij een selectie. Rio de Janeiro, Sao Paulo, Bahia met zijn Afrikaanse cultuur, Recife waar Nederlandse invloeden te zien zijn, twee uitvalsbases in het Amazonegebied, het natuurgebied Pantanal en het mijnbouwgebied in het midden. De gids is bedoeld voor individuele reizigers en mensen die, in een groep reizend, ook zelf dagtochten maken. Bayer raadt de huurauto aan als vervoer, maar informeert ook over bussen.

Het kostte hem een jaar om, rekening houdend met de richtlijnen van de uitgever, alles in de gids te stoppen wat hij belangrijk vond. Hij kreeg veel vrijheid, zegt hij, en hoefde dus niet ieder kerkje op te nemen. De eerste 73 bladzijden zijn gewijd aan geschiedenis, politiek, economie, geologie, natuur, kunst en cultuur. Door alle statistische gegevens en geciteerde deskundigen, lijkt dit deel een beetje op een aardrijkskundeboek. De andere hoofdstukken zijn persoonlijker, met impressies opgedaan tijdens - ook vermelde - wandelroutes. Ronduit lyrisch is Bayers lofzang op het carnaval. Hij vertelt er wel bij dat het een grotendeels elitaire aangelegenheid is en noemt buurten van Rio de Janeiro waar het nog wat eenvoudiger toegaat.

Op de vraag wat er aantrekkelijk is aan een miljoenenstad als Rio, barst hij uit: “De ligging, aan die baai! Ik denk dat niet één stad ter wereld er zo mooi bij ligt. En waar zie je zulke mooie mensen, gewoon in badpak boodschappen doen? Je moet het echt een keer zien.”

STRAATKINDEREN

En de ellende?

“De tegenstellingen zijn groot. Ik heb daar opgetrokken met een Nederlander die onder de straatkinderen werkt. Op een terras kwamen kinderen naar ons toe. Een van die jongens, hoorde ik, werd een dag later vermoord. Dat heeft me erg aangegrepen. Maar ik krijg ook steeds meer oog voor hoe inventief mensen daar zijn. Een jongen die een electromotortje aan zijn fiets monteert en daar op straat messen mee slijpt. Iemand met een grote koffiemachine op zijn rug, die kleine bekertjes uitschenkt voor automobilisten bij een stoplicht...”

Bayer onderstreept dat toerisme een bron van inkomsten is, maar dat de bevolking er ook onder lijdt. Vissers die weg moeten als een strand omgetoverd wordt in een soort Benidorm. Straatkinderen die in sommige hotelwijken vogelvrij zijn. Het staat allemaal in zijn gids. Een ander dubieus verschijnsel is het ecotoerisme. “Daar wil ik in de herdruk meer aandacht aan besteden, want de beunhazen rukken op. Wij zouden vorig jaar in de buurt van Manaus opgewacht worden door een gids. Een concurrent van hem pikte ons op en nam ons, je gelooft het niet, met een speedboot mee de Amazone op.”

Eerst komt een herdruk die Bayer vanuit Nederland, met een soort Michelin-gids in de hand, bijwerkt. Hij voegt ook iets toe over de presidentsverkiezingen en het wereldkampioenschap voetbal. In 1996 gaat hij terug voor de derde druk. “Rijk word je er niet van, hoor”, zegt hij. “De eerste druk, drieduizend exemplaren, haalt me net uit de kosten.” Hij zou graag regio-gidsen schrijven, met wat meer diepgang. Over het natuurgebied Pantanal bijvoorbeeld, of over Rio de Janeiro. Maar daarvoor is de markt nog niet groot genoeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden