Dijksma zoekt naar rust in het veld

interview | Een nieuwe Natuurwet moet de achteruitgang keren. Beschermers, boeren én burgers dienen samen te zorgen voor een grotere soortenrijkdom.

HANS MARIJNISSEN EN BART ZUIDERVAART

Dat viel even tegen. Sharon Dijksma had gehoopt op een klaterend applaus, maar er klonk kritiek. En pittige ook. Een maand geleden presenteerde de PvdA-staatssecretaris van economische zaken de 'Rijksnatuurvisie', haar kijk op het natuurbeleid van de toekomst. De kern: natuur moet nadrukkelijk een onderdeel van de samenleving worden. Haal het uit de vitrine. Natuur en economie kunnen elkaar uitstekend versterken, terwijl het Rijk zich langzaam terugtrekt.

De reactie van directeur Johan van de Gronden van het Wereld Natuur Fonds was niet mals. "Dijksma haalt de VVD rechts in", vindt hij. "De staatssecretaris doet alsof iedereen in grote harmonie leeft met de natuur, alsof onze economie rekening houdt met ecologische processen. Maar Nederland is kampioen biodiversiteitverlies in Europa."

Vervelende kritiek

"Het hoort erbij."

Van de Gronden mist in deze visie de stempel van uw eigen partij. Hij noemt uw nota 'neoliberaal'.

"Volgens mij spreken de feiten voor zich. Hij mag me beoordelen op mijn beleid, op wat ik lever. Ik raad hem aan te kijken wat er onder mijn leiding is gebeurd. En nog gaat gebeuren."

Sharon Dijksma is nu anderhalf jaar staatssecretaris. Sinds haar aantreden kampt ze met hoge verwachtingen uit de natuurwereld. De PvdA'er zou wel even afrekenen met het 'afbraakbeleid' van Henk Bleker (CDA).

In het regeerakkoord tussen VVD en PvdA werd vastgelegd dat er een nieuwe Natuurwet zou komen die een streep zet door de plannen van haar voorganger. Deze wet vervangt de Natuurbeschermingswet, de Flora- en faunawet, en de Boswet. Al die wetten zijn verouderd en te ingewikkeld.

In haar werkkamer op het ministerie van economische zaken vertelt Dijksma met aanstekelijk enthousiasme dat ze trots is op de Natuurwet. Het wetsvoorstel gaat vandaag naar de Tweede Kamer. De wet moet de 'tand des tijds' doorstaan, vindt ze.

"Er is rust nodig in dit hele veld. Mijn kleinkinderen en hún kinderen moeten kunnen genieten van goed beschermde natuur. Het is niet de bedoeling dat wanneer er straks een onvermijdelijke politieke wisseling van de wacht komt, iemand gelijk een nieuwe wet wil maken. Daar heb ik dit werk niet voor verzet."

Wat is er zo vernieuwend aan deze Natuurwet?

"Om te beginnen leggen wij de term 'intrinsieke waarde' vast. Dat betekent dat wij vinden dat de natuur waardevol is van zichzelf; mens en maatschappij hoeven er niet altijd van te profiteren. PvdA, D66 en GroenLinks hebben vorig jaar de initiatiefnota 'Mooi Nederland' geschreven waarin staat dat intrinsieke waarde een plek in de Natuurwet moet krijgen. Daar ben ik ze dankbaar voor. Ik ben dat met deze partijen eens. Het is een belangrijk principe."

Meer symbolisch dan juridisch eigenlijk.

"Juridisch kun je er inderdaad weinig mee. Soms is symboliek van grote waarde. Zie het als een moreel kader."

U hebt de taak de natuurbescherming aanzienlijk te verbeteren. Het verlies aan planten- en diersoorten moet stoppen. Hoe regelt u dat?

"Ik wijs sinds mijn start hier op het departement in aardig tempo zogeheten Natura 2000-gebieden aan. Daar geldt een hoge mate van internationale bescherming. Ik heb nu 93 gebieden vastgelegd, waardoor we in totaal op 151 komen. Nog negen te gaan. Het betekent dat we in deze kabinetsperiode een heel grote bijdrage leveren aan de basisbescherming van belangrijke natuur. Ik ben blij dat we nu de Veluwe aan de lijst kunnen toevoegen. Toch een bijzonder en aansprekend gebied."

Die Natura 2000-gebieden zijn niet voldoende om zelfs aan de minimumbescherming van de natuur te voldoen die Europa verlangt. Op dit moment lukt het alleen om de achteruitgang van de natuur te vertragen. De winst moet juist worden gehaald in andere gebieden, waar ook economische belangen spelen: landschappen, het agrarisch gebied. Gaat u daar strenge eisen stellen?

"Het natuurbeleid is inmiddels gedecentraliseerd naar de provincies. Zij hebben de regie over de natuur binnen hun grenzen, met uitzondering van de Natura 2000-gebieden. Ik verlang van de provinciebestuurders dat ze hun natuurbeleid vastleggen in een visie.

"Ze krijgen de ruimte om zelf gebieden aan te wijzen die het predicaat 'bijzonder' verdienen. Die noemen we dan 'Provinciale Natuurgebieden'. Dat kan dus gaan om bepaalde cultuurhistorische landschappen. Om Kinderdijk bijvoorbeeld. Deze wet steunt hen om dit goed te beschermen."

De provincies bepalen, maar u bent eindverantwoordelijk zodra ze tekortschieten. Waarom wilt u dit?

"Op het moment dat je decentraliseert, geef je vertrouwen. En dat moet je uitstralen. Het is niet nodig om van hogerhand een regime op te leggen."

Wat als provincies falen?

"Vorig jaar hebben het Rijk en de provincies het zogenoemde 'Natuurpact' gesloten. Daarin hebben we afspraken gemaakt over de overheveling van taken en het herstel van de biodiversiteit. Daar zit geld aan vast, deze hele kabinetsperiode 800 miljoen euro voor natuurbeleid.

"Provincies zullen zich daaraan houden. Ik heb er vertrouwen in dat zij een belangrijke bijdrage zullen leveren. Vergeet ook niet we hier niet alleen over natuur praten. Denk ook aan de landbouw. Agrariërs zullen zich veel meer moeten richten op biodiversiteitsdoelen."

Het platteland moet aansluiten, vindt u.

"Jazeker. Je hebt nu harde rode en groene grenzen. In het gebied ertussen zitten veel meer mogelijkheden dan we nu pakken. Het oude agrarisch natuurbeheer was hopeloos bureaucratisch en niet efficiënt. Maar er komt een nieuw stelsel aan. Een enorme operatie. Het landbouwbeleid moet en zal groener worden. Hier geldt ook de kunst van de verleiding. Boeren moeten het idee hebben dat vergroening zinvol is. Agrariërs moeten niet denken: Het is te ingewikkeld, laat die vergroeningspremie maar zitten. Kijk, uiteindelijk ben ik verantwoordelijk voor die biodiversiteitsdoelen. Maar ik ben ervan overtuigd dat het lukt."

Een belangrijk punt in uw wet is de jacht. Wat verandert er voor jagers?

"In de toekomst kan jacht alleen nog met een afschotplan plaatsvinden, door de provincie goedgekeurd. Hierdoor creëer je een duurzame jacht. Zo noem ik het."

Er is een wildlijst met vijf vrij bejaagbare dieren: haas, konijn, houtduif, wilde eend en fazant. Met een jachtvergunning mag je daarop schieten. Dat verandert dus niet.

"Nou, dat kan straks niet zomaar meer. Je moet voldoen aan een beheerplan. Provincies houden daar toezicht op. In zo'n plan is vastgelegd hoeveel er in dat gebied gejaagd mag worden. De populatie wordt geteld. Er zijn restricties."

In de eerder genoemde initiatiefnota Mooi Nederland van PvdA, D66 en GroenLinks staat dat die wildlijst moet worden afgeschaft. De partijen vinden dat er in Nederland geen ruimte is voor plezierjacht. Waarom voelt u daar niet voor?

"Zo'n afschotplan, waar jagers aan moeten voldoen, zorgt er voor dat we kunnen regelen dat de jacht duurzaam is. Het moet planmatig gebeuren. Bijvoorbeeld in het kader van populatiebeheer of schadebestrijding. Ik grijp wel degelijk in.

"Mijn voorganger wilde de wildlijst juist uitbreiden met dieren als het damhert en het wilde zwijn. Dat idee schrap ik. De provincies krijgen de regie hoe de jacht nu verantwoord kan plaatsvinden. En bij dit gevoelige onderwerp vind ik het ook belangrijk dat er groot draagvlak is voor mijn besluit. Als je een wet wilt maken die langer meegaat dan vandaag, moet je hier rekening mee houden."

U bedoelt dat de coalitiepartner VVD het schrappen van de wildlijst niet steunt. En daar luistert u naar.

"Ik denk dat je het niet mag verengen tot één politieke partij. Ik hoop dat er in de samenleving en in beide Kamers echt brede steun te vinden is voor deze wet. Er zijn nog wel een paar partijen te bedenken die u niet genoemd heeft en die zich in dit voorstel moeten kunnen herkennen. Laat ik het zo zeggen: ik ga voor vijftig tinten groen."

Er is een Kamermeerderheid voor het stopzetten van de plezierjacht.

"Laat dat debat maar komen. Ik denk dat we hier met een evenwichtig verhaal komen. Als het anders moet, dan hoor ik het wel. Het is een onderwerp dat heel veel emotie oproept. Dat begrijp ik ook. Ik kom uit een partij waar die emotie voelbaar is. Tegelijkertijd probeer ik iets neer te leggen dat nog even meekan."

undefined

Het gaat al goed als de achteruitgang wordt geremd

Gaat het met de terugkeer van de zeearend en de zilverreiger nou beter met de Nederlandse natuur, of is er reden voor blijvende zorg? Het is maar hoe je het bekijkt. Wie een eeuw terugblikt, moet constateren dat 85 procent van de planten- en diersoorten uit Nederland is verdwenen. Nederland bungelt in het kwaliteitslijstje van Europese landen onderaan: alleen in Malta gaat het nog slechter. Hoewel er fors wordt geïnvesteerd in de beschermde natuurgebieden, is de achteruitgang het grootst op het platteland, dat 62 procent van Nederland beslaat. Door de industrialisering van de landbouw is de soortenrijkdom in de stad momenteel groter dan die daarbuiten. Gemiddeld gesproken gaat de natuur in Nederland nog steeds achteruit, al is de achteruitgang door alle maatregelen geremd.

Nederland heeft in het verleden allerlei internationale verdragen ondertekend met daarin de verplichting dieren en planten niet nog verder te laten wegzakken. Ook is er aansluiting bij Natura 2000, een samenhangend netwerk van beschermde natuurgebieden in de Europese Unie (EU). In totaal zal het netwerk ongeveer 450.000 vierkante kilometer omvatten. Eenmaal aangewezen gebieden blijven in principe voor altijd als natuurgebied voortbestaan. Nederland rijgt die internationaal beschermde natuurgebieden aaneen in het Nationaal Natuur Netwerk. Staatssecretaris Dijksma wijst nu in versneld tempo deze natuurgebieden aan, maar probeert hiermee slechts een achterstand in te lopen. Nederland had dit proces al in 2010 afgerond moeten hebben. Uiteindelijk zal dit netwerk 17,5 procent van Nederland beslaan.

Toch zal de winst voor de natuur niet uit deze gebieden komen: die werden immers al goed beheerd. Om de natuur weer te laten toenemen, zal het platteland ecologisch heroverd moeten worden. Daardoor nemen de negatieve invloeden van de landbouw op de omliggende natuur af (zoals de stikstofneerslag en verdroging) maar moet ook de kwaliteit van het platteland zelf toenemen. Dijksma probeert met een nieuw subsidiestelsel voor 'agrarisch natuurbeheer' de boeren zo ver te krijgen meer rekening met natuurlijke processen te houden. Tegelijk prikkelt ook Brussel agrariërs de landbouw te verduurzamen. Zij komen pas voor Europese inkomenssteun in aanmerking als zij een bepaald deel van hun grond voor natuur vrijmaken of op een andere manier vergroenen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden