DIGNA VAN BOETZELAER Van danspodium naar rechtszaal

In de balletkunst is Myrthe, koningin der Willis het symbool van recht door wraak. De aanvoerster der meisjes die voor hun huwelijk misleid werden en stierven, vonnist meedogenloos en zonder genade. Myrthe is officier van justitie en rechter tegelijk. Klassejustitie kent zij niet en alleen de maan is getuige a decharge in de tweede acte van Giselle. Voor de zon moet Myrthe wijken.

EVA VAN SCHAIK

In 1980 heeft de balletafdeling van het Koninklijk Conservatorium te Den Haag een schitterende Myrthe aan het ballet onthouden. Zo leert de documentaire 'De volgende stap', die vanavond (Ned. 3, 20.21 uur) door de NOS wordt uitgezonden. .

Dertien jaar geleden was Digna van Boetzelaer leerlinge van de Haagse balletacademie: een hoopje ellende want ze kreeg, amper zestien jaar oud, te horen dat haar lichaam niet toestond dat ze beroepsdanseres zou worden. Nu is zij in de leer voor officier van justitie of rechter bij de Haagse rechtbank en maakt zij via een omweg van haar harde leerschool gebruik.

Onlangs eiste zij gevangenisstraffen van een tot zes maanden of overeenkomstige dienstverlening voor de 25 studenten van de 8 mei-rellen in Den Haag. De rechter stemde daar mee in.

Kortom, haar danspodium werd de rechtszaal en ze genoot ervan 'recht te doen', met witte bef, zwarte toog, pareltjes in de oren en tegenover de met journalisten gevulde tribune. Haar ooit gekoesterde droom kreeg geen fatale domper, maar nam wel een onverwachte wending. Hoewel...

onverwacht?

Haar natuurlijke gezag bleef niet onopgemerkt bij haar beoordelaars.

Ondanks een opkomende griep straalt zij ook thuis, opgekruld op de bank en tussen het speelgoed van haar twee koters, een kordaat zelfbewustzijn uit: een charmante officier van justitie in wording, die met autoriteitsconflicten weet om te springen, gul kan lachen en zich sans gene op haar analytisch vermogen beroept. Sigaretten bij de hand, want ook van die danserfenis nam zij geen afstand.

Vervolg

Met de documentaire 'De volgende stap' van Marijke Jongbloed wordt het vervolg getoond van 'Stap voor stap', de film waarmee Jongbloed dertien jaar geleden van de Amsterdamse filmacademie afstudeerde. Ook die film werd door de NOS uitgezonden, en op veler verzoek zelfs tweemaal.

Heel wat ouders zullen bij die ontluisterende registratie van de dagelijkse gang van zaken aan de Haagse balletacademie gedacht hebben: moge mijn kind dit bespaard blijven, want de hier gekweekte frustraties zijn een te hoge tol.

Jongbloed bracht de 10 tot 18jarige leerlingen, als ook hun geplaagde ouders en ploegende docenten, tamelijk meedogenloos in beeld. Een promotiefilm was deze slavenmarkt voor kunstslagers zeker niet en dat werd Jongbloed ook niet in dank door de balletwereld afgenomen.

Zij stelde de kweek van egocentrisme, de vergaande onderwerping aan tucht, de afhankelijkheid van persoonlijke willekeur der docenten aan de kaak. De droom van een ballerina in spe werd voorgesteld als het begin van een nachtmerrie.

Hoogtepunt in die film van dertien jaar geleden was een genante docentenvergadering en het gesprek met drie daarin afgewezen meisjes.

Twee konden nauwelijks iets zeggen, maar Digna van Boetzelaer toonde zich toen al verbaal begaafd.

Ze kon precies aangeven wat ze erg vond: het afgescheurd raken van de beschermende nestwarmte, de solidariteit met haar vriendinnen, de angst voor het zwarte gat dat zich opende, het verdriet van de opgelopen frustratie. En de oudere kijker begreep dat tijd deze wonden zou helen.

Die meid was op haar toekomst voorbereid, al moest zij dat zelf nog ervaren.

'De volgende stap', de tweede film van Marijke Jongbloed, waarmee zij onlangs de eerste prijs op het Dance Screen 1993 contest in Frankfurt won, levert het overtuigende bewijs, dat de wonden zijn geheeld. In deze tweede film ging Jongbloed ook op zoek naar de balletdroom bij zes andere Haagse balletkinderen uit 1980.

Zij moest daarvoor naar New York, Brussel, Barcelona, Amsterdam en Den Haag. De filmbeelden uit 1980 dienen nu als flashbacks en wat haar opzet mede doet slagen is haar daarmee opgeroepen beroep op het tijdsbesef van haar publiek. Ook wij zijn dertien jaar ouder en dommer.

Gracieuze giraffe

Ilja, het achtjarige langpootmugje met opgezwollen halsaderen draaft nu als een gracieuze giraffe bij het Scapino Ballet en kan absoluut niet zeggen wat haar bezielt. Tussen lichaam en hoofd zit een onneembare barriere.

Lydia, haar medeleerlinge met vlechtjes ziet zichzelf op grootbeeldscherm op de gevel van het Metropolitan Opera House in New York, als danseres van het New York City Ballet. A star was born in The Hague. In haar appartement naait ze linten aan haar spitzen, met haar opgezwollen voeten in een bak ijs. Deze twee superslanke vrouwen zagen hun droom bewaarheid.

Heel anders verging het de zeer begaafde Mathilde. Een spontane schat die al op haar derde wist dat ze of non of ballerina zou worden, geen tussenweg mogelijk. Ze verkeek zich op de pijlen van Cupido, die haar achter op de motor van Armando naar Barcelona brachten. Ze werd moeder, spreekt vloeiend Spaans en danst weer. Echter niet bij het Danstheater op de wereldpodia, maar in een non descript zaaltje, ergens in Barcelona.

Ongelukkig is ze niet.

Belle, die haar naam zoveel eer aandoet, had al in 1980 een aanleg, die haar ook tijdens haar loopbaan bij Het Nationale Ballet zou opbreken. Zij koos voor isolement in de onderlinge concurrentie en heeft de genezende waarde van Tai Chi ontdekt. Ze trok zich terug op een requisietenzolder in Brussel en liet zich in mooie en mystieke poses bij een fontein opnemen. Hoe zij zich financieel bedruipt, laat de film helaas buiten beschouwing.

De enige jongen van het stel is Reinbert, de jarenlang door Rudi van Dantzig uitverkoren blonde cherubijn, die in werkelijkheid het liefst onder een motor ligt. Hij kreeg er genoeg van, werd wakker geschud door een nekblessure en auditeerde bij 'Cats'. Jongbloed deed met hem een gouden keuze, want Reinbert haalde de chorusline en vond een nieuwe bestemming: de cherubijn werd cat.

Zonder wrok

De onverwachte opsteker van deze documentaire is toch wel Digna. Zonder wrok kijkt zij als werkende moeder naar haar ballettijd terug. In een tweede leven zou ze het opnieuw proberen, maar voor haar staat vast dat dansperiode een toegevoegde waarde aan haar leven gaf.

“Ik ben een ambitieus type en heb aanvaard dat ik met mijn lichaam de top niet bereiken kon. Zoals dat bij zoveel danseressen voorkomt, was mijn gewichtsprobleem op slag over toen ik wist dat de droom niet uit zou komen. Ik houd van analyseren, heb het idee dat die toen ervaren discipline, dat beroep op concentratie en performance-kwaliteiten me alleen maar geholpen hebben bij wat ik nu ben en doe.”

“Ik heb na de balletacademie gelukkig maar twee jaar VWO moeten doen.

Als ik dat zes jaar had moeten volhouden, was ik er misschien wel op afgeknapt. Tijdens mijn balletjaren heb ik geleerd wat optreden is; ik blijk ook minder moeite met kritische beoordelingen te hebben dan mijn collega's. Wat ik er vooral opdeed is dat je geen autoriteitsconflicten moet aangaan en dat je moet relativeren: je moet op een andere manier je zin krijgen.''

“Als ik de vervolgfilm zie, dan besef ik dat ik niet in de balletberoepswereld gezeten heb, maar denk ik ook: ik zou het op een andere manier voor elkaar gekregen hebben. Je moet je niet isoleren, maar contacten aangaan. Ik heb er geen frustraties aan overgehouden en zover ik weet is dat ook het geval bij al mijn andere vriendinnen die toen afgewezen werden. De twee andere huilende meisjes zijn toch gaan dansen: de een in Duitsland en de ander in Frankrijk. Ach, ze zullen er vast wel zijn, de balletkinderen die in een zwart gat verdwijnen, maar dat heeft dan meer met henzelf dan met die opleiding te maken.”

Spiegel

“Je moet het toch zelf doen. Natuurlijk heb ik ook kritiek op die opleiding: vooral op de willekeur van een lerares, van wie je als puber afhankelijk bent. Vaak zijn dat mensen die zelf ooit op het toneel schitterden, maar van pedagogisch inzicht weten zij weinig. Het is toch ook een heel gek gegeven dat je van je 10e tot je 18e vier uur per dag constant naar jezelf in de spiegel kijkt.”

“Ze laten je constant doen, maar leren je nauwelijks de logica van ballet. Daar komt bij dat je heel lichamelijk bezig bent, met elkaar en voor jezelf. De emotionaliteit ligt heel hoog. Dat is geen slechte leerschool. Toen ik op het VWO kwam, moest ik echt aan die afstandelijkheid, die koelte wennen. Nog steeds betrap ik me erop dat ik mensen snel aanraak, mijn hand op hun schouder leg.” .

“Ik wil niet beweren dat dansen en recht doen hetzelfde is, maar er zijn wel heel veel overeenkomsten. Op beide terreinen spelen codes en rituelen, wordt opgetreden. Het is toch een soort circus. Nee, ik ben geen rechten gaan studeren omdat ik in de balletwereld geen rechtvaardigheid vond. Zo heb ik die afwijzing ook niet ervaren. Ik wilde werk. Aanvankelijk koos ik voor egyptologie en kunstgeschiedenis, maar ik besefte dat de eersten echt gestoord zijn en dat ik als kunsthistorica werkloos zou blijven.”

Zelfkant

“Ik houd van regelen, optreden. Een ander vaak vergeten aspect van een balletopleiding is dat je niet de betrekkelijk beschermde schoolfeestjes meemaakt. Wij kwamen al vroeg in aanraking met de zelfkant van de maatschappij. Ook dat werpt vruchten af. In de rechtzaal denk ik vaak: 'Jou ken ik toch ergens van...?' Niet zelden is dat ook zo.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden