Dietrich Bonhoeffer

Op 9 april 1945, omstreeks zes uur in de ochtend, is het gebeurd. Moedig en kalm beklom hij in het nazi-concentratiekamp Flossenburg de trap naar het schavot. De dood volgde na enkele minuten. Een kamparts die er bij was, zou jaren later getuigen: ,,Ik heb in mijn vijftig jaren als dokter zelden iemand zo vol overgave aan God zien sterven.''

Op het moment dat deze impressie werd uitgesproken, was de Duitse theoloog en verzetsman Dietrich Bonhoeffer postuum al uitgegroeid tot datgene wat hij nimmer had voorzien en zeker niet zou hebben begeerd: de goeroe van het christendom na Auschwitz.

Nog weer later ging een ieder met zijn gedachtengoed aan de haal. Dat gold voor de God-is-dood-theologen net zo goed als voor de aanhangers van de politiek getinte bevrijdingstheologie. Zo ontstond een verwarrende verscheidenheid aan stempels die geen van alle de hele lading dekten: van de radicaal die afscheid neemt van God, kerk en christendom tot en met de conservatieve romanticus die, tegen seculariteit en individualisering in, zoekt naar religieuze verbanden.

Wie was deze man wiens geloofsoverpeinzingen een bont gezelschap theologen als John Robinson, Harvey Cox, Dorothee Sölle, Johannes Baptist Metz en Jürgen Moltmann sterk bezighielden? Was hij 'de profeet van de 21-ste eeuw' voor wie G. Rothuizen hem hield? Of had Van Ruler gelijk die zei dat er iets dwingends en hooghartigs in zijn oeuvre zat?

Nee, de burger-aristocraat Bonhoeffer laat zich niet gemakkelijk in algemeen geldende karakteristieken vatten. Enerzijds was er de hoffelijke causeur en geniale pianist, middelpunt van elk gezelschap waarmee hij in contact kwam. Anderzijds was er de afstandelijke leermeester van de alternatieve predikantenopleiding in Finkenwalde die toegaf dat behalve zijn deftig-intellectuele familieleden nauwelijks iemand hem mocht tutoyeren. Een figuur die zich vol overgave bezighield met de geestelijke zorg voor Berlijnse arbeidersjongeren, maar die tot in de laatste maanden van zijn leven op licht elitaire toon sprak over de geestelijke noden van het 'plebs'. De man ook die zijn verloofde, Maria von Wedemeyer, soms schreef op een manier waarvan hedendaagse feministes gruwen.

Maar er is veel meer. Er is de Bonhoeffer die een dag na Hitlers benoeming tot rijkskanselier (30 januari 1933) in een radiolezing het Führerprincipe met de grond gelijk maakte. Die als een van de eerste kerkelijke voorgangers in nazi-Duitsland zijn kerk, de evangelische, opriep tot verzet tegen wat later zou uitmonden in de Endlösung der Judenfrage. En die als weinig anderen binnen de Bekennende (verzets)Kirche de rug recht hield toen op den duur repressie en moedeloosheid hun tol eisten.

Het bracht hem tot de beslissende stap die hij met gevangenschap en dood zou bekopen: zich aansluiten bij het actieve verzet. Iemand van de kerk die samenzwoer tegen de door God boven hem geplaatste 'wettig gekozen' overheid - dat wekt, ruim een halve eeuw na dato, bij sommigen in kerkelijk Duitsland nog steeds onbehagen.

Voor veel anderen betekende de theologie waaruit dit verzetsdenken voortkwam juist een bevrijdende doorbraak. Met name de brieven die Bonhoeffer na zijn arrestatie, 5 april 1943, in de gevangenis schreef (Widerstand und Ergebung), spraken de naoorlogse generaties aan. Toen na Auschwitz en Hirosjima de verbinding tussen hemel en aarde definitief verbroken leek en het vertrouwde godsbeeld in scherven lag, klonk postuum een stem die exact vertolkte wat een groot deel van de westerse christenheid dacht.

Wat viel er nog te zeggen na de dood van God? Niets, luidde Bonhoeffers antwoord, het wordt hoog tijd dat we leren zwijgen. Lang vóór Thomas Altizers 'donkere nacht van de ziel' zei hij dat we eerst door een pijnlijke stilte heen moeten voor we nieuwe beelden van God kunnen oproepen die de moderne mens mogelijk ooit weer zullen inspireren.

Zijn advies: Geen paniek. Ook al lijkt alle geloofsgrond onder je voeten weg te zakken, blijf vol vertrouwen wachten op het moment dat Hij in aangepaste taal de dialoog hervat. En volg ondertussen in je dagelijks handelen het voorbeeld van Christus (Nachfolge, 1937).

Dezelfde combinatie van theologisch denker en activist, van predikant en man van het verzet die zwarte en andere bevrijdingstheologen inspireert, maakt Bonhoeffer bij een deel van het theologisch establishment juist verdacht. Het feit dat zijn gevangenisbrieven op menig nachtkastje liggen, doet zijn zaak evenmin veel goed. Is hij wel serieus te nemen? Een man die ook pas 39 was op het moment van zijn dood. Het antwoord luidt voluit bevestigend.

Al is veel van zijn werk fragmentarisch en onaf, en roept het soms meer vragen op dan dat het antwoorden geeft, toch hoort Bonhoeffer zeker thuis in de rij grote protestantse theologen van deze eeuw: Barth, Bultmann, Tillich. Meer nog dan zij wist hij, bijna intuïtief, de kern te vatten van het godloze realisme bij de hedendaagse mens die zelfs in persoonlijke situaties van schuld, lijden en dood niet langer naar Hem vraagt.

Zeker de naooorlogse generaties creëren hun eigen zingeving en komen bij de existentiële vragen niet meer automatisch uit bij God. En niemand, zei Bonhoeffer vanuit zijn cel, die het hun kwalijk mag nemen.

Als een der eersten besefte de Duitser dat er in het Westen een diepe kloof is ontstaan tussen burgerlijke religie en alledaagse realiteit, tussen de institutionele kerken en hun gelovigen. Terwijl de postmoderne mens zijn lot in eigen hand neemt, wordt hem van menige kansel en via de kerkelijke media nog te vaak toegeroepen dat God hem 'wel zal krijgen' als hij maar genoeg in de penarie zit.

Dit zoeken naar de beurse plekken bij de mens wijst Bonhoeffer als onchristelijk van de hand. God als stoplap, als noodhulp bij existentiële grenssituaties, is zinloos in een mondig geworden wereld die de gevolgen van haar keuzes zelf draagt. De tijd waarin men het menselijk geweten gelijkstelde met het woord van God is voorbij.

De wereld serieus nemen en erin leven 'alsof God niet bestaat' - dat is volgens Bonhoeffer de enige manier waarop kerk en christendom in onze dagen nog geloofwaardig kunnen zijn. Hemel en aarde blijken steeds meer samen te vallen. De metafysische vluchtweg in de richting van het hiernamaals is sinds Bonhoeffer voorgoed versperd. Zoals ook de idee van de Almachtige, Alwijze, Algoede en Oneindig Rechtvaardige Schepper met Auschwitz, Hirosjima, en de killing fields van Cambodja, Rwanda en de Balkan definitief uiteen is gespat.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden