Dierproeven / Apen die de mensheid dienen

Hoeveel last het proefdierencentrum BPRC ook heeft van radicale dierenactivisten, de aandacht die zij vestigden op dierproeven heeft er wel aan bijgedragen dat er zaken veranderen. De 1600 apen krijgen eindelijk ruimere hokken. Voor het eerst mocht Trouw het centrum in. Over het inspuiten van apen met een dodelijk virus, maar toch van ze houden.

Hij zit in een tochtige kamer in een gebouwtje op het terrein van TNO in Rijswijk. Daar huist het 'primatencentrum BPRC', dat vroeger deel uitmaakte van TNO. Op tafel stapels papieren. Over de wetenschap, brieven van collega's. Maar ook krantenknipsels uit de gewone pers over de zin en onzin van dierproeven. ,,Wetenschappers -ik ben er zelf eén- hebben lang in de veronderstelling geleefd dat zij het allemaal beter wisten en niet hoefden uit te leggen waar ze mee bezig waren", zegt Peter Heidt, hoofd van wat ze bij het BPRC het Animal Science Department noemen. ,,Die houding keerde zich tegen ons. We weten niet meer waar we moeten beginnen met het ontzenuwen van de leugens die er over dit instituut de ronde doen."

Zoveel mogelijk openheid moet voortaan zorgen voor minder vooroordelen over het centrum, waar met behulp van apen wordt gezocht naar geneesmiddelen, vaccins en therapieën tegen ziektes als malaria, mutliple sclerose, aids, arthritis en tuberculose. Er is geen andere weg, weten de onderzoekers. En zo pijnlijk als wordt voorgesteld zijn die proeven ook niet.

Iedere geïnteresseerde is van harte uitgenodigd om zelf te zien hoe het er aan toe gaat. Maandelijk komt nu een schoolklas op bezoek. ,,Maar sommige tegenstanders weten al wat we hier doen zonder dat ze hier ooit zijn geweest", zegt directeur Ronald Bontrop.

Bontrop doelt op de felste tegenstanders van dierproeven, de radicale dierenactivisten. ,,Het is echt terreur. Nu het instituut steeds beter wordt beveiligd, trekken ze naar onze huisadressen. Anderhalve maand geleden trapten ze mijn voordeur in. Waar ze me van beschuldigen, is verre van waar. Ze verwarren feiten met fictie. Ze halen praktijken aan die misschien in een ver verleden zijn voorgekomen. Ze zijn anoniem, we kunnen niet met ze praten."

Het BPRC, het veelbesproken apencentrum in Rijswijk, is in verbouwing. Was het proefdierinstituut eerst gehuisvest in een tiental oude, tochtige gebouwen, nu verrijst er op het eigen terrein in Rijswijk het ene na het andere goed geoutilleerde pand. Waar eerst de 1600 apen van het centrum merendeels in kleine hokken moesten leven, komen nu moderne groepsverblijven. Ze krijgen speelgoed en gezelschap van andere apen, tegen de stress en verveling. Over drie jaar kunnen alle 1250 dieren (meer mag het BPRC er dan niet hebben) terecht in moderne apenhuizen, waar menig dierentuin zijn vingers bij zou aflikken.

Het is de wens van de regering dat het BPRC zich transformeert tot een modern onderzoeksinstituut dat boven alle kritiek verheven is: waar niet alleen onderzoek wordt gedaan dat voldoet aan alle ethische normen, maar waar ook gespeurd naar alternatieven voor de dierproeven. Waar medische doorbraken voor wereldbedreigende ziektes worden bereikt.

,,Dit is zoals ik het altijd al heb gewild", zegt Ronald Bontrop, sinds 1998 directeur, ,,nu pas kan het." Hij vertelt dat het instituut problematische jaren achter de rug heeft. Door de manier waarop het centrum werd gefinancierd, ging al het geld op aan onderzoek en bleef er niets over voor diervriendelijke hokken. ,,We waren op sterven na dood. Tot vorig jaar de financiering werd herzien, en wij voortaan door het leven mogen gaan als wetenschappelijk onderzoeksinstituut. We kregen geld om de dieren beter te huisvesten. Alle gebouwen gaan op de schop."

Toch: 1250 apen in een centrum waar dierproeven worden gedaan. Een onmogelijk, verschrikkelijk aantal. De meeste van daarvan worden overigens nooit proefdier. Die zitten in Rijswijk als 'fok en voorraad:' ze moeten voor nakomelingen zorgen of zijn te jong om mee te doen aan proeven. Bontrop: ,,Wij vinden het niet leuk om experimenten met apen te doen. Er zijn voor veel dierproeven alternatieven, maar is voor een bepaald type biomedische experimenten is helaas geen andere methode. Ik heb er heus wel een paar nachtjes over geslapen voor ik kon verantwoorden om met proefdieren te werken. Maar het belang van de mensheid gaat voor." Neem aidsonderzoek. Daarbij zijn dierenproeven onmisbaar.

Het heeft de onderzoekers gekrenkt. De suggestie -nee, eerder de vaste overtuiging- van actiegroepen, als zouden ze bij het BPRC ('de apenhel', zeggen tegenstanders) dierenbeulen zijn. De posters in het land, met foto's van mishandelde apen (van 'god-weet-waar' afkomstig, zegt Bontrop) naast teksten over het BPRC staan. Teksten op internet als: 'een dierenmishandelaar houdt het niet bij dieren'. De steeds terugkerende leugen dat dierproeven nog nooit een bruikbaar mensenmedicijn hebben opgeleverd. Willibrord Fréquin, die het terrein opstampte.

Vertel Bontrop wat. ,,Ik heb gesoebat en gelobbied bij iedere hoogwaardigheidsbekleder in Nederland. Doe me dit niet aan, zei ik bij de oude rammelhokken van de chimpansees, bij de kleine hokken voor de rhesusapen. Maar er waren activisten voor nodig om de politiek zo ver te krijgen dat er structureel geld beschikbaar kwam", zegt BPRC-directeur Ronald Bontrop verongelijkt. Nu heeft hij niet alleen geld van het Rijk, maar ook een groot hek om zijn onderzoeksinstituut, en demonstranten bij zijn woonhuis.

De Nederlandse wet op het gebruik van proefdieren is de strengste van Europa. Voor een proef mag worden uitgevoerd; hoe groot of klein ook, moet naast de wetenschappelijke noodzaak ook het maatschappelijk belang ervan worden aangetoond bij een ethische commissie, de DEC (Dier Experiment Commissie). Die moet beoordelen of het 'ongerief' bij een dier in verhouding staat met de noodzaak van het experiment. De DEC is streng. ,,Je krijgt bijna nooit meteen toestemming", weet een van de BPRC-onderzoekers, die uit angst voor represailles uit de hoek van dierenbevrijders zijn naam niet in de krant wil lezen. ,,Een voorstel gaat vaak een paar keer heen en weer."

Toch is er op de ethische commissies. Ze bestaan onder andere uit vakgenoten, die misschien wel blind zijn voor alternatieven. Deelnemers en toetsen zijn geheim. Er zou geen controle van buitenaf mogelijk zijn. De vereniging Proefdiervrij, fel tegenstander van het BPRC, probeerde een paar jaar geleden via de rechter openbaarheid van een DEC-beslissing over een apenproef af te dwingen, maar faalde.

De baby-aapjes en hun moeders in wat ze bij het BPRC weinig romantisch 'R1' noemen, weten nog niet dat zij misschien ooit nog, na DEC-goedkeuring, moeten deelnemen aan een experiment. Nu nog gelden zij als 'fok en voorraad', ondergebracht in het eerste gebouw dat is zoals de rest van het instituut nog moet worden. Vol trots toont Bontrop het nieuwe apenonderkomen. Een gebouw als een cirkel, met overal ramen. Daarachter staart steeds weer een nieuwsgierige rhesusaap naar onbekende bezoekers. Uit grote gaten in de muren lopen andere apen naar de buitenverblijven.

Ze zijn gehuisvest in zorgvuldig samengestelde groepen. ,,Rhesusapen zijn rotbeesten. Ongelooflijk agressief'', vertelt ethologe Annet Louwerse, die de groepen vanaf 1996 samenstelde. Ze zegt het met liefde. ,,Als ze maar even een zwakheid merken bij een ander aapje, slaan ze zo hard dat hij uiteindelijk lager in rang terecht komt.''

Het kantoor in het nieuwe onderkomen bevindt zich tussen twee nieuwe apengroepen, die allebei kort geleden zijn samengesteld. Ze moeten maandenlang nauwlettend in het oog worden gehouden. Ze vertelt over 'Lips', een rhesusapenvrouwtje, aanvankelijk de belangrijkste vrouw in de groep. De 'Alphavrouw'. Na een weekend bleek ze van haar troon gestoten. Je kunt het zien: ze hield er een flinke jaap in haar dij aan over, die haar met haar grotendeels kale rug een nog gehavender aanzien geeft. Die haarloze rug kon ontstaan doordat ze nooit buiten kwam. Nu heeft ze zoveel ruimte tot haar beschikking, dat Louwerse een deel ervan nog afgesloten houdt. ,,Dat is nu nog teveel."

Louwerse is sinds kort in vaste dienst bij het BPRC. Ze werkte voorheen met proefdieren bij de Universiteit van Utrecht. Haar inzichten hebben een ware revolutie teweeg gebracht in het centrum. Gewend als ze was aan het observeren van apen, maakte ze kennis met mensen die al heel lang met apen werkten, maar bitter weinig van apengedrag wisten.

Om problemen te voorkomen, hebben alle rhesusapen nu een verfcode gekregen met hun plaats in de rangorde. Alle familieleden hebben een met koeienverf zwartgemaakt been, of hoofd. Op hun borst is een nummer getatoeëerd. ,,Zo kunnen dierverzorgers, ook in het weekend, altijd zeker weten wie wie is." Louwerse vindt de nieuwe kooien meer dan nodig. ,,Deze apen dienen de mensheid. Dan verdienen ze een meer dan goede behandeling."

Het nieuwe onderkomen is de vrolijke kant van het BPRC. De minder vrolijke kant verraadt zich in de kamer van de dierenartsen. ,,De DEC-toestemming voor die proef met arthritis is rond", is daar een gespreksonderwerp tussen koffie en lunch. ,,Wie zal ik ervoor uitkiezen?" Met behulp van de computer wordt een aantal apen geselecteerd. Ze moeten gezond zijn, niet te zwaar. Twee jonge dierenartsen, die net als andere collega's uit angst voor activisten hun achternaam buiten de krant willen houden, bespreken het geroutineerd. ,,Ze krijgen de ziekte allemaal, als het medicijn dat getest wordt niet werkt.''

Merei, een van de artsen vertelt dat bij de arthritis-proef een versleten gewricht geldt als 'teveel ongerief'. Bij apen die zijn besmet met een voor apen ontwikkelde laboratoriumvariant van het aidsvirus, vermageren. ,,Ze ontwikklelen verder weinig symptomen van aids. Al bij de eerste tekenen van de ziekte worden ze uit het programma gehaald. Wie ziek wordt, wordt voortijdig geëuthanaseerd."

Na afloop van de proef geldt dat dieren 'maximaal ongerief' hebben gekregen. Die krijgen het stempel KE -Kandidaat-Euthanasie. Op een KE'er mag onder narcose nog een laatste proef worden uitgevoerd. Bloed afnemen, of organen bestuderen. Voorwaarde is dat de aap niet meer ontwaakt.

Merei is een van de drie dierenartsen die dienst doet op het BPRC. Met een loodgieterstas vol noodhulpmiddelen gaan zij dagelijks op een oranje fiets van gebouw naar gebouw om dagelijks alle apen te controleren. In weggooioveralls gaan ze naar de met hiv besmette en andere zieke dieren die 'in een experiment' zitten.

Onbevoegden mogen er niet bij. 'Biohazard' (biologisch gevaar), staat er op de toegangsdeuren naar de kooien. Daar zijn geen buitenverblijven. Daar bestaat het apenleven uit bloed geven tot het einde. ,,De dieren die zijn besmet, worden uiteindelijk allemaal geëuthansaeerd", vertelt Merei. 'Afgemaakt' wil ze niet zeggen.

Zo vinden jaarlijks meer dan tweehonderd apen de dood. Dat is, hoe je het ook wendt of keert, zielig. Maar te voorkomen is het, zo weten ze bij het BPRC zeker, helaas niet. Afdelingshoofd Peter Heidt: ,,Je kunt een immuunsysteem niet nabootsen in een computer, dat is te complex.'' Heidt, al dertig jaar werkzaam bij het BPRC, is afkomstig uit de mensengeneeskunde. ,,Als je ziet hoe ver we gekomen zijn met bijvoorbeeld kennis over transplantaties. Dat had niet gekund zonder dierproeven."

,,Mensen denken dat we hier de hele dag aan die apen zitten te klooien", zegt een medewerker van de afdeling virologie. ,,Maar het gros van het onderzoek hier is labaratoriumwerk. We nemen bloed af bij de dieren en doen daar proeven mee." Het zijn tijdrovende klussen, maar de onderzoekers van het BPRC doen het met liefde. ,,Het zit vol spanning. Hoe zal het reageren? Kun je iets vinden? Heb je een doorbraak?

,,Als je ziet hoe zorgvuldig hier met dieren wordt gewerkt, begrijp je niet waarom demonstranten hier steeds voor de poort staan", zegt Merei. Zij kan respect opbrengen voor de ware veganist, die uit dierenliefde zelfs geen leren schoenen draagt. Maar zelf is ze dolblij dat ze haar kinderen kan laten inenten met vaccins die op apen zijn getest. De wetenschap heeft erkend: veel proeven kunnen anders. Maar niet het onderzoek in het PBRC.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden