Dierenrechten invoeren betekent spelen met vuur

Wat kunnen denkers zeggen over het nieuws, over wat krantenlezers schokt of juist koud laat? Tweewekelijks laten wijsgeren uit Trouws filosofisch elftal hun gedachten erover gaan. Vandaag: Dierenrechten. De Tweede Kamer heeft een voorstel van GroenLinks afgewezen om de zorg voor het welzijn van dieren op te nemen in de Grondwet. Moeten dieren rechten hebben, of zijn dierenrechten onbestaanbaar?

Het is een goed begin, zegt Paul Cliteur over het afgeschoten voorstel van GroenLinks. Maar dat pleidooi voor dierenrechten gaat de Leidse hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap niet ver genoeg. ,,GroenLinks pleit niet voor wat de Stichting Varkens in Nood en ik hebben opgesteld: een Universele Verklaring voor de Rechten van het Productiedier. Dieren hebben recht op privacy en op lichamelijke integriteit. Het uittrekken van slagtanden en het couperen van staarten moeten verboden worden.''

Sommige rechten van mensen moeten dieren ook hebben, vindt Cliteur. ,,Maar geen recht op godsdienstvrijheid, want dieren hebben geen religieuze beleving. Maar op andere punten zijn de verschillen tussen mens en dier niet zo groot. De worm verschilt meer van de gorilla dan de gorilla van de mens. Vroeger dacht men dat mensen met een andere huidskleur geen rechten hadden. Dat was een vergissing. Nu moeten we er langzaam aan gaan geloven dat ook dieren rechten hebben.''

Cliteur: ,,Net zoals je geen drilboor op een mens mag zetten, omdat je weet dat een mens gevoelig is voor pijn, zo mag je ook dieren niet laten lijden.''

Dat is sinds twee eeuwen het criterium van voorstanders van dierenrechten. Jeremy Bentham (1748-1832) werd met deze idee de grondlegger van het utilisme, de ethische stroming die stelt dat je pijn moet bestrijden en geluk moet bevorderen. Daarbij maakte het Bentham niet uit of wezens kunnen praten of redelijk nadenken, ,,maar of ze in staat zijn om te lijden. Dat is het criterium. Alle wezens die in staat zijn om te lijden, zijn dragers van rechten''.

,,Dieren verdienen een beter leven'', zegt Annemarie Mol, hoogleraar Politieke filosofie te Twente. ,,Allerlei strategieën die daaraan bijdragen, zijn wat mij betreft prima. Maar je kunt beter streven naar dierenwelzijn dan strijden voor dierenrechten. Wie strijdt voor rechten, verlangt naar vaste beginselen, principes. Wie dierenwelzijn wil bevorderen, zoekt eerder naar goede manieren om samen te leven met mensen en dieren.''

Het rechtenvocabulaire schiet volgens Mol tekort door gebrek aan flexibiliteit en breedheid. ,,In Kenia wilden dierenactivisten de rechten van olifanten erkend zien. Maar toen de populatie enorm groeide, raakte den Masai, die in hezelfde gebied leefden, ernstig in de problemen. De nadruk op de individuele rechten van elke afzonderlijke olifant stond een collectieve oplossing in de weg voor het samenleven van olifanten én Masai.''

Cliteurs nadruk op dierenrechten verhult bovendien dat de varkens waar het zijn Stichting Varkens in Nood om gaat, uiteindelijk worden vermoord en opgegeten, zegt Mol. ,,Dat kan best, varkens opeten. Maar in welke mate? Hoeveel varkens eten mensen in een prettige, beschaafde samenleving? Nu zijn het er in elk geval te veel.''

Mol: ,,In de negentiende eeuw hadden veel mensen hier een varken in de tuin dat de aardappelschillen en het keukenafval opat. Eens per jaar slachtte men, en een karbonaadje of spek eten was een feest. Tegenwoordig worden er tonnen varkensvoer geïmporteerd. Soja bijvoorbeeld, dat wordt verbouwd in Argentinië. Kleine boeren raken daardoor hun akkers kwijt. Intussen zou je van die soja wereldwijd veel meer mensen kunnen voeden dan van de varkens die de soja eten. Daar zou ik het graag over hebben. Van welke voedselketens maken dieren deel uit? Wiens eten eten ze? Bij goed samenleven hoort de vraag hoe ons voedsel beter te verdelen.''

Zorg voor het welzijn van dieren hoeft niet in de Grondwet, zegt Andreas Kinneging, hoogleraar te Leiden. ,,Het dier wordt al beschermd door de wet. Je moet die wetten alleen naleven. Dat gebeurt niet. Typisch Nederlands gedoogbeleid.''

Aan dieren rechten geven is problematisch en onwenselijk, vindt Kinneging. ,,Als we het criterium van Cliteur hanteren, dat alles wat lijdt rechten heeft, dan moeten garnalen ook rechten hebben. En mieren en slakken ook. En bomen en planten, want die kunnen waarschijnlijk ook pijn lijden. Daaraan zie je al dat rechten verstrekken aan alle wezens die lijden allerlei praktische problemen oplevert.''

Kinneging heeft 'meer bezwaren'. Volgens hem ziet Cliteur het lijden als 'alleen maar iets slechts wat de wereld uit moet'. Kinneging bestrijdt dat. ,,De oude Grieken zeiden al dat lijden loutert. Juist het lijden geeft de mens inzicht en wijsheid. Voor de mens is lijden dus van waarde. Voor het dier niet. Een dier leert niet van zijn lijden. Als je dus rechten in het lijden fundeert, kun je alleen dierenrechten legitimeren, niet mensenrechten. Wil Cliteur dat?''

Volgens Kinneging is er een principieel verschil tussen de mens en de rest van de schepping. ,,Cliteur speelt met vuur door mensen en dieren op één lijn te zetten. Zijn manier van biologisch redeneren draait zich heel makkelijk om. Als er weinig verschil is tussen mens en dier kun je ook zeggen: 'mensen zijn ook maar dieren, dus maak ze maar af, wat maakt het uit'. De consequenties van dit denken hebben we gezien in de 20ste eeuw. Als je ontkent dat de mens een uitzonderlijk, heilig wezen is in de schepping, dan open je de doos van Pandora.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden