Opinie

Dieren lijden niet door de slacht maar door stress

Beeld afp

Rituele slacht aanvaardbaarder maken? Dat kan, maar een verbod op onverdoofd slachten is zinloos. Het gaat om de periode net voor de slacht.

In de discussie over onverdoofd ritueel slachten gaat het over het leed dat dieren ondergaan door de slachtmethode. Vanuit de fysiologie valt daarover het nodige te zeggen. Van het slachten zelf merken dieren niet veel. Mogelijk wel van wat daaraan voorafgaat. Wie eventueel dierenleed wil verlichten, moet zich dan ook vooral daarop concentreren.

Bij het slachten van dieren hebben we (meer nog dan bij de concrete slachtdaad zelf) te maken met de stress waarin het dier geraakt bij alles wat voorafgaat aan het eigenlijke slachten. Wordt in de dierenwereld een beest ernstig bedreigd, dan betekent dat voor het dier dat het moet vechten of vluchten.

Die dreiging op zich brengt het dier al onmiddellijk in een stress-situatie. Het gevecht aangaan betekent kans op ernstige verwondingen. Zouden die pijn veroorzaken, dan kan die verlammend werken en zou het dier de strijd daardoor zeker verliezen. In de natuur zien we dat echter niet gebeuren. Het dier vecht door tot het uiterste, of slaat zo mogelijk op de vlucht. Dat laatste kan zijn redding betekenen, maar wordt het dier ingehaald door een roofdier dan zal dat het bij de nek pakken en de hals doorbijten.

In beide gevallen, vechten of vluchten, leidt de stress-situatie ertoe dat er onmiddellijk in delen van de hersenen en de hersenstam stoffen vrijkomen die het totstandkomen van het pijngevoel voorkomen. We noemen deze stoffen 'endorfinen', naar analogie van morfine, omdat zij dezelfde werking hebben. Zij activeren zenuwcellen die het doorschakelen van impulsen in de pijnbanen naar de hersenen blokkeren. De wreedheid in de natuur reduceert de natuur dus zelf tot een schijnbare wreedheid.

Bij patiënten die in de eindfase van het leven ondraaglijke pijn lijden die moeilijk met medicijnen te behandelen is, is het mogelijk om met behulp van in de hersenen ingebrachte elektroden endorfine producerende zenuwcellen te stimuleren en zo de pijn te onderdrukken. Ook van de gevechten in de loopgraven uit de Eerste Wereldoorlog is bekend dat soldaten van ernstige verwondingen in de strijd vaak geen pijn ervaren, maar dat zij daarna in het hospitaal een ongestoord en normaal pijngevoel blijken te hebben.

Dan over de slachtdaad zelf. Op de televisie was te zien dat met een snelle, krachtige haal van een vlijmscherp lang mes de huid en de er onderliggende halsslagaders van het dier werden doorgesneden. Afgezien van het feit dat de endorfinen de pijn al onderdrukken, zal het dier van deze handeling geen pijn ondervinden, want hierbij worden tegelijk de zenuwvezels die in de hersenen het pijngevoel opwekken, mede doorgesneden.

Op de vraag of het doorsnijden van de zenuwvezels op zich pijn veroorzaakt, is het antwoord dat de tijdsduur van de prikkel daartoe te kort is. Een stimulus moet een bepaalde drempel van sterkte en duur overschrijden om effect te kunnen hebben.

Wanneer je bijvoorbeeld met een holle injectienaald een injectie in een spier toedient, doet dit pijn als je de punt van de naald door de huid heen drukt. Maar als je de huid tussen twee vingers aanspant en de naald met enige snelheid door de huid heen schiet, voel je daar niets van.

Het gedrag dat het dier vertoont na de slachtdaad - eventueel spartelen of spierschokken - heeft bij een vakkundige uitoefening van de daad, niets met het bewustzijn, dus niet met enig leed van het dier te maken. Zodra de halsslagaders zijn doorgesneden, stopt de aanvoer van bloed naar de hersenen onmiddellijk voor meer dan negentig procent (er is nog een zeer geringe aanvoer via de wervelslagaders), en heeft het dier binnen enkele seconden het bewustzijn verloren. Je zou dit enigszins kunnen vergelijken met het bewustzijnsverlies (het flauwvallen) bij de mens zodra de aanvoer van bloed naar de hersenen tekortschiet.

Deze fysiologische kennis van zaken sluit geenszins uit dat het dier leed ervaart van alles wat zich vóór de slachtdaad afspeelt. Wel is uit het voorafgaande af te leiden dat maatregelen die het ritueel slachten van dieren aanvaardbaarder moeten maken, niet gericht moeten zijn op de slachtdaad zelf.

Ze moeten zijn gericht op wat er vlak voor die slacht gebeurt. De slachtdaad op zich behoeft geen verdoving.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden