Dier dat niet nadenkt kan wel degelijk lijden

Als je, zoals Jelle Reumer, zegt dat een dier pijn ervaart maar er geen last van heeft, zeg je iets raars, vindt ethicus Frans Stafleu.

FRANS STAFLEU en UNIVERSITAIR DOCENT BIJ HET ETHIEK INSTITUUT VAN DE UNIVERSITEIT UTRECHT

Haring heeft pijn, maar heeft hij daar last van?', was de kop van de rubriek 'Jelles weekdier' (Trouw, 14 februari). Ik kreeg een déjà vu. Hebben we deze discussie niet al eens gevoerd in de jaren tachtig, en nemen we sindsdien niet aan dat gewervelde dieren zoals vissen pijn kunnen lijden? Op deze aanname is een aantal wetten gebaseerd, zoals de Wet op de dierproeven.

Ik vroeg me af of Reumer in zijn artikel nieuwe wetenschappelijke inzichten te berde zou brengen die ik mogelijk had gemist. Zover ik zijn artikel begrijp is dat niet het geval. Ik aarzel, omdat ik niet begrijp wat hij wil zeggen.

Dit wordt mogelijk veroorzaakt door de manier waarop Reumer omgaat met de termen 'lijden' en 'er last van hebben'. De kern van zijn betoog staat in deze twee zinnen: 'Om te lijden moet een dier beschikken over een (reflectief) bewustzijn waardoor hij zich bewust is van het lijden. Het dier moet kunnen denken 'ik ondervind pijn en daar heb ik last van'.'

Deze zinnen roepen een aantal vragen op. Heb je pas last van pijn als je daarover kunt reflecteren? Is het verschil tussen 'last hebben van pijn' en 'pijn lijden' niet een kwestie van gradatie? En is een dier 'last van pijn' bezorgen moreel gezien minder erg dan hem 'pijn te laten lijden'?

undefined

Schadelijke prikkel

Biologisch gezien is pijn een verschijnsel dat tot doel heeft een wezen adequaat te laten reageren op een schadelijke prikkel. Het mechanisme daarvan is dat pijn 'onaangenaam' is. Ik pas er wel voor op om met een hamer op mijn vinger te slaan omdat dit een uitermate onaangename ervaring oplevert en niet zozeer omdat het mijn vinger schaadt.

Er zijn geen redenen om te denken dat er in dit opzicht grote verschillen bestaan tussen gewervelde dieren onderling, die immers qua zenuwstelsel en gedrag erg veel op elkaar lijken. 'Onaangenaamheid' is dus onlosmakelijk verbonden met pijn.

Als je zegt dat een dier pijn ervaart maar daar geen last van heeft, zeg je dus iets vreemds. Je kan dan beter zeggen dat een dier geen pijn voelt.

Maar dat zegt Reumer niet. Nee, sterker nog, hij vindt dat er wat in zit als Wakker Dier zegt dat we haringen niet onverdoofd moeten opensnijden omdat ze daar last van hebben. Hier slaat de verwarring toe, hebben de dieren volgens hem nu last van pijn of niet? Misschien zit het in het woord lijden. Als dieren pijn als onaangenaam ervaren, zou lijden dan niet gewoon betekenen dat het erg onaangenaam is? Dus als een haring kronkelt van de pijn, wijst dat op een heel onaangename ervaring en noemen we dat lijden.

undefined

Nadenken

Ik begrijp niet waar Reumer de gedachte vandaan haalt dat je pas lijdt als je erover kunt nadenken. Nadenken kan een ervaring nog onaangenamer maken omdat je bijvoorbeeld bang bent dat de pijn op een tumor wijst. Maar het kan de pijn ook verlichten omdat je er zin aan kunt geven, bijvoorbeeld in het geval van pijn bij een operatie die je uiteindelijk beter maakt. Nadenken over pijn kan het onaangename gevoel dus meer of minder maken, maar leidt niet tot een structureel andere ervaring.

Kortom: Als een dier pijn heeft dan heeft hij daar last van, als hij heftige pijn heeft dan lijdt hij. Of zo'n dier erover kan nadenken doet er niet toe. Dieren onnodig laten lijden is ethisch gezien onjuist en dat moeten we voorkomen, ook al zullen we daarvoor moeite moeten doen.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden