Diepraam: de schok van het nieuwe

Gisteren verscheen het prachtig uitgegeven fotoboek 'Diepraam', een monografie van de Amsterdamse fotograaf Willem Diepraam (1944). Willem Diepraam heeft met zijn foto's in de jaren zeventig -vooral gepubliceerd in Vrij Nederland- de documentaire-fotografie in de traditie van Cas Oorthuys, Carel Blazer en Eva Besnyö nieuwe impulsen gegeven. Naast vele foto's bevat het boek een 'biografisch essay' van Chris van Esterik.

En dit is wat Diepraam fotografeerde: een troosteloos fabrieksterrein van Werkspoor in Utrecht, Spaanse gastarbeiders bij Hoogovens, kinderen spelend met een autowrak in de Dapperbuurt, vrouwen met plastic regenkapjes demonsterend voor gelijke beloning, woonwagenbewoners in Osdorp, een klassenbewust echtpaar op een festival van het communistische dagblad De Waarheid. Het zou het finest hour van de naoorlogse sociale fotografie blijken te zijn. En, schrijft Van Esterik 'tussen 1971 en 1973 werd hij wereldberoemd in Nederland'.

De luchten van Willem waren onder vakgenoten een begrip. 'Foto's van harde contrasten, grof van korrel en zwaar doorgedrukt, waarop het leven zich afspeelt onder nog somberder luchten dan we in Nederland al gewend zijn', schreef VN-redacteur Ursula den Tex. Diepraam trok zich in 1985 terug uit de publiciteit, een proces dat begon met de tragische dood van vrouw en twee zoontjes bij de vliegramp in Tenerife in 1977. Maar in een betrekkelijk korte periode heeft zijn werk een hele generatie fotografen beïnvloed.

Werry Crone (1955), fotograaf bij Trouw: ,,Diepraam kende een flitsende start bij Vrij Nederland en in 1976 kwam zijn boek over Suriname uit, waar hij een jaar voor de onafhankelijkheid had doorgebracht. De ellende werd bewust somber neergezet, zo somber dat sommigen later tegen hem zeiden: 'goh, je bent zo lang in Suriname geweest en het was altijd slecht weer'.''

Bert Verhoeff (1949), fotograaf en chef fotoredactie bij de Volkskrant: ,,Diepraam was een idool. Toen ik begin jaren zeventig begon te fotograferen was hij al een onaantastbare grootheid. Hij forceerde een doorbraak in de reportage-fotografie. Hij bracht de fotojournalistiek en de kunstfotografie bij elkaar. En ik herinner me dat hij heel revolutionaire portretten maakte, waarop je maar de helft van het gezicht zag, met het oor in het midden. Zoals dat portret van Willem van Kooten. In de beginjaren werkte ik als plaatjesmaker bij een persbureau. De belangrijkste eis die aan een foto werd gesteld was dat alles er op moest staan. Diepraam ging als eerste een stap verder.''

,,Ik ontmoette hem in Suriname. Voor mij was hij een godheid. We waren twee dagen op weg geweest naar een massameeting van bosnegers. Maar er kwamen er maar een stuk of twaalf opdagen. Ik probeerde er nog iets van te maken, maar Diepraam deed geen moeite -hij had de pest in. Lopend door Paramaribo vroeg hij mensen om te poseren. Dat was iets zeer ongebruikelijks. Hij opereerde voor de kudde uit. Eind jaren tachtig ging Diepraam heel andere dingen doen, meer in de kunstrichting. Hij is verzamelaar geworden. Ik vind hem een typische loner. Hij heeft zich teruggetrokken -ik ben hem de laatste twintig jaar nog maar een enkele keer tegengekomen. Maar ik vind die monografie zeer verdiend. Diepraam -dat was in de jaren zeventig de schok van het nieuwe.''

Bert Nienhuis, fotograaf bij Vrij Nederland: ,,Ik kwam in 1975 als zijn invaller bij Vrij Nederland binnen. Diepraam zat toen in Suriname. Ik geloof niet dat ik hem geïmiteerd heb. Ik was meer van het gewone, hij meer van de kunst. Daarmee bedoel ik niks zweverigs. Hij is gewoon een heel goed fotograaf. Zijn manier van kijken was zeker interessant. Zover ik weet heb ik hem nooit echt nagedaan, al zal ik misschien ook wel eens een luchtje hebben doorgedrukt. Maar dat doordrukken was niet echt een vinding van Diepraam, dat deed Van der Elsken ook al.''

Werry Crone: ,,Ik heb ze allemaal nog, die kleurenmagazines in zwart-wit van Vrij Nederland. Ik had een abonnement maar kocht ze 's woensdag al in Amsterdam -vanwege de foto's. Daar keek je naar uit. Diepraam fotografeerde met een bepaalde rust, een bepaalde kracht. Zo'n foto ontsteeg het moment. Er zat een persoonlijke sfeer in -zijn manier van doordrukken van luchten en randen stuurden je blik. 'Dit moet je zien en zo moet je het zien' zeiden die foto's. Bij een foto van een anti-abortusdemonstratie monteerde hij vogels in de grauwe lucht, als extra symboliek. Later werden zijn foto's lichter, ijler, minder nadrukkelijk. Zoals zijn Lima-beelden uit '91, maar eigenlijk ook al in zijn boek Dutch Caribbean uit 1978 en zijn boek over de Sahel uit '82. Het dwingende van dat doordrukken was verdwenen. Hij ging ook meer 'arti' fotograferen en publiceerde privé-foto's waarvan ik me afvraag wat er de documentaire waarde van is. Misschien dat zijn foto's niet de tand des tijds zullen doorstaan, maar hij was wel de eerste die zo met stijl en diepte werkte. In mijn manier van werken sta ik op de schouders van mijn voorganger, maar daardoor kan ik ook iets verder kijken.''

,,De jonge generatie fotografen, zeg de twintigers van nu, hebben die traditie niet meegemaakt, de traditie van het zwart-wit fotograferen. De wekelijkse spanning die het verschijnen van Vrij Nederland met zich meebracht. De jonge garde moet met kleur komen.''

Jörgen Caris (1971), fotograaf van Trouw: ,,Mag ik eens zien dat boek van Diepraam? Staan die foto's van de Sahel er ook in? Ik herinner me die foto van die mensen die op de vlucht gaan voor een zandstorm. Ja, mooi.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden