Diensten zonder priester erbij, daar deed hij niet aan mee

Toen de Achttien hun oproep deden, was Gé Klijn hoofdredacteur van De Open Deur, evangelisatieblad met een oplage van 130000. Klijn was oorspronkelijk journalist, had gewerkt voor De Nederlander, een kleine, linksachtige krant van hervormden huize. In Utrecht begon hij met theologie. Toen de oorlog uitbrak was hij predikant in Aalten, waar in de omgeving zo'n 800 onderduikers zaten. Klijn liet zijn preken onder hen verspreiden. Hij zorgde dat deze (meest) jonge mensen catechisatie kregen en dat er op de boerderijen huisdiensten werden gehouden. Hij schreef een praktische handleiding bij het onderduiken, die in 8500 exemplaren verscheen, tot in de Noordoostpolder toe.

In april 1944 werd hij gearresteerd. Hij kwam terecht in Kamp Amersfoort. Van daaruit schreef hij met enkele anderen een brief aan de hervormde synode: het ontbrak in het kamp ten enenmale aan geestelijke verzorging. Dat leidde tot een synodaal request aan de rijkscommissaris. In het 'schillenhok' hield Klijn geheime kerkdienstjes. Hij werd verhoord door de beruchte kampbewaker Kotülla. ,,Worüber haben Sie gepredigt?'', vroeg hij. ,,Ãœber die Liebe Gottes'', antwoordde Klijn. Typisch voor Klijn was dat hij later niet of nauwelijks over zijn ontberingen sprak. Wel was hem een merel opgevallen: die zong terwijl hij en de overige gevangenen urenlang aangetreden moesten staan.

Na de oorlog deed Klijn meteen mee aan de Kirchentag, een activiteit van de Duitse protestanten. Jarenlang stimuleerde hij de gang van een grote Nederlandse delegatie naar de Kirchentag. In 1947 ging Klijn naar de redactie van De Open Deur. Hij maakte er een vlot geschreven en journalistiek blad van, met een oecumenisch karakter.

,,Vader ontdekte de oecumenische gedachte vlak na de Tweede Wereldoorlog'', zegt Ikon-programmamaakster Trudi Klijn. ,,Hij was al bij de oprichtingsvergadering van de Wereldraad van Kerken in Amsterdam in 1948.'' Zelf vertrok ze in 1961 voor studie naar Amerika; de oproep van de Achttien maakte ze niet mee. ,,Maar ik weet wel dat het volkomen in zijn lijn lag dat mijn vader bij de Achttien terechtkwam.''

Voor de Open Deur verzorgde Klijn een veertiendaags radioprogramma waarin moderne kwesties aan de orde kwamen. Trudi Klijn: ,,Een thema was bijvoorbeeld: nemen we een kind of nemen we een scooter. Mijn vader kreeg vaak honderden brieven. Zo ontstond een enorme correspondentie, waar hij dagelijks mee in de weer was. Uit die brieven bleek -wat hij noemde -'de onzin' van de scheiding.''

Gé Klijn vond dat de kerken afzonderlijk geen toekomst hadden. ,,De kerken lopen met de dood in hun schoenen'', zei hij. Hij citeerde graag een uitspraak van de Wereldraad, in Lund (1951) gedaan: ,,We (the churches) have to die.''

Een samengaan van hervormden en gereformeerden was in zijn ogen nog maar half. Ook rooms-katholieken moesten meedoen. Een Open-Deurdienst zonder een pastoor of kapelaan erbij, daar deed hij tegen het eind van zijn leven niet meer aan mee.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden