Die schrijft niet zomaar wat

De boekenweek, die morgen begint, is gevuld met bijeenkomsten, lezing, presentaties en signeersessies. Hans Nauta volgde Thomas Rosenboom, schrijver van het Boekenweekgeschenk, in zijn aanloop naar de jaarlijkse schrijversparade. Die is blij dat Bill Wyman niet in de buurt is.

Een theaterzaal vol lezers is al in afwachting van Thomas Rosenboom, maar Jan ten Klooster neemt in de bar nog de tijd voor een jenever. Hij is een wat hoekige zestiger met een wit baardje en voorover gekamd haar, en vertelt dat hij de schrijver al van dichtbij kent.

Penningmeester Ten Klooster mocht de auteur terugrijden naar Amsterdam, nadat die vorig jaar had opgetreden tijdens het 'Schrijversfestival Steenwijk en omstreken' in het nabijgelegen Vledder. Hij herinnert zich nog goed hoe Rosenboom verzocht of de radio aan mocht, voor de voetbaluitslagen. ,,Gewoon een man van de wereld dus.''

Het gesprek ging over de roman 'Publieke Werken', waarin de familie Bennemin eind negentiende eeuw over het binnenwater naar Hoogeveen trekt, om daar het veen af te graven. Heel vastbesloten zei Rosenboom dat de Bennemins afkomstig waren uit Kalenberg. ,,Hij had de vaarroute precies nagezocht, hij schrijft niet zomaar wat.''

Ten Klooster werd zelf geboren in Kalenberg, ruim een halve eeuw nadat de Bennemins er waren vertrokken. Een literair dorpje, sinds J.C. Bloem er zijn laatste levensjaren doorbracht nabij zijn geliefde Clara Eggink. ,,Op mijn twaalfde bezorgde ik haar het brood aan huis.''

Zo bereikten schrijver en chauffeur prettig converserend Amsterdam. Juist was bekendgemaakt dat Rosenboom het boekenweekgeschenk zou schrijven. ,,Uiteindelijk vroeg ik daarom of hij dit jaar wilde terugkomen. Dat zegde hij toe.'' Ten Klooster werkt zijn jenever weg en wandelt nog net op tijd naar de zaal.

Het is vrijdagavond en Steenwijk houdt in zalencomplex De Meenthe de 'allervroegste opening van de Boekenweek', gesponsord door drie notarissen en de apotheker. Vijftig-plussers nemen met bevriende 'leeskringers' de boeken van komende week door en bespreken het avondprogramma, met optredens van Nelleke Noordervliet, Fouad Laroui en Rosenboom (48). Die is wat shy, zegt iemand. ,,Een klein mannetje, je zou hem jonger schatten'', weet een ander.

Even later neemt de schrijver op het podium plaats in een ruime tuinstoel. Luchtig werkt hij zich door het gesprek, met twee handen houdt hij zich vast aan een glas water. Zijn dikke boeken, ook de roman 'Gewassen Vlees' (1994) van 732 bladzijden, zijn zo dun mogelijk, merkt hij op, tot plezier van de zaal: ,,Zoals een alcoholist in mijn ogen zo weinig mogelijk drinkt.''

De vorig jaar verschenen roman 'De nieuwe man' schreef hij niet met een pen maar op een toetsenbord, om het klinkhameren in de vingers te voelen. Op de oude scheepswerf waarover het verhaal gaat, werkte het volk immers ook op spierkracht. En in muziektermen lijken zijn laatste werken het meest op minimal music: de constante herhaling roept een benauwende beklemming op, je bent blij als het voorbij is.

Dan blikt hij vooruit op het boekenweekgeschenk 'Spitzen', een verhaal over liefde en tango. Gespreksleider Rudi Wester weet als voormalig directeur van het Nederlands Literair Productie- en Vertalingen Fonds te vertellen waar het idee ontkiemde: in Buenos Aires, lente 1998. Op de boekenbeurs 'Feria del Libro' verwelkomden Rosenboom en enkele collega's de Spaanse vertalingen van hun boeken. 's Avonds bezocht het gezelschap onder aanvoering van Hugo Claus een echte tangosalon. Rosenbooms zat op zijn stoel aan de kant. Wilde wel dansen maar kon niet. Terug in Nederland volgde hij een beginnerscursus tango.

Er volgt een signeersessie, georganiseerd door de lokale boekhandel. Met een beminnelijke glimlach neemt Rosenboom een voor een de boeken in ontvangst, schrijft naam en plaats erin en slaat ze snel weer dicht. Tegen de achterwand hangt het portret dat Erwin Olaf van hem maakte.

En dan wacht niet de terugreis, maar een hotel, want een dag later is er de Tour de Twente, met drie signeersessies in de boekhandels van Almelo, Enschede en Hengelo.

In de Boekenweek zijn er nog zestien optredens en twintig signeersessies in het land. De ene keer bevalt zoiets beter dan de andere, vertelt Rosenboom op een rustig ogenblik. Hij herinnert zich hoe hij een jaar geleden op een boekenmarkt concurrentie kreeg van Bill Wyman, de ex-Rolling Stone, die iets verderop zat en uitzag op een lange rij fans. Bij Rosenboom was het stil. ,,Het liefst was ik zelf aangesloten in die rij. Ik ben een bewonderaar, nou en of.''

Soms zit een schrijver alleen in een boekwinkel, geen popmuzikant in de buurt, vulpen in de aanslag, en staat er evengoed niemand voor een handtekening. ,,Dan komt de eigenaar van de boekhandel een praatje maken, die voelt zich opgelaten en vreest dat het aan zijn klandizie of promotie ligt. En de uitgenodigde auteur denkt dat hij niet beroemd genoeg is voor zoiets. Uiterst pijnlijk. Samen kun je het manmoedig wegconverseren. Eerder ophouden gaat niet: soms stappen lezers op het laatst met wat boeken naar binnen. Ik maak ook wel mee dat het twee uur lang doorgaat, laten we hopen dat er nu voldoende aanloop is.''

Rosenboom ziet niet op tegen het drukke programma. ,,Het is hooguit lichamelijk vermoeiend. Ik bepaal al twintig jaar zelf hoe laat ik opsta en wat ik ga doen. Ik heb geen verplichtingen, het maakt mij niks uit of een boek een jaar eerder of later klaar is. Het lijkt me wel heel fijn om nu eens mee te gaan, een schema te volgen, om 's avonds precies gedaan te hebben wat van je verwacht werd.''

De uitgeverij komt deze week met nieuwe uitgaven van oude boeken, met boekenleggers, posters, etalagedisplays en een nieuwe website onder het motto 'Lees Rosenboom nu!'. ,,Ik kan me wel voorstellen dat ze de gelegenheid aangrijpen om een nog bredere lezerskring te bereiken. Wat aandacht betreft kan het alleen nog maar minder worden.''

Het boekenweekgeschenk is een visitekaartje, in een oplage van 765000. Het is daarom goed dat 'Spitzen' voor Rosenboom niet aanvoelt als een gelegenheidswerkje. ,,Het is nog uit dezelfde adem geschreven als 'De nieuwe man'. Eerst voelde ik nog de vermoeidheid van dat vorige boek. Maar die ging vanzelf weg, of misschien vergat ik het gewoon. En toen voelde het schrijven als bij elk ander boek.''

Is bij zijn historische romans documentatie zeer belangrijk, bij het hedendaagse 'Spitzen' had Rosenboom genoeg aan zijn eigen tangoverleden en de herinnering aan een kennis die op hoofdpersonage Han Bijman leek.

'Spitzen' begint met het eerste bezoek van de 45-jarige Bijman aan een tangosalon. Het is geen succes, hij eindigt alleen op de vloer en danst na een korte aarzeling verder. Het moment doet denken aan de passage in 'Publieke Werken' (1999) waarin vioolbouwer Vedder in een gelegenheid zijn armen vouwt rond een denkbeeldige vrouw. Rondwalsend met zijn luchtvrouw wekt hij de hoon op van omstanders.

,,Ik ben enorm gefascineerd door personages, of mensen, die iets doen wat zo beschamend is dat het bloed je al naar het hoofd stijgt als je er zelfs maar aan denkt. Stel je voor dat je in het Concertgebouw zit en op het meest delicate moment in de symfonie opstaat en luidkeels Bravo! roept. Die zelfvernietiging, die sociale zelfmoord ...''

,,Ik droom er wel eens van dat je je als schrijver evenzeer belachelijk maakt. Een keer een slecht boek is niet zo erg, iedereen verstapt zich soms. Maar dat je je binnen het schrijverschap misdraagt. Dat je ongevraagd, op ongepaste momenten zegt: misschien is het aardig als ik nu wat uit eigen werk voorlees. Laatst speelde een kennis prachtig viool op een begrafenis. De begrafenisleider vroeg of iemand nog iets wilde zeggen. Stel je voor dat een schrijver onder de aanwezigen zich dan wil laten gelden en zegt: ik graag. Zo gênant dat je denkt: schiet mij af, bevrijd me uit mijn lijden. Dat zijn dingen waar ik wel eens bang voor ben.''

Als Vedder zich in 'Publieke Werken' zo belachelijk maakt, nadert zijn einde al. Hij heeft de onderhandelingen over zijn huis met een grote hotelonderneming verloren en wordt 'roekeloos in zijn drang naar de diepte'. Niet lang na zijn sociale afgang komt hij definitief aan zijn eind. ,,Daar is die dans een tafereel, in 'Spitzen' is het een vertrekpunt voor het verhaal.''

Bijman heeft nooit een vriendin of verhouding gehad, maar voelt zich niet eenzaam. Toch heeft hij iets treurigs, en dat versterkt nog als hij in de wereld belandt waar man en vrouw elkaar ontmoeten. ,,Hij is aandoenlijk in zijn streven erbij te horen, en daarom wens je hem toe dat het lukt.'' Maar als hij op eindelijk een danspartner heeft, draagt hij haar rond als een postpakket dat met spoed bezorgd moet worden. Ze laat hem staan en Bijman danst onder spottende blikken verder. Dan ontfermt een andere vrouw zich over hem.''

Hij krijgt een romance met deze Esther, een wat simpele vrouw die mannen verzamelt als stenen op het strand en ze even makkelijk weer loslaat. Bijman is als chemicus een aardig stuk in de verzameling.

Op een gegeven moment krijgt hij het gevoel dat hij schaakt tegen een tegenstander die hij niet kent -Esthers Indiase minnaar en haar liefdesverleden- en fouten maakt, zonder te weten welke. Rosenboom laat graag een personage strijden tegen iets dat groter is dan hijzelf. ,,Het mooiste is als iemand zich inspant en een factor miskent.''

Bijman mist scorend vermogen, in het schaakspel en in de liefde. Als debutant belandt hij plotseling in een dubbele driehoeksrelatie, een wereld van bedrog en misverstand. ,,Als zij hem toch dreigt te ontglippen, slaat de liefde om in rancune. Uiteindelijk streeft hij naar eerherstel, door middel van wraak. Het zijn de stappen die je zet in de liefde, van verliefdheid naar de wraak vanuit jaloezie. Zelfs Bijman, die niet wist wat verdriet is, deelt op het laatst een klap uit. En realiseert zich dat hij de verkeerde heeft geraakt.

,,Daarna moet hij verder, maar nu hij weet wat liefde kan zijn, is dat een stuk moeilijker. Dat is voor mij het tragische aan Bijman: ze heeft zijn vrede met het bestaan weggenomen. Gewoonlijk graven helden zelf hun graf. Maar deze man wordt vermorzeld door het harde spel van de liefde, dat op niveau gespeeld wordt. Hij is gewoon geen partij.''

Ook met Rosenbooms tangolessen liep het niet goed af, zo bekende hij Rudi Wester eerder op de avond. Hij leerde een nieuwe liefde kennen. ,,En dan moet je ermee breken. Een tango dansen met je geliefde is levensgevaarlijk.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden