Die oude man had nooit het duin op kunnen klimmen (8)

Was het een droom? Na vier jaar is Marcel van Veen er nog niet zeker van. Nog altijd hoort hij de woorden over vriendschap van die oude man op een duintop, die een diepe indruk op hem gemaakt hebben. En nog steeds verbaast hij zich over de tweede ontmoeting op het eiland met diezelfde man, zo moeilijk lopend dat hij onmogelijk bovenop een duin zou kunnen klimmen.

LOES SMIT

Een dromer kun je hem bepaald niet noemen. Ing. Marcel C. van Veen is leraar aan een VWO-Mavo, waar hij natuur-scheikunde - een nieuw verplicht vak voor de eerste twee jaar in het voortgezet onderwijs - en scheikunde doceert. Iemand die met beide benen op de grond staat, een rationeel denker die in een paar woorden duidelijk het verschil tussen natuur- en scheikunde kan uitleggen. “Scheikunde gaat over onomkeerbare processen: verbrand een stuk hout en je kunt er nooit meer hout van maken. Maar water kun je koken en het blijft water. De materie blijft gelijk, dat is natuurkunde. Voor leerlingen die het verschil niet snappen heb ik altijd een heel simpel voorbeeld: stel, je laat een glazen vaas in zoveel stukken vallen dat ie niet meer in elkaar te zetten is. Is dat natuur- of scheikunde? Zowel de vaas als de scherven zijn van glas, de stof blijft glas, dus is het natuurkunde.”

Daar liggen maar weinig raakvlakken met spirituele zaken, vindt hij zelf ook. “Of het moet de pure hallucinatie van de drugshype zijn, dat is het enige dat ik kan bedenken. Wat ik op dat duin heb meegemaakt, heeft eigenlijk niets met mijn natuur te maken. In feite ben ik erg aards.”

Op het eiland waar hij zijn al dan niet bovennatuurlijke ervaring had, was je in strandtent de Walvis als het ware omgeven door Antilliaanse muziek en wuivende palmen. Het lijkt er dus op dat hij het over een Antilliaans eiland heeft, compleet met rituele dansen, voorouderverering en desnoods voodoo, maar de bewuste duintop bevindt zich op zijn favoriete eiland Terschelling. Weliswaar waren de palmen nep, maar de muziek was echt en het geheel gaf je een gevoel “of je op Aruba zat. Ik kom daar vaak, maar toen, een jaar of vier geleden, vond ik er voor het eerst niet meer de sfeer die ik gewend was: palmen weg, glazen wanden tegen de wind, een beetje bunkerachtig idee, en gewoon popmuziek.”

Die lichte teleurstelling plus een onvriendelijke serveerster zijn er denkelijk de oorzaak van dat hij op die dag misschien iets te veel drinkt. Bovendien voldoet het eerste drankje absoluut niet aan de verwachtingen. Te zoet en nog onaardig hard voor hem neergekwakt ook. Het tweede smaakt beter: een mix van “alle alcoholische dranken van boven de veertig procent.” Dat is te merken als hij opstaat. “Ik voelde de pure alcohol door mijn aderen suizen. Ik verliet wankelend het terras en liep moeizaam richting Het groene strand. Onderaan het eerste duin plofte ik neer en bleef liggen. Langzaam voelde ik me wegzakken.”

En daar begint zijn merkwaardige belevenis. Marcel van Veen ziet nog voor zich hoe er twee volkomen vreemden langskomen die hem vragen mee te gaan, het duin op. Hij herinnert zich dat hij bij de klim een beetje geholpen moet worden, maar ze bereiken samen de duintop, waar nog een paar mensen aanwezig zijn. En daar zit die oude man. Hij houdt een toespraak voor het groepje over de waarde van vriendschap. Van Veen: “Ik weet nog waarover hij het had, zo'n indruk maakte dat op me. Hij vergeleek vriendschap met een ruwe diamant, die je zo kunt koesteren en polijsten, dat je geen oog meer hebt voor nieuwe vriendschappen. Ik heb dat opgevat als een vorm van laksheid: je hebt genoeg aan je vrienden en staat niet meer open voor anderen, blijft in je eigen kringetje. Van anderen denk je: bewijs eerst maar eens dat je de moeite waard bent om er energie in te stoppen, anders hoeft het voor mij niet. Dat is voor mij de les.”

Is het mogelijk dat je je na jaren tot in details mensen en woorden uit een droom herinnert? Marcel van Veen weet nog heel goed dat hij echt in slaap gevallen moet zijn, want hij ontwaakt op de top van hetzelfde duin aan de voet waarvan hij eerder die middag ook al weggezakt is. Hij is in z'n dooie eentje. Geen oude man te zien, helemaal geen mens trouwens. Zo gek is het niet, zegt hij achteraf. “Het gebeurt zo vaak op Terschelling dat vakantiegangers zomaar anderen aanspreken om gezellig samen iets te gaan drinken of zo. Die mensen kunnen dus best echt geweest zijn.”

Op dat moment breekt hij zich er het hoofd niet over. Hij voelt zich uitermate beroerd en zijn eerste zorg is het duin af te komen. Maar toch laat de geschiedenis hem niet los, tot op de dag van vandaag. “Waarschijnlijk is het een droom geweest, maar dan heb ik er geen verklaring voor dat ik op dat hoge duin wakker ben geworden. En ik moest steeds aan de woorden van die oude man denken.”

Een dag of wat later slaat de twijfel in volle kracht toe. Hij gaat naar huis, naar Schiedam, staat aan de reling van de veerboot naar de mensen op de kade te kijken en ziet daar de oude man terug. “Er was een vrouw bij hem die hem vast moest houden, zo slecht ter been was hij. Hij had zo'n looprek bij zich en de kans dat hij op dat duin had kunnen komen was gewoon nihil. Ik weet zeker dat hij er never nooit op had kunnen klimmen. Maar het gekke was dat hij mij herkende. Hij groette me.”

Van Veen komt graag en vaak op Terschelling. “Omdat je er alles hebt: bos, hei, strand, duinen, open vlakten. Meer dan de helft van het eiland bestaat uit natuurreservaten. Als je de drukte zoekt, zit je goed, maar je vindt er ook alle rust en stilte die je maar wenst. De vrijheid daar, die trekt me.” Deze zomer gaat hij er weer heen en van de winter is hij er ook gesignaleerd. “Ik heb nog even op dat duin gelopen en rondgekeken. Maar gevoeld heb ik niets, alleen immense kou. Min twaalf graden was het. De hele Waddenzee was bevroren, schitterend. De boot moest door het ijs breken om bij het eiland te komen.”

De oude man is voor hem geen aanleiding geweest een link te leggen naar een vorig leven of na te denken over reïncarnatie. In het streng gereformeerde milieu waaruit hij afkomstig is, is dat onderwerp nooit bespreekbaar geweest en zelf interesseert hij zich er evenmin bijzonder voor. Eén wand van zijn werkkamer wordt van muur tot muur en van vloer tot plafond in beslag genomen door boeken, waaronder veel van Godfried Bomans, Agatha Christie, zijn lievelingsschrijvers Léon de Winter en Franz Kafka, naar wie de opgewekt fluitende valkparkiet in de huiskamer genoemd is.

Maar ook schrijvers als Umberto Eco, Tolkien, een behoorlijke hoeveelheid science fiction, de Koran (“daar ben ik in blijven steken, die is zo saai geschreven”), een boekje over de geboorte van Bhoedda, het boek van Mormon en nog een flink aantal werken en werkjes over religie. Op een stapeltje op de vloer na heeft hij ze allemaal gelezen.

“Lezen is mijn grote hobby. Ik heb enorme bewondering voor mensen die een goed kort verhaal kunnen schrijven. 'Het Antwoord' bijvoorbeeld van Frederic Brown, over een computer die alles weet. Niet meer dan één kantje, maar wel een compleet afgerond en spannend verhaal.”

En te zien aan zijn verzameling, dus toch meer interesse in mystiek en religie dan hij wil toegeven? “Niet speciaal. Eerlijk gezegd ben ik erg snel verveeld. Als iets me niet boeit, ben ik het zó weer kwijt. Dromen ook. Ik droom zelden zo, dat er iets van blijft hangen. Maar als dat gebeurt, kan ik nog anderhalf uur liggen staren. Zo heb ik eens gedroomd dat Margaret Thatcher en Ronald Reagan samen in bed kropen. Dat was vlak voor het bombardement op Libië.”

Behalve die ervaring op Terschelling heeft Marcel van Veen naar zijn idee nooit iets echt onverklaarbaars meegemaakt. Na de duingeschiedenis is hij een keer naar Griekenland geweest. “Met de mythen en sagen in je achterhoofd voel je wel 'iets' bij het zien van oude amfitheaters, tempels en ruïnes, maar dat voelt iedereen natuurlijk. Daarvoor ga je er tenslotte heen. In feite zijn het gewoon ouwe stenen die er niet eens mooi meer uitzien, maar het geheel geeft een beeld en dat gevoel. Dat heb je ook als je op plekken komt waar je nog nooit geweest bent, en je herkent ze. Of je ontmoet totaal onbekende mensen bij wie je je direct op je gemak voelt. Maar dat zal iedereen toch wel hebben?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden