‘Die man wilde gewoon geen bajesklant’

Wie een gevangenisstraf heeft uitgezeten voor een zwaar delict, vindt moeilijk een baan zonder VOG, in de volksmond een verklaring van goed gedrag. „Na rijp beraad gaan we niet op uw aanbod in.”

Sjef van Gennip, directeur van Reclassering Nederland (RN) heeft dagelijks te maken met de begeleiding van ex-gedetineerden. Alle experimenten met het terugbrengen van veroordeelden ten spijt gaan wat hem betreft de ’gouwe ouwe’ drie w’s nog steeds op. „De minste kans om opnieuw te ontsporen heeft de ex-gedetineerde als hij ’woonruimte, werk en een wijf’ heeft.”

Woonruimte vinden lukt de meesten nog wel, soms met hulp. Een relatie herstellen of aangaan is al lastiger. Werk vinden, of op z’n minst een zinvolle tijdsbesteding, is voor velen een bijna onmogelijke opgave.

Van Gennip geeft toe dat zijn eigen organisatie niet het goede voorbeeld geeft. De reclassering begeleidt gedetineerden en voormalige gedetineerden. „Om bij ons te kunnen werken moet je een VOG hebben, een Verklaring Omtrent Gedrag. Dat krijgen deze mensen niet”, zegt Van Gennip. „Om bij andere werkgevers te werken, geven we het advies open kaart te spelen over het verleden. Dan ben je er maar vanaf en loop je niet met een steen op je maag rond, uit vrees dat het uitkomt.”

Veel hangt af van de specifieke kenmerken van een veroordeelde. „Hoogopgeleide mensen plegen doorgaans delicten als fraude, of strafbare feiten als onder invloed rijden. De ervaring leert dat bepaalde sectoren verhoudingsgewijs veel oud-gedetineerden opnemen. Dan moet je denken aan de bouw, garagebedrijven, horeca, plantsoenendiensten.”

De directeur van RN heeft er begrip voor dat een VOG wordt gevraagd. „Het gaat erom de veiligheidsrisico’s binnen de samenleving zo klein mogelijk te maken. Dat een pedofiel niet met kinderen mag werken, begrijpt iedereen. Maar er zijn ook veroordeelden die dat wel kunnen. De reclassering zou standaard advies moeten afgeven bij het aanvragen van een VOG. Wij hebben verstand van de groep.”

Benno F. (38) heeft de reclassering niet nodig. Eigenlijk heeft hij nooit steun gehad. Hij groeit op in een welvarend gezin in het noorden van het land. Als zijn vader op jonge leeftijd overlijdt, kunnen hij, zijn moeder en zijn vijf oudere zussen in luxe verder leven. Benno’s verhaal is een klassieker. „Een boze stiefvader, verhuizen naar het westen, blowen, drinken, stelen, uit huis plaatsen, noem de hele riedel maar op.” Benno praat routineus, met een licht geaffecteerd accent. Nu woont hij in het midden van het land. Niets aan de lange, gespierde man herinnert aan zijn criminele verleden.

Uiterlijk was er ook nooit iets aan hem te zien, vertelt Benno. Hij bleef altijd de nette jongen. Een paar jaar geleden kwam hij vrij. „Het delict, dat realiseer ik me heel goed, zal me blijven achtervolgen. Aan de tekortkomingen die ertoe hebben geleid dat ik in de fout ben gegaan, heb ik gewerkt. Daarom zit ik hier nu in alle vrijheid – nou ja, alle vrijheid...”

Benno is 19 jaar als hij in volop in de misdaad actief is. Als plannenmaker en meeloper. Zo ontmoet hij kopstukken uit de onderwereld als Willem Holleeder. „Met een vriend en zijn meisje zitten we op een gegeven moment bij elkaar. We vinden dat we teveel kruimelwerk doen. Een klapper maken moeten we. We besluiten het woonhuis van een casinobaas te overvallen. De afspraak is: geen getuigen.”

Benno en zijn vriend breken in. Ze stuiten op de eigenaar van het casino en een bewoner. Zijn vriend steekt de gokbaas dood, Benno laat de andere man bijna ontsnappen. Beiden steken op hem in en laten hem voor dood achter. Ze doorzoeken het huis. Tot hun schrik merken ze bij het naar buiten gaan dat de doodgewaande bewoner het huis is ontglipt. Diezelfde morgen wordt hij opgepakt. Benno krijgt in hoger beroep drie jaar cel en tbs. Hij is minder toerekeningsvatbaar, zeer beïnvloedbaar en kan slecht met zijn emoties omgaan. In de kliniek weet hij al snel het vertrouwen van de behandelaars te winnen. Hij mag studeren en buiten stage lopen. „Zo ben ik het IT-vak ingerold. Daar worden niet veel vragen gesteld over je verleden. Je komt gewoon binnen en begint.”

Sollicitaties verlopen probleemloos. „Ik moet wel op mijn tellen passen als ik bijvoorbeeld in een rookhok sta. Dan gaat het over tbs’ers. ’Opsluiten en sleutel weggooien’, hoor ik dan. Dan wil ik inspringen.” Niet alleen zijn carrière verloopt voorspoedig, ook privé gaat het de goede kant op. Hij koestert zijn vriendin en ook met zijn familie is de band hersteld. „Ik ben zelfs een soort wijze oom voor mijn neefjes die blowen en drinken. Al zeg ik niet waar dat bij mij toe geleid heeft.” Toch blijft het spitsroeden lopen. „Laatst werd ik gedetacheerd. Ik wist niet wat voor bedrijf het was. Te laat hoorde ik dat het een tak is van Justitie. Die willen een VOG. Ja, die kan ik niet krijgen. Tenminste, nog niet. Ik heb mijn baas ingelicht, waarom ik van de detachering afzie. Hij begrijpt dat, gelukkig. Dat is waar ik me de meeste zorgen over maak: dat het met het werk misgaat, waardoor ik in de put raak en op een gegeven ogenblik weer afglijd.” Benno haast zich te zeggen dat hij er begrip voor heeft dat werkgevers willen weten wie ze in huis halen. „Maar er is zo’n slecht imago rond tbs’ers, dat ik nooit uit mezelf zeg dat ik een ex-tbs’er ben.”

Ad van A. en Susan P. komen nog lang niet in aanmerking voor een VOG. Op 3 februari 2001 zijn bij het stel de stoppen doorgeslagen. Ze wonen dan vijf maanden samen. Na een avondje stevig stappen komt het tot een uitbarsting. Opnieuw komt het verleden van Susan naar boven. Haar vader en diens vriendin hebben haar jarenlang seksueel misbruikt en geestelijk mishandeld. Aangiften hebben niets uitgehaald. De vader heeft haar de schrik op het lijf gejaagd door aan te kondigen weer contact met haar te zoeken.

In een waas van razernij gaan Ad en Susan naar het huis van haar vader. De details die later naar buiten komen, zijn gruwelijk. Susans vader en zijn vriendin zijn doodgeknuppeld. De twee worden veroordeeld tot tien jaar cel. Twee derde van de straf zit er bijna op. Ze zitten in de fase van Voorlopige Invrijheidsstelling (VI) en vallen daardoor nog onder het toezicht van de Reclassering.

In hun huisje op de Veluwe – voor een zacht prijsje gehuurd van Ad’s ouders – proberen ze de draad van hun leven op te pakken. De buurt weet wat ze gedaan hebben. „Eigenlijk is de reactie net als van de rechercheurs en later het personeel in de gevangenis. Als ze wisten wat erachter zat, toonden ze wel begrip”, zegt Ad. Dat geldt ook voor de rechter. Een levenslange celstraf wegens tweevoudige moord hing in de lucht, maar uiteindelijk werden ze veroordeeld voor dubbele doodslag. Ad prijst het optreden van de politie na hun gruweldaad. Ze hebben het verhaal van Susan over incest en mishandeling goed uitgezocht. De rechter heeft daar rekening mee gehouden. In feite zijn ze daardoor ook tegen de lamp gelopen. De politie kon geen motief vinden voor de brute moordpartij, totdat de geschiedenis van seksueel misbruik en geweld tegen Susan naar boven kwam.

De twee zitten nu in de laatste 18 maanden van hun detentie, waarin ze in vrijheid kunnen wennen aan het buiten wonen en werken. Beiden moeten nog therapie volgen. Ad: „Hoewel de risicoanalyse – het zogeheten Risc – nihil is willen ze dat toch. Ik vind het best. Van mij hadden ze daar ook in de bajes mee kunnen beginnen. Tijd genoeg.”

De twee hebben geluk. De ouders van Ad hebben hun huis ter beschikking gesteld. Zelf zijn ze verhuisd. Ad heeft werk. „Voordat ik werd gearresteerd, was ik automonteur. Bij mijn oude werkgever heb ik gevraagd of ik terug mocht komen. Maar daar is inmiddels een nieuwe baas. Die heeft een brief naar me gestuurd: ’Na rijp beraad gaan we niet op uw aanbod in’. Ik ken mensen die daar nog steeds werken. Die zeggen dat hun nooit iets is gevraagd. Die man wil gewoon geen bajesklant.” Een collega van toen is inmiddels bij een andere garage gaan werken. Die heeft Ad bij zijn garage geïntroduceerd. „Heel tof”, zegt Ad. „Toen ik de eerste keer kwam, wist iedereen ervan. Het is een echte mannenwereld. Zand erover, we gaan verder.”

Heel anders ligt het bij Susan. Vóór de fatale dag werkte ze in een supermarkt. In gevangenschap heeft ze verscheidene diploma’s gehaald, voor receptioniste en secretaresse. „Bijna was ik aangenomen bij TNT Post”, zegt ze terwijl ze in een fauteuil haar benen optrekt. Met de chef was ze rond. Haar verleden was geen probleem, zei hij. „Daar dacht de leiding anders over, daarom werd ik toch afgewezen.” Dan de thuiszorg. „Dat bleek niet te kunnen, omdat ik een levensdelict heb gepleegd.” Uiteindelijk zit ze nu bij een dierenpension. Het is een baan als vrijwilligster. Susan: „Je moet werk hebben, anders moet ik uit dit huis. Dan stuurt de reclassering me naar de half open inrichting.” Een groot struikelblok is het inkomen. Ad mag van Justitie 110 euro in de week verdienen. Ad: „Daar kun je geen kamer van huren. Gelukkig dat mijn ouders het huis aan ons willen verhuren.” Susan grijpt het nog wel eens naar de keel. Laatst ging ze naar een uitzendbureau. „Ik was het zo zat mijn verleden te vertellen en dan afgewezen te worden. Ik ging helemaal uit mijn dak. Ik zei: ’Okee, ik heb een dubbele moord gepleegd, daar heb ik voor gezeten en nu wil ik werken’. Dat helpt niet erg, zo’n uitbarsting”, zegt ze met een glimlach. „Gelukkig zijn er ook nog mensen die begrip hebben. Zo ben ik aan een baantje gekomen in een call center.”

De situatie bij Susan en Ad is nog niet explosief. Ad: „Het blijft je achtervolgen. Dat begrijp ik ook wel. Maar het maakt het allemaal wel heel moeilijk weer te starten. Overal waar je komt, komen er vragen als: Bent u de laatste jaren met Justitie in aanraking geweest?” Susan begint de draaien in haar fauteuil. „Er komt een plaatsje vrij in het asiel. Ze hebben gevraagd of ik daar in ieder geval tijdelijk vast wil komen werken. Nou, wat dacht je? Het enige is dat mijn voordracht aan het bestuur moet worden voorgelegd.”

De ex-gedetineerden en verdachten hebben op hun verzoek andere namen en initialen gekregen. De feiten zijn authentiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden