Klein verslag

Die magische tijd toen er nog meneren en mevrouwen op televisie waren

In een sloot is een IJsvogel gestorven in het ijs. Ze duiken in het ijskoude water en komen niet meer boven. Veel ijsvogels komen in de winterperiode aan hun einde. Beeld Olaf Kraak

IJsvogel in het ijs, een schaatser vond het beestje in Oostzaan en maakte de foto en onmiddellijk dacht ik aan het dier dat ikzelf ooit in het ijs had gevonden. Een ree in het ijs van het Witven bij Someren.

Bambi en psalm 42.
De ree, aan de jacht ontkomen en door het dunne ijs gezakt.
De ree, een memento mori.
De ijsvogel leek in een duikvlucht, maar ook hier de schoonheid en de dood, die het hoofd even stilzetten.

Want het hoofd is rusteloos, het mijne althans, al sinds ik het slot van 'Eén van de Acht' terugzag, met Mies Bouwman en kandidaten in een eenvoudig pak en stropdas die ze met 'meneer' aansprak. Pieter Geenen tekende er gisteren prachtig over.

Meneer De Jong, een man van het boerenbedrijf, leek me een beetje verliefd op Mies; hij probeerde wat steelse grapjes op haar uit. Hij viel af en kreeg een paar manchetknopen mee. Meneer Van der Kruit kreeg een aansteker.

Geen onvertogen woord, geen cynisme, alleen maar timide beleefdheid en fatsoen; televisie was nog iets magisch voor het hele gezin. En thuis probeerde we zoveel mogelijk van de prijzen op de lopende band te onthouden.

De dochter van meneer De Jong won en had van de prijzen ook een box met stro opgemerkt; die bleek te staan voor een paardje met een kleine koets erachter. Wat een prijs!

Een paardje met een koets.
Sprookjesachtig.

Dat was die tijd natuurlijk niet, maar er lag een grote dorpsheid over de uitzending, wars van dubbele bodems, allemaal bijeengelachen door Mies en haar microfoon met verlengsnoer.

Maar ook dat weerspiegelde nog geen tijdsbeeld. Alle tijden zijn complex, altijd is er gedoe tussen de mensen.

Ik keek naar 'Platonov', een vroeg toneelstuk van Tsjechov dat lang op de plank heeft gelegen, omdat de actrice voor wie hij het stuk had geschreven er niks in zag.

In Utrecht werd het opgevoerd door een ensemble van jonge acteurs en actrices. Van het laat negentiende-eeuwse landhuis in Rusland (heel veel gedoe toen) was het decor verplaatst naar een zeer eigentijdse loft in een grote stad, met flatscreen-tv, games en hiphop, waar tien vrienden hun wel en wee met elkaar delen (nog veel meer gedoe).

De acteurs waren dun en beweeglijk, ze praten, ze aten, ze dronken, ze snoven, ze dansten. Ze trokken elkaar aan en stootten elkaar af, met de cynischaantrekkelijke waarheidszoeker Platonov als de spil, een homme fatal.

In het landhuis schoot een van de vrouwen hem aan het slot dood. In de loft eindigde hij als werkzoekende bij bij het UWV. De Russische eenvoud was een complexe polder geworden.

De voorstelling was intens, het tempo hoog, en soms schemerden flarden van Tsjechovs oorspronkelijke proza door, 'een ijskoude klauw' greep in een 'warm hart' en soms ook klonken de woorden heel oud voor zulke jonge, verveelde mensen, die liberal arts and sciences studeren of in between jobs zijn en geen idee hebben van wat het leven van hen verwacht.

Ja, het is tobben.
Wie zijn we?

Geen meneren meer, of mevrouwen, er is geen Mies, maar wel Twan en Tan en duizend kanalen en 'Friends' en Netflix en een vogeltje onder het ijs.

Meer kleine verslagen lezen? Bekijk het volledige dossier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden