'Die bloedzakken wáren van mij'

wielrennen | interview | Een Tour zonder doping, kan dat? Die vraag keert elk jaar terug. De Duitser Jörg Jaksche biechtte in 2007 georganiseerd dopinggebruik op.

Jörg Jaksche is even terug in 2006. Het moment dat Alejandro, de buschauffeur van de Spaanse wielerploeg Liberty Seguros, hem belde, dat moment vergeet hij zijn leven niet weer. Ploegleider Manolo Saiz was opgepakt in het bijzijn van dopingarts Eufemiano Fuentes.

"Er heerste angst in de ploeg", vertelt de Duitser per telefoon vanuit Berlijn. "Ik was bang dat ze mij ook zouden arresteren. Ik wás in Spanje en de bloedzakken die ze daar hadden aangetroffen wáren van mij. Dat lege gevoel is er nu weer in mijn maag. Zij het iets minder heftig."

Jaksche was een van de negen renners die begin juli een startverbod kregen voor de Tour de France van 2006, toen de omvang van 'Operacion Puerto' duidelijk werd en hun namen in de openbaarheid kwamen. Fuentes behandelde toprenners als Tyler Hamilton, Jan Ullrich en Ivan Basso.

Jaksche brak na een jaar van ontkenningen. Hij biechtte in juni 2007 alles op in het Duitse weekblad Der Spiegel. Pas vijf jaar later maakte Hamilton schoon schip in zijn boek 'The Secret Race', dat een van de nagels aan de doodskist van Lance Armstrong werd.

Jaksche ontwaakte al in 2007 uit de droomwereld van de sport. Hij belandde in rechtszalen en internationale sportinstanties 'vermorzelden' hem. Iedereen heeft eigen drijfveren om iets met je te doen, vertelt hij. "Vroeger was ik rechtlijnig, nu besef ik dat er veel soorten grijs zijn. De sportpolitiek is zoals de politiek in een derdewereldland. Als individuele sporter is het lastig je gelijk te halen. Als je een systeem bevecht dat al lang bestaat, zijn er intenties en financiële belangen die je niet doorziet."

Tijdens zijn schorsing trainde hij door, in de hoop na 2009 nog terug te kunnen keren in de sport. "Ik sprak met teams die me aan het lijntje hielden", zegt Jaksche. "Ze zeiden me dat ik ballen had getoond, maar uiteindelijk kozen ze niet voor mij, omdat ik door velen werd gezien als de verrader. Ze vonden me de zwakke lul, omdat ik dacht doping nodig te hebben om te presteren. Ik werd een verstotene."

Jaksche keerde de sport helemaal de rug toe, toen in 2011 zijn landgenoot Patrik Sinkewitz na een schorsing opnieuw werd betrapt. "Toen wist ik dat het profwielrennen nooit echt zal veranderen. Doping was een probleem van het systeem. Af en toe vraag ik me wel af: waarom vertrouwde ik die mensen? Waarom ging ik die kant op? Ik was zwak, beïnvloedbaar en kwetsbaar."

Hij volgt de sport nog, van een gezonde afstand. Lacht om oude ploegleiders die hij omschrijft als handelsreizigers. Hij ziet oude vrienden die hem negeren en werken voor tv-stations en uren praten over de verbeterde staat van het wielrennen, zoals David Millar.

Jaksche onderschrijft dat er een tweedeling is binnen dopinggebruikers. Hij staat aan de ene kant, die van het kwaad. Hij staat daar met Michael Rasmussen, Tyler Hamilton, Floyd Landis en Lance Armstrong: alles bekend, alle kennis gedeeld. Aan de andere zijde, kerels als Millar en Ivan Basso. "Mensen die van de koers houden, willen niet verraden worden", zegt Jaksche. "Basso wordt het vergeven, ook al weten de fans dat hij gedrogeerd was."

Die hypocrisie houdt het wielrennen in stand, erkent Jaksche. Op korte termijn houdt het de sport in leven, op de lange termijn is het een gevaar. "Kijk eens naar sprinter Marcel Kittel", zegt Jaksche. "Reed voor Giant-Alpecin, volgens mij een goed team dat echt probeert te veranderen. Kittel verhuist naar Ettix Quickstep van Patrick Lefevere en Dirk de Mol. Kittel zegt: 'Alles is schoon.' Eén: hoe weet hij het verschil in variaties? En twee: waarom ga je naar een team waar de baas ooit ploegleider was van Mapei, in de periode dat epo wijdverspreid was en die ploeg het meeste succes haalde? Zoals ik ook al in de Spaanse rechtbank verklaarde: Fuentes vertelde mij ooit dat hij als dokter zijn kennis over het wielrennen verkreeg van De Mol, die toen voor Mapei werkte en nu voor Ettix."

Op de vraag hoe hij terugkijkt op zijn betekenis, vertelt Jaksche allereerst dat hij het ook uit financiële overwegingen deed - om zijn advocatenrekeningen te kunnen betalen nadat alle inkomsten waren weggevallen en zijn carrière kapot was.

"Ik ben wel wijzer geworden na Puerto", zegt hij. "Ik probeer nu vooral mijn eigen leven op een rustige manier te leiden, zonder me op te winden over de buitenwereld."

"Ik kan mijn verhaal vertellen en dan moet je zelf maar beoordelen of die bekentenis zinvol is geweest. Ik ben geen goed voorbeeld voor mensen die ook op het punt staan iets op te biechten. Ik raakte bijna alles kwijt: mijn werk, mijn inkomen, mijn passie. Ik raakte in een depressie. Het was lastig. Ik kreeg weinig hulp van anderen. Ik vocht alleen. Ik was het zwarte schaap."

Wie is Jörg Jaksche

Jörg Jaksche (23 juli 1973) is een voormalig wielrenner. De Duitser reed in zijn loopbaan voor ploegen als Polti, Deutsche Telekom, ONCE, CSC en Liberty Seguros. In 2004 won hij de etappekoers Parijs-Nice. Zijn beste eindklassering in de Tour de France was 16de (2005).

Jaksche woont momenteel in Sydney, waar hij de komende anderhalf jaar zijn masters economie probeert te halen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden