Die arme negentiende eeuw verdient beter

Wat lees je nou graag voor jezelf, vroegen we aan onze critici, bij wijze van tip ook voor u. Paul van der Steen vertelt wat hem zo fascineert aan de negentiende eeuw.

Geen eeuw die zo lijdt onder een slecht imago als de negentiende. Bij Marita Mathijsen begon dat al op de middelbare school. "Daar leerde ik dat die eeuw een door en door burgerlijk tijdvak was, waarin niets gebeurde, waarin niets geschreven was wat de moeite waard was, een tijd van slapte en verval."

De literator E.J. Potgieter hekelde in 1842 in het artikel 'Jan, Jannetje en hun jongste kind' de Nederlandse slapte. Alle lamlendigheid kwam zo'n beetje samen in Jan en Jannetje's jongste kind Jan Salie: "Welke doffe oogen! - welk een meelgezicht! - welk een houding van slierislari!"

Volgens Mathijsen had de geschiedschrijving van de hele negentiende eeuw een jan salie gemaakt: "Het levende gezicht werd onzichtbaar gemaakt achter de onbeweeglijke en verstarde trekken van het masker."

In werkelijkheid waren het honderd jaar van beweging. Industrialisatie en verstedelijking veranderden de wereld onherkenbaar. De wetenschap maakte grote stappen voorwaarts. Middeleeuwse gewoonten en gebruiken die de tijd hadden overleefd, kwamen ter discussie te staan en verdwenen. Verdrukten lieten hun stem horen. Massabewegingen en massamedia roerden zich.

In die overgangstijd vierde de dubbele moraal hoogtij. Dat is, naast de onbeweeglijke en verstarde trekken die de historiografie dit tijdvak toedeelde, nog een reden waarom Mathijsen haar aan het begin van dit millennium verschenen boek over denken en doen tussen 1800 en 1900 'De gemaskerde eeuw' noemde. De mensen van toen hadden zichzelf nooit zo ongegeneerd durven portretteren.

Mathijsen begint zelfs met het verborgen leven van het onderlijf om daarna via de harde realiteit van alledag uit te komen bij de verheven idealen.

De letterkundige is Nederlands meest enthousiasmerende ambassadeur voor een onterecht vergeten tijdvak. Het leeuwendeel van de aandacht voor historische non-fictie gaat uit naar geschiedenis van de twintigste eeuw met zijn gruwelijke oorlogen en razendsnelle mentaliteitsomslag. In Nederland is waarschijnlijk de glorierijke zeventiende eeuw een goede tweede als het om belangstelling gaat. Terwijl de negentiende eeuw ook zoveel spannends en interessants te bieden heeft en in wezen zo dichtbij is. Ondergetekende (bouwjaar: 1969) zat als peuter en kleuter op schoot bij zijn overgrootmoeder (bouwjaar: 1873), die op haar beurt nog op de schoot moet hebben gezeten van mensen die kind waren in de vroege negentiende eeuw.

Andersom staken de mensen uit die tijd ook de hand uit naar hun verleden. Alle vernieuwingen maakten dat ze zich wilden verhouden tot de geschiedenis.

Inmiddels werkt Mathijsen aan een biografie van schrijver, uitgever en politicus Jacob van Lennep, een aanstekelijke stem uit de negentiende eeuw zelf. Mathijsen, maar ook iemand als Geert Mak, maakte al menigmaal gebruik van zijn waarneming van toen.

Wie op de hoogte wil blijven van het vorderen van de Van Lennepbiografie en menige vondst die waarschijnlijk het boek zal halen, kan terecht op het blog:

maritamathijsen.wordpress.com.

Auke van der Woud: Koninkrijk vol sloppen. Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw BERT BAKKER; 440 BLZ. euro 26

Nog zo'n correctie op het geijkte beeld van een aangeharkte en burgerlijke eeuw.

Van der Woud dringt door tot in de krochten en kieren van het toenmalige Nederland. Ongeveer de helft van de bevolking woonde onder erbarmelijke omstandigheden. Erover lezen in dit boek is een bijna zintuiglijke ervaring.

Ook de rest van Van der Wouds oeuvre is zeer de moeite waard, zoals 'Het lege land' over ruimtelijke ordening, en 'De nieuwe mens' over de opkomst van materialisme en massacultuur.

Paul van der Steen studeerde journalistiek en politicologie en schreef een proefschrift over oud-minister en -premier Jo Cals. Hij werkt als journalist voor onder meer Trouw, NRC Handelsblad en het Historisch Nieuwsblad. Van zijn hand verschenen vier boeken, meest recent 'Schampschot. Een klein Nederlands dorp aan de rand van de Groote Oorlog'. Voor Trouw recenseert hij (historische) non-fictie.

Andrea Wulf: De uitvinder van de natuur. Het avontuurlijke leven van Alexander von Humboldt ATLAS CONTACT; 576 BLZ. euro 39,99

Alexander von Humboldt (1769-1859) com- bineerde het beste van twee werelden: als ontdekkingsreiziger trok hij door verre streken, tegelijkertijd verkende hij met evenveel bravoure de ideeënwereld. De Pruis bezag de natuur als geheel, waarin alles met alles samenhangt (Darwin noemde hem niet voor niets als grote inspiratiebron). Von Humboldt is het bewijs dat een goed stel hersenen nog maar het begin is. Durven denken en van mening durven te veranderen zijn van nog veel groter belang.

Rick Honings: De dichter als idool. Literaire roem in de negentiende eeuw BERT BAKKER; 480 BLZ. euro 49,95

Fijne cultuurgeschiedenis met smakelijke anekdotes. De jonge Thorbecke zocht Goethe op. Johannes Kneppelhout ging op schrijversbedevaart naar Victor Hugo én Walter Scott. Grote kunstenaars ontstegen de rangen der gewone stervelingen, ze werden allengs als genieën beschouwd, in plaats van als begaafde ambachtslieden. Grote geesten waren ze, liefst ook wat gekweld. En anders probeerden ze dat wel uit te stralen. Eduard Douwes Dekker koos als pseudoniem Multatuli: Ik heb veel geleden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden