Dictators jagen

interview | mensenrechten | Zeventien jaar kostte het jurist Reed Brody om de voormalige president van Tsjaad achter de tralies te krijgen. Dat baanbrekende proces bracht een nieuw model voor slachtoffers van dictators om gerechtigheid af te dwingen.

Soms lijkt het ineens makkelijk. In het jaar 2000 had de Amerikaanse jurist Reed Brody even het gevoel alsof je de oud-dictators van de wereld zo kon oppakken. De Chileense generaal Pinochet - aan wiens zaak hij jaren had gewerkt - zat vast in Londen. Hissène Habré, oud-dictator van Tsjaad, was gearresteerd in Senegal en de rechtszaak kon ieder moment beginnen. Brody knipt er gejaagd bij met zijn vingers. "Dictators jagen. Hop, wie is de volgende?"

"Ik dacht echt dat Habré in 2001 berecht zou worden." Brody leunt even achterover. In plaats daarvan duurde het vijftien jaar langer. Dat is een duidelijke waarschuwing voor wie denkt dat het uiteindelijke succes in de zaak Habré weer een golf van processen op gang kan brengen tegen de machtigen der aarde. Makkelijk wordt het waarschijnlijk nooit.

Toch heeft de coalitie die de berechting van Habré voor elkaar kreeg een spectaculair precedent geschapen. Het waren de slachtoffers van de oud-dictator zelf die de aangiftes deden. Senegal, een land dat geen enkele directe betrokkenheid had bij Habré's misdaden, voelde zich geroepen hem te berechten.

En het gebeurde snel. De rechtszaak duurde slechts één jaar en kostte tien miljoen euro, zowel in tijd als geld een fractie van wat zaken voor internationale tribunalen kosten. En - minder meetbaar maar des te belangrijker - het gevoel van bevrediging onder de slachtoffers is aanmerkelijk groter. Het Habré-model wordt alom geprezen als een verfrissend alternatief voor de stroperige internationale rechtbanken.

Gras zien groeien

"Internationaal recht beoogt doorgaans perfectie", zegt Brody. "Het is daarom soms alsof je kijkt hoe het gras groeit. Het Habré-proces was juridisch gezien misschien niet van het hoogste niveau, maar het was zeker goed genoeg. En het werkt omdat het de slachtoffers waren die het initiatief namen."

Toen het Internationaal Gerechtshof oorlogsmisdaden in de Congo onderzocht, kwam het op juridische gronden met aanklachten tegen relatief kleine spelers. Dat leidde tot teleurstelling onder slachtoffers. In de zaak Habré waren het juist die slachtoffers zelf die direct de hoogst verantwoordelijke aanpakten.

Dat leidt volgens Brody tot een wezenlijke verandering in de verhouding tussen daders en slachtoffers. "Mensen als Jacqueline Moudeina en Souleymane Guenggueng - slachtoffers van het Habré-regime - toonden dat ze de mácht hadden om Habré ter verantwoording te roepen. In een land als Tsjaad is dat heel moeilijk voorstelbaar. Maar ze deden het. Dat vergroot het voorstellingsvermogen van gewone burgers over wat ze kunnen bereiken."

Is het succesverhaal te herhalen? Brody gelooft van wel. Hij zegde zijn baan bij mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch op om zich fulltime te kunnen richten op de jacht op dictators.

"Human Rights Watch heeft me altijd gesteund, maar deze zaak was steeds een soort hobby. De laatste drie jaar was het fulltime, maar daarvoor had ik er altijd ander werk naast te doen. Op deze manier kan ik mij beter focussen. En één ding dat ik heb geleerd in deze jaren, is dat het een lang gevecht is, dat je geobsedeerd moet zijn om iets te bereiken."

"Het belangrijkste is het politieke proces", zegt Brody. "Je moet een beweging zien te creëren die politici duidelijk maakt dat het niet in hun belang is om een proces te dwarsbomen. Dat kost tijd." Het lukt ook lang niet altijd. Ondanks de grote publieke druk mocht Pinochet van de Britse regering naar huis.

In het geval van Habré bleef de Senegalese president Wade een rechtszaak hardnekkig blokkeren. De doorbraak kwam pas toen hij bij verkiezingen het veld moest ruimen en zijn opvolger de zaak oppikte. "Ik heb uiteindelijk vaker gefaald dan succes gehad", zegt Brody nuchter. "Je hebt een grote dosis geluk nodig."

Juridisch is er weinig dat nieuwe rechtszaken in de weg staat. Het principe van universele jurisdictie dat Senegal gebruikte om Habré te berechten, is in heel wat landen verankerd. "In Senegal is het niet eens noodzakelijk dat een verdachte bij het proces aanwezig is", zegt Brody. "Theoretisch kun je daar zo de Amerikaanse oud-president George W. Bush berechten."

Dat voorbeeld maakt direct duidelijk waar de angel zit. De juridische onderbouwing van een zaak is belangrijk, maar bepaald niet doorslaggevend. Een aangifte werkt als de politieke 'kosten' van een vervolging laag zijn, en die van wegkijken hoger. Nazi's zijn een typerend voorbeeld. Niemand wil nog bekendstaan als degene die een nazi-oorlogsmisdadiger liet lopen, en hun steun onder de bevolking is doorgaans nihil.

Stortvloed aan aangiftes

Maar andere zaken zijn gewoon politiek niet realistisch. Toen België begin deze eeuw experimenteerde met universele jurisdictie kwam er een stortvloed aan aangiftes op het land af: één tegen Habré, om druk te zetten op Senegal dat aarzelde om zelf te vervolgen. Maar ook tegen Bush, zijn minister van defensie Rumsfeld en de Britse premier Blair om de oorlog in Irak, en de toenmalige Israëlische premier Sharon. Onder leiding van de Verenigde Staten kwam er een enorme politieke tegenbeweging en België zag zich genoodzaakt zijn wet aan te passen. 'Frivole aangiftes' werden eruit gefilterd.

Eén zaak in België bleef in deze storm van kritiek overeind: die tegen Habré. Toen zag je echt de kracht van een leidende rol voor de slachtoffers, herinnert Brody zich. Souleymane Guengueng, een van de klagers, kwam naar België, keek de Belgische minister van buitenlandse zaken in de ogen en zei: 'Wij hadden vertrouwen in uw rechtssysteem. U gooide ons een reddingsboei toe. En nu trekt u zich terug?' De minister haastte zich om Guengueng gerust te stellen. "We hadden een draagvlak gecreëerd", stelt Brody.

Zo waren het de niet betrokken 'omstanderlanden' die Habré de das om deden. De dreiging van een rechtszaak in België hielp Senegal door de bocht. Brody leerde ervan dat de politieke omstandigheden niet in beton zijn gegoten. "Je kunt die omstandigheden veranderen als je genoeg omstanders weet te mobiliseren."

Met die gedachte wil Brody aan de slag. Waar het eindigt weet hij niet. "De lat ligt hoog. Als ik nu hier in Brussel naar een politieagent ren om een moord te rapporteren die in Rwanda is gepleegd, zal hij zijn schouders ophalen. Dit soort rechtszaken is kostbaar, en niet alleen in geld, er is ook een politieke prijs die niet iedereen zal willen betalen. Daarom is de rol van slachtoffers ook zo belangrijk. Zij kunnen een beroep doen op hun rechten, een beroep dat ik als omstander nooit zo sterk kan maken."

Brody wordt de laatste maanden van alle kanten benaderd met suggesties voor nieuwe aangiftes. "De meeste zijn tegen mensen die nu aan de macht zijn. Dat is heel moeilijk. Geen land pakt zittende staatshoofden aan. Het is moeilijk voor te stellen dat Habré laaghangend fruit was aangezien het zeventien jaar kostte, maar in zekere zin was hij dat."

Brody denkt terug aan een kaart die hij lange tijd op zijn kamer had hangen met mogelijke doelwitten. Daarvan staat nu Mengistu Haile Mariam, de voormalige dictator van Ethiopië, bovenaan. "Hij is vergelijkbaar met Habré, een Afrikaanse oud-dictator die zijn toevlucht heeft gezocht in een ander Afrikaans land. Hij woont in Zimbabwe. President Robert Mugabe beschermt hem. Maar je moet breder kijken. Het gaat niet alleen om staatshoofden, ook om politiecommissarissen, mensen die anderen gemarteld hebben. De belangrijkste lessen zijn politiek. Hoe bouw je een beweging die zich inzet voor vervolging? Die barricade moet je overwinnen. Kunnen we genoeg mobiliseren om George Bush te vervolgen in Europa? Misschien niet. Iedere situatie is anders."

"Dit succes inspireert mensen, zoals de zaak tegen Pinochet deze zaak heeft geïnspireerd. Ik krijg dagelijks e-mails met voorstellen voor rechtszaken. Er komen nieuwe aangiftes. De meeste zullen falen, maar andere zullen slagen. We hebben een onwrikbaar precedent geschapen."

De zaak-Pinochet

De voormalige Chileense dictator Augusto Pinochet raakte in 1998 verwikkeld in één van de meest dramatische internationale aanklachten ooit. Het Verenigd Koninkrijk arresteerde hem op verzoek van een Spaanse onderzoeksrechter, die hem in Spanje wilde berechten voor moord en marteling tijdens zijn regime.

Brody stortte zich namens Human Rights Watch op de zaak en bepleitte uitlevering bij de Britse autoriteiten. Pinochet beriep zich op juridische onschendbaarheid als voormalig staatshoofd van Chili, maar het Britse hogerhuis besloot dat hij desondanks aan Spanje kon worden uitgeleverd. De Britse regering oordeelde daarop dat Pinochet om gezondheidsredenen terug mocht naar Chili, waar hij tot zijn dood 2006 leefde.

Het proces tegen Habré

Hissène Habré, de voormalige dictator van Tsjaad, werd in mei in Senegal veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf wegens misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden en marteling. Onder zijn schrikbewind in de jaren tachtig werden naar schatting 40.000 mensen gedood.

Nooit eerder veroordeelde een niet betrokken land een voormalig staatshoofd voor misdrijven in zijn eigen land. Habré zocht na zijn afzetting in 1990 zijn toevlucht in Senegal, waar hij zijn oude dag wilde slijten, maar slachtoffers van zijn regime dienden een reeks aanklachten tegen hem in bij Senegalese rechtbanken. Na jaren van aarzeling en uitstel besloot Senegal Habré te vervolgen onder universele jurisdictie, het principe dat Senegalese rechters bevoegd zijn om misdrijven te berechten, waar ook ter wereld gepleegd. Eén van de redenen was de druk van België. Dat land had aangekondigd Habré zelf te willen berechten als Senegal het niet deed.

De slachtoffers namen ook tijdens het proces een leidende rol op zich, met ondersteuning van Brody. Ze getuigden en brachten bewijsmateriaal in. De rechtszaak was via een videoverbinding overal te volgen en werd in Tsjaad op televisie uitgezonden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden