Dezsö Ránki is eerlijke en evenwichtige pianomeester

Deszö Ránki (piano) op 27/9 in Concertgebouw Amsterdam

Het openingsrecital van de serie Meesterpianisten in het Concertgebouw stond zondag deels in het teken van het Haydn-jaar. Op knappe wijze wist de Hongaarse pianist Dezsö Ránki de klassieke wereld van Haydn te spiegelen aan het neoclassicisme van Ravel, het impressionisme van Debussy en ten slotte de virtuoze romantiek van Liszt.

Ránki opende zijn recital met Haydns tweedelige Sonate in C. Het Andante vertolkte hij met een zorgzame tederheid en in het Rondo haalde hij de humor en spitsvondigheid van Haydn in een briljante uitvoering naar boven. Toch ontbrak het spelen met de kleine details en ’praten aan de piano’. Deze karakteristieke uitvoeringsaspecten, die sterk verbonden zijn met het authentieke, 18de-eeuwse instrumentarium, komen zelden goed uit de verf bij uitvoeringen op moderne vleugel. Ook bij Ránki niet.

Vervolgens was hoorbaar hoe in de vorige Haydnherdenking van 1909 Ravel en Debussy hommages hebben gecomponeerd in opdracht van het Parijse tijdschrift Revue Musicale. Ravels gracieuze ’Menuet sur le nom d’Haydn’ en Debussy’s ’Hommage à Haydn’ waren bij Ránki bruggetjes naar de grotere werken van beide Franse componisten. Ránki liet hier in zijn fijnzinnige en evenwichtige vertolkingen een prachtige toonvorming horen, dramatisch ietwat ingehouden, maar allerminst verlegen musicerend. Zijn palet bestond uitsluitend uit pasteltinten die hij gebruikte voor sublieme, impressionistische klankschilderingen. De Sonatine van Ravel was ragfijn en helder gestructureerd. Zeer evocatief en geraffineerd vertolkte hij de ’Estampes’ van Claude Debussy, met in ’Pagodes’ schitterende impressies van het Verre Oosten.

Franz Liszt staat in relatie tot Haydn, omdat hij les heeft gehad van Czerny, leerling van Haydns sterleerling Beethoven. Bewonderenswaardig hoe Ránki erin in slaagde de klassieke vorm in de revolutionair gecomponeerde Sonate in b gestalte te geven, door het gehele stuk strikt ritmisch en in een constant doorgaande puls te spelen. Hij trapte niet in de valkuil de onderling zeer contrasterende thema’s extra karakter te willen geven door in tempo te fluctueren. Ránki begon enigszins ongelukkig met groezelige passages en een reuze misslag vlak aan het begin van het stuk. Dat kwam doordat hij het erop waagde die sprong ritmisch juist te spelen: wat de meeste pianisten uit veiligheidsoverwegingen helaas wél doen.

Het publiek reageerde lauwtjes op dit eerlijke Liszt-spel. Slechts één toegift volgde: het vederlicht gespeelde ’The snow is dancing’ uit Debussy’s ’Children’s Corner’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden