Dezelfde vragen, nieuwe antwoorden

De Vereniging van Geestelijk Verzorgers in Zorginstellingen bestaat veertig jaar. De vragen die de verzorgers in die vier decennia kregen zijn niet veel veranderd. Hun antwoorden wel. 'Veertig jaar geleden gebruikte men vooral de Bijbel als bron. Nu kan dat van alles zijn.'

Orgelklanken fladderen door de ruimte, het koor repeteert. Tussen de marmerwitte zuilen van de Utrechtse Domkerk verzamelen zich meer dan honderd mannen en vrouwen. De plechtigheid begint: er wordt nu eens staand dan weer zittend gezongen, en er klinken bedachtzame woorden over 'zingeving' en 'verbondenheid'.

Toch is dit geen kerkdienst, maar het veertigjarig jubileum van de Vereniging van Geestelijk Verzorgers in Zorginstellingen (VGVZ). De bezoekers zijn sjiek gekleed, en overwegend van middelbare leeftijd.

Geestelijk verzorgers werken niet uitsluitend in zorginstellingen, zoals het ziekenhuis, maar bijvoorbeeld ook in de gevangenis of in het leger. "Ons werk bestaat voornamelijk uit gesprekken voeren", zegt Elke Herlaar, dominee en geestelijk verzorger in het Rijnland Ziekenhuis in Leiderdorp. "Patiënten nemen zelf contact met ons op, of worden doorverwezen door een arts of de verpleging. We praten over zingeving, over existentiële vragen zoals 'hoe ga je om met ziekte?'. Daarnaast voeren we rituelen uit: ik bid met gelovige patiënten en er is wekelijks een kerkdienst in het ziekenhuis."

Is de geestelijke verzorging de afgelopen veertig jaar veranderd? "Ja, gigantisch", zegt Hetty Zock. Ze is hoogleraar godsdienstpsychologie, met bijzondere aandacht voor de geestelijke verzorging, aan de Rijksuniversiteit Groningen. "Veertig jaar geleden kwam de term 'geestelijk verzorger' pas net op. De term zelf hangt nauw samen met de veranderingen in het beroep. Vroeger werd geestelijke zorg vooral geboden door de pastor of de dominee, vanuit een confessionele binding. De afgelopen jaren is de geestelijke verzorging algemener geworden. Eerst kwamen de humanisten erbij en later ook de imams."

De beroepsvereniging VGVZ groeide met deze veranderingen mee: "We begonnen als een samenwerkingsverband voor katholieke en protestantse geestelijk verzorgers", zegt voorzitter Simon Evers. "Nu hebben we ook een humanistische, islamitische, joodse en hindoestaanse sector."

Geestelijk verzorger Elke Herlaar ziet ook veranderingen in de invulling van haar beroep. "De antwoorden zijn breder geworden. Veertig jaar geleden gebruikte men vooral de Bijbel als bron om kracht uit te putten, nu kan dat van alles zijn."

Hoogleraar Hetty Zock: "De tijd dat de dominee de ziekenzaal op kwam en uit de Bijbel begon te lezen en te bidden ligt allang achter ons. Mensen halen minder steun uit tradities en de behoefte aan rituelen is toegenomen."

Elke Herlaar geeft een voorbeeld van zo'n ritueel: "Ik heb wel eens samen met een patiënt een brief geschreven aan iemand die al overleden was. Mijn patiënt had bepaalde zaken nooit kunnen uitspreken en zat daar erg mee. Het schrijven van zo'n brief en er samen over praten helpt."

Een geestelijk verzorger moet volgens de beroepsstandaard álle mensen bijstaan die daar behoefte aan hebben, ongeacht hun achtergrond. "Dat kunnen ook mensen zijn zonder religie, of mensen die religieus 'shoppen'", zegt Zock.

Over de vraag of een geestelijk verzorger zelf een religieuze achtergrond moet hebben, zijn de meningen verdeeld. De VGVZ, waarbij 830 van de ongeveer elfhonderd Nederlandse geestelijke verzorgers zijn aangesloten, staat alleen open voor mensen met een zogenoemde 'ambtelijke binding' - zij worden 'gezonden' door bijvoorbeeld een kerkgenootschap.

Anton Scholte, geestelijk verzorger bij ZiekenhuisGroep Twente, is bestuurslid van Albert Camus, de concurrerende beroepsvereniging voor geestelijk verzorgers. "Bij onze vereniging zijn ook geestelijk verzorgers zonder ambtelijke binding welkom, net als geestelijk verzorgers die in andere instellingen werken dan de zorg."

Van Scholte mogen beide verenigingen in de toekomst samengaan. "Wil je aan het werk als geregistreerd geestelijk verzorger, dan moet je lid zijn van de VGVZ. De VGVZ heeft een groot netwerk, maar als je als geestelijk verzorger niet in de zorg werkt maar in het leger of bij de politie, kun je daar geen gebruik van maken."

In de Domkerk vieren de geestelijk verzorgers weliswaar feest, maar ze maken zich ook zorgen. De bezuinigingen in de zorg, verregaande kwaliteitseisen vanuit de overheid en de discussie over de toelating van nieuwe leden - het zijn kwesties waarop nog geen antwoord is.

Simon Evers, voorzitter van de VGVZ, maakt zich echter geen zorgen: "Er zal altijd behoefte zijn aan geestelijke verzorging. De antwoorden die we geven veranderen door de tijd, maar de vragen blijven hetzelfde."

Wel gezonden, maar bekeren mag niet
Bekeren? Dat mag een geestelijk verzorger niet. In de beroepsstandaard van de VGVZ is opgenomen dat er altijd vanuit de levensbeschouwing van de cliënt wordt gewerkt. Religie inbrengen mag alleen als dat ten bate is van de cliënt.

Toch mag een geestelijk verzorger alleen lid worden van de beroepsvereniging als hij vanuit een bepaalde denominatie 'gezonden' is. Binnen de VGVZ woedt al jaren een discussie over deze heikele kwestie.

"Er moet wel gebeden worden!", vindt een van de aanwezigen op het jubileum van de VGVZ in Utrecht. Een ander zegt: "Ook niet-gelovigen kunnen dit beroep uitoefenen. Maar het is wel belangrijk om vanuit een bepaalde bron te werken. Je eigen levensbeschouwing en identiteit maken deel uit van het instrument waarmee je werkt: jezelf."

Anton Scholte, bestuurslid van de met de VGVZ concurrerende beroepsvereniging Albert Camus, is zelf niet ambtelijk gebonden. Dit ervaart hij niet als belemmering in zijn werk: "Ik heb óók een roeping".

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden