Deze Nederlandse jongeren gaan wél langere tijd in het buitenland studeren

Daniil Soloviev pakt zijn koffers en vertrekt vanuit Delft naar Cambridge. Beeld Jean-Pierre Jans

Nederlandse jongeren zijn honkvast, ze vertrekken zelden voor hun studie naar het buitenland. Bij de opening van het academisch jaar vertellen drie studenten waarom ze dat wél doen.

Meer dan 200.000 studenten beginnen vandaag aan hun studie op een van de Nederlandse hogescholen en universiteiten. De precieze cijfers komen nog, maar het zijn er meer dan vorig jaar. Dat is duidelijk. Steeds meer van hen komen uit het buitenland.

Andersom gaan Nederlanders zelden voor een volledige opleiding de grens over. Voor een paar maanden met een Europese beurs, daar zijn ze dol op. Maar drie of vier jaar voor een bachelor? Een of twee jaar voor een master? Amper.

In collegejaar 2013-2014 ging het om 13.686 studenten, blijkt uit cijfers van internationaliseringsorganisatie Nuffic. Dat is 2 procent van alle studenten in Nederland. Het meest populaire land is België. Vanwege de taal en omdat studenten die in Nederland niet worden toegelaten tot een opleiding, uitwijken naar een Vlaamse universiteit. Ook Groot-Brittannië, de zuidelijke Europese landen en Duitsland zijn populair.

Nuffic verwacht dat er nu iets meer Nederlanders in het buitenland studeren, recentere cijfers heeft ze niet, maar een enorme vlucht hebben de aantallen niet genomen. Dat is te zien aan het aantal studenten dat studiefinanciering aanvraagt voor een buitenlandse opleiding.

De Nederlandse student is in vergelijking met leeftijdgenoten in de rest van Europa weinig geneigd de grens over te gaan. Duitsers studeren vaker in het buitenland, net als Fransen, Italianen, Finnen of Zweden. Gemiddeld studeert in EU-landen iets meer dan 3 procent van het totaal aantal studenten in het buitenland.

De meest gehoorde verklaring voor de honkvaste Nederlander is vrij eenvoudig: ons onderwijs is goed en relatief goedkoop. De hogere kosten van een opleiding in het buitenland wordt dan ook vaak genoemd als reden om niet te gaan, zegt bestuurslid Josca Schoonejans van Nederlandse Studenten Wereldwijd, de organisatie van Nederlanders die in het buitenland studeren. Die enquêteert jongeren om de twee jaar waarom ze wel of niet naar het buitenland willen.

"Ook de onoverzichtelijke informatievoorziening wordt vaak genoemd", zegt ze. "Het is niet altijd duidelijk wat er geregeld moet worden voor een studie in het buitenland."

Drie studenten vertellen waarom zij, ondanks hogere kosten en bureaucratische rompslomp, dit jaar toch naar het buitenland vertrekken. Daniil Soloviev (18) vertrekt eind september naar Engeland voor een bachelor-opleiding aan de Universiteit van Cambridge.

"Ik heb twee redenen voor mijn keuze voor Cambridge. Een: het is de beste universiteit ter wereld en twee: ik wilde naar een plek waar ik word uitgedaagd. Ik merkte dat school vaak niet uitdagend genoeg was, ik kon alles vijf keer zo snel. Dat hoop ik daar te voorkomen.

In Nederland is het niveau van elke universiteit wel oké maar we hebben niet echt topuniversiteiten. In Engeland en Schotland zijn die er wel. Daar komt een ander soort mensen, mensen die ambitieus zijn. Dat lijkt me leuk.

De selectie voor Cambridge is streng. Nadat ik een 'offer' had gekregen, een toelating onder voorwaarden, moest ik nog een negen halen voor mijn eindexamens wiskunde B, scheikunde en natuurkunde. Dat is gelukt. Cambridge is een goede universiteit en ik betaal net zoveel collegegeld als iedere andere Brit. De Brexit is nog geen feit. Dat collegegeld is wel hoger dan in Nederland, zo'n 10.000 euro per jaar. Ook wonen en leven is duurder. Ik leen dat geld, ik vind dat het waard. De terugbetaaltermijn is 35 jaar, ik maak me daar geen zorgen over.

Mijn ouders zijn opgegroeid in de Sovjet-Unie, ze vinden het goed dat ik ervoor wil gaan en dat ik ambitie heb. Ik stel me zo voor dat het een beetje Harry Potter-achtig is daar. Wist je dat Zweinstein gebaseerd is op Britse universiteiten?

Ik vind het spannend. Maar wel het soort spannend waar ik heel erg naar uitkijk. Het leven is heel vol daar. Er is zoveel te doen. Voor elke hobby die je kunt verzinnen is een vereniging. Ik doe nu aan aikido, dat is een Japanse sport, en ik speel blokfluit. Ik denk dat ik dat wil blijven doen, ik moet kijken wat ze allemaal hebben. Ik kijk heel erg uit naar de mensen die ik ga ontmoeten."

Frank Witkam Beeld rug

Frank Witkam (29) woont sinds april in Tokio voor een tweejarig programma esthetiek en kunstgeschiedenis aan Keio Universiteit.

"Tijdens mijn bacheloropleiding Japanstudies ben ik geïnteresseerd geraakt in Japanse prentkunst. Om me daarin te verdiepen, moest ik echt naar Japan. Ik kan hier nu twee jaar studeren met een beurs van het Japanse ministerie van onderwijs. Die is bedoeld om studenten van over de hele wereld te trekken, om een soort brug te slaan tussen Japan en in mijn geval Nederland.

Mijn hele opleiding is in het Japans, ik heb voornamelijk contact met Japanners. Soms is dat lastig. Ik hoor van vrienden dat het in andere steden makkelijker is om een praatje te maken met de buren of met iemand die je niet kent.

Maar het is geweldig om in Tokio te wonen, er is hier altijd wat te doen. Er is theater, er is muziek en buiten de deur eten is veel goedkoper dan in Nederland.

Ik moest veel regelen voor ik hier naartoe kon. Ze willen in Japan alles van je weten. Ik moest mijn bloed laten testen en longfoto's maken om te bewijzen dat ik geen tuberculose heb. Ik had aanbevelingsbrieven nodig en ik moest een examen doen. De professor die mijn aanbeveling heeft geschreven, functioneert als mentor. Hij neemt me mee naar symposia en musea en als ik me misdraag is hij daar verantwoordelijk voor.

De toetscultuur heeft me hier het meest verbaasd. Voor alles is een test. Ik vind het verschrikkelijk, maar op een bepaalde manier is het ook eerlijker. Misschien creëert het meer gelijke kansen. De vader van een vriendin hier is vrachtwagenchauffeur. Ik deed mijn bachelor in Leiden, dat kan ik me daar echt niet voorstellen.

Ik zou het iedereen aanraden om naar het buitenland te gaan. Je kijkt anders naar Nederland, denkt na over dingen die je eerst heel logisch vond. In Japan worden kinderen niet op twaalfjarige leeftijd gescheiden naar onderwijsniveau, in Nederland wel. Wat heeft dat voor gevolgen? En waarom krijgen leraren in Japan beter betaald?"

Beeld Jean-Pierre Jans

Maaike Schoonejans (22) vertrekt deze week naar Spanje voor een master economics aan de Carlos III Universiteit in Madrid.

"Ik wilde al heel lang naar het buitenland. Het lijkt me leuk om dat tijdens mijn studie te doen. Dan heb je automatisch iets te doen en je hebt een groep waar je bij hoort. En ik wil iets nuttigs doen, niet alleen maar reizen. Zeventig procent van de studenten in de master die ik ga volgen, komt uit het buitenland, het is dus een hele internationale groep.

De master is Engelstalig. Dat moet ook wel want ik spreek geen Spaans. Ik ben ook nog nooit in Madrid geweest. Ik heb me voor meerdere universiteiten aangemeld, ook voor Londen, Stockholm en Kopenhagen. Daar ben ik niet toegelaten. Ik koos voor deze universiteiten omdat die goed bekendstaan in het vakgebied.

Ik vind het best wel spannend. Omdat ik naar een land ga waarvan ik de taal niet spreek en ook omdat ik nu begin aan een masteropleiding. Ik verwacht dat ik hard moet studeren. Maar ik denk dat er ook tijd is voor weekendjes weg en drankjes drinken met andere studenten. En ik wil voetballen. Er is een voetbalteam van de universiteit, het zou leuk zijn als ik daar bij kan.

Ik heb een mooie kamer gevonden in het centrum van Madrid, met vijf andere studenten. Dat was niet moeilijk, die had ik redelijk snel gevonden.

Een studie aan de universiteit is in Spanje duurder dan een opleiding in Nederland. Ik heb wel even overwogen om niet te gaan vanwege de hoge kosten. Gelukkig helpt mijn vader me.

Van de mensen die ik ken gaat niemand voor een hele opleiding naar het buitenland, veel gaan voor een half jaartje op uitwisseling. Dat wilde ik niet, dan is het echt alleen maar feesten."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden