Deze dag gaat het alledaagse voorbij

Deelnemers aan de Dag van de Filosofie discussieerden zaterdag in het Tilburgse Natuurmuseum over de aard van het rationele beest. „Filosofie doet het altijd goed in de kroeg.”

Wie de Spoorlaan in Tilburg oprijdt, zal het grijze statige gebouw niet meteen opvallen. Hier ligt het Natuurmuseum, voor een zaterdag omgetoverd tot decor van de Dag van de Filosofie. In vier zalen discussiëren filosofen, kunstenaars, toneelspelers en wetenschappers over de aard van het rationele beest, thema van de Maand van de Filosofie.

Op het terras voor de ingang van het gebouw nippen Martin Dijstelbloem (66) en Piet Zuidgeest (69) aan hun koffie. Beiden hebben een priesteropleiding genoten en zijn voor het tweede achtereenvolgende jaar naar de Dag van de Filosofie gekomen. Hoe kijken zij aan tegen de groeiende belangstelling van filosofie? Is filosofie misschien op te vatten als vervanging van religie?

„Nee”, meent Dijstelbloem. „Hoewel religie en filosofie allebei van doen hebben met betekenisgeving, is filosofie niet de plaatsvervanger van religie. Filosofie doet voortdurend onderzoek naar wat wel en niet klopt, wat wel en niet waar is. Religie is volgens mij vooral bedoeld om mensen vertrouwen te geven.”

Voor Yellie Baghuis (62) is dat anders. Ging zij vroeger nog iedere zondag naar de kerk, nu is ze met haar vriendin Ellen Lanfermeijer (59) voor de derde keer aanwezig op de Dag van de Filosofie.

„Ik ben gereformeerd opgevoed, maar heb de religie helemaal afgezworen”, zegt ze. Ze hoopt dat ze door ’het avontuur van de filosofie’ en via ’een eigenwijze zoektocht’ antwoorden op levensbeschouwelijke vragen zal vinden.

Kan de filosofie wel antwoorden bieden op zulke vragen? De Weense filosoof Ludwig Wittgenstein zou er korte metten mee maken. In de ’Tractatus Logico-Philosophicus’ stelt hij dat existentiële levensvragen zonder meer onbeantwoordbaar zijn. Vragen naar de zin van het leven en naar ethische waarden vallen buiten het gebied van het zegbare. Daar staat de Franse filosoof en oud-minister Luc Ferry tegenover die – zie Letter & Geest van afgelopen zaterdag – juist een lans wil breken voor het stellen van dit soort vragen in de filosofie: ’Wat is de zin van het bestaan?’, ’wat is het goede leven?’, ’wat is wijsheid?’ en ’wat is verlossing?’.

Veel mensen die naar de Dag van de Filosofie komen zijn op zoek naar antwoorden op levensbeschouwelijke vragen, constateren ook Erik Reijnen (42) en Jack de Bruin (44), filosofiedocenten aan het Canisius College in Nijmegen, die van deze dag hun jaarlijkse studiedag maken. „In de filosofie zul je het antwoord niet snel vinden”, zegt Reijnen. „De filosofie is geen vat met oplossingen voor alle problemen en biedt geen definitief richtsnoer voor het leven. De filosofie problematiseert deze richtsnoeren juist door er voortdurend kritisch vragen over te stellen.”

Henk Kok (49), die tussen de discussies door even uitblaast op de gang, ziet hier vooral het belang van de filosofie in. „De filosofie stelt vragen over ogenschijnlijke zekerheden. Je moet voortdurend alles blijven bevragen. Wanneer je dit niet doet, bestaat het gevaar dat je achter ’de keizer zonder kleren’ aanloopt.”

Zijn er op de Dag van de Filosofie dan alleen maar mensen aanwezig, die in de ’contemplatieve fase’ van hun leven zitten? Nou, nee. Hoewel overduidelijk in de minderheid, zijn er ook enkele jongeren aanwezig. Geneeskundestudent Hans de Haar (19) vindt het ’gewoon stoer’ om met filosofie bezig te zijn. „Filosofie heeft iets mystieks en doet het ook altijd goed in de kroeg.”

Frans Kusters (20) is daarentegen met een duidelijk andere drijfveer van Rotterdam naar Tilburg gereisd. „Mensen zijn niet meer kritisch over zichzelf”, meent hij. „Ze hebben oordelen over anderen, zonder dat ze daar echt redenen voor kunnen aanvoeren.”

Een dag zoals deze, waar filosofie en wetenschap elkaar ontmoeten, dwingt mensen volgens Kusters tot beter nadenken.

Anderen komen vooral om bepaalde sprekers eens te beluisteren. „Ik wilde graag Joris Luyendijk horen spreken”, zegt Aai van de Kar (65) op het terras buiten in de zon. Laat uitgerekend Luyendijk nou net op deze dag verhinderd zijn. Een grote teleurstelling? „Nou nee, ik was sowieso gekomen. Tijdens mijn studie medicijnen had ik weinig aandacht voor filosofie. Als ik opnieuw een studie mocht kiezen, ging ik filosofie doen. Filosofie is verwondering over al wat is, wat het is, hoe het is en waarom het is. Op een of andere manier raakt mij dat.”

Bekende namen zijn er op deze dag genoeg. Zo discussieert filosoof Ad Verbrugge met journalist en politicoloog Remco van Broekhoven over de betekenis van burgerschap en treedt Volkskrant-correspondent Michaël Zeeman in gesprek met schrijver Harry Mulisch over ’het kwaad’.

Op uitnodiging van Zeeman zijn filosofiedocenten Moniek Prins (49) en Walfred Haas (43) met enkele oud-leerlingen in Tilburg. „Zeeman is op een filosofiecongres in Groningen geweest dat onze school mede had georganiseerd. Zo is het contact ontstaan”, zegt Prins. Na afloop is ze toch vooral teleurgesteld over het gesprek tussen Zeeman en Mulisch. Prins: „Zeeman was mild voor Mulisch, die uiteindelijk geen antwoord gaf op de vraag naar het kwaad. Normaal gesproken is Zeeman als interviewer scherper en gevaarlijker.”

Naast de vele discussies over de spanning tussen het redelijke en het beestachtige in de mens is er ook aandacht voor het denken zelf. De mens verschilt onder andere van het dier doordat hij het vermogen heeft te denken. Maar wat is dat, denken?

„Ik denk niet dat je kunt niet-denken. En zelfs als ik het wél kon doen, zou het me niet helpen. Want als ik niet denk, kan ik óók niet bedenken wat iets is. En als ik me later zou herinneren hoe niet-denken is, dan denk ik alweer, en dat was juist niet de bedoeling. Kun je denken aan niet-denken?” Deze passage is niet afkomstig van een van de uitgenodigde gastsprekers, maar van VWO-scholiere Yentl Demirel (17). Zij won de schrijfwedstrijd ’Denken doe je (niet) alleen’ die door de organisatie was uitgeschreven.

Wanneer de dag bijna ten einde loopt, evalueren Hans Bosman en zijn vrouw Els Moret de dag voor zichzelf. „Voor ons is dit een dag voorbij het alledaagse”, zegt Hans. Waarin deze dag dan verschilt van het alledaagse? „Je staat even stil bij de dingen”, zegt Els. „Het is een moment van bedachtzaamheid. De debatten die we vandaag gehoord hebben, zetten weer aan tot verdere reflectie.”

Terwijl het merendeel van de mensen huiswaarts keert, wordt de dag afgesloten met de rockmuziek van DUSK, met filosoof Ad Verbrugge als leadzanger. „Gelukkig, eindelijk muziek”, zegt filosofe Bianca Janssen Groesbeek (39). „Op een gegeven moment zit je hoofd vol en is het genoeg geweest.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden