Désanne van Brederode 'Voordat ik iets opschrijf vertel ik het eerst aan mezelf '

Herinnert u zich het eerste boek nog dat u las?
"Nee. Ik herinner me nog wel een heel lelijk getekende 'Doornroosje'. Dat vond ik als kind prachtig. Maar volgens mij hebben kinderen nog geen echte smaak. Mij ging het als kind veel meer om de gevoelens, de kriebeltjes rond mijn buik. 'Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen?' bijvoorbeeld, met Rob de Nijs. Mannen met lang haar in een strikje, met een blauwfluwelen pak aan met gele kniekousen en gele knopen, dat zag je in het echt nou nooit. Pop-ups die uit een boek kwamen springen vond ik ook fascinerend. Een wereld die loskwam van de letters, dat element van opwinding, dat je een land van de verbeelding betreedt. Alles wat niks te maken had met taal vond ik als kind schitterend."

Lazen uw ouders?
"Mijn moeder kon zich zelfs schuldig voelen als ze de hele dag gelezen had, terwijl ze eigenlijk vond dat ze de gordijnen had moeten wassen. Al was dat voor haar denk ik heel dubbel: een mengeling van échte spijt en van genot was het. Ze kon mij ook hele middagen voorlezen. Dat vond ik nog lekkerder dan zelf lezen."

Waar zat hem dat in?
"Als je voorgelezen wordt ben je fysiek nóg afweziger dan als je zelf leest. Het is vergelijkbaar met dromen. En ik vond het intiem als mijn moeder mij voorlas. Lekker warm tegen haar aan met mijn duim in mijn mond. Ze had ook zo'n mooie stem. Ik bedenk trouwens nu ineens dat het met schrijven ook zo werkt bij mij. Voordat ik iets opschrijf, vertel ik het eerst aan mezelf. Ik lees dus mezelf voor. Nooit over nagedacht, eigenlijk, maar dat komt natuurlijk dáárdoor."

Welk boek gaat een leven lang mee?
"Dat zijn er wel een paar. Maar ik kies voor 'The End of the Affair' (1951) van Graham Greene. Zo moet een boek zijn. Voor mezelf dan. Ik zie Greene echt als mijn leermeester. Ik ontdekte hem toen ik net mijn derde boek af had. Als ik schrijf heb ik vaak de neiging om uit te weiden. Niet functioneel uitweiden, bedoel ik. Door Greene heb ik geleerd om bondiger te schrijven."

Is er een verband tussen uw leesgedrag en uw leven?
"Als ik naar mijn boekenkast kijk dan zie ik dat het fictiegedeelte niet erg groot is. Blijkbaar wil ik van boeken vooral iets leren. Alleen poëzie vormt daarop bij mij een uitzondering; daarbij heb ik die eis helemaal niet. Het gaat mij erom dat je tijdens het lezen van goed proza veel voelt én daarbij, vrijwel gelijktijdig, de kans krijgt om over die gevoelens na te denken."

Désanne van Brederode (1970) is schrijfster en filosofe. Ze staat regelmatig opgesteld in het Filosofisch Elftal, de rubriek op de pagina's Religie & Filosofie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden