Dertig kunstenaars zoeken Finsterwolde op voor de koetekendagen

FINSTERWOLDE - Leo Vroegindeweij zit op de grond in de galerie. Met een zwarte viltstift kleurt hij witte koetjes in, die hij op stukken groen karton heeft geplakt. Toen hij klein was, deed zijn buurman, een dierenarts, net zoiets: de vlekken van jonge kalveren schetsen op papieren modelletjes. Dat was om de beesten uit elkaar te kunnen houden. Voor Vroegindeweij ligt de betekenis echter in de lijnen en schaduwen die ontstaan wanneer hij met bestaande vormen composities maakt.

ANNEMARIE KOK

Een paar meter verderop ligt het werk van Cornelius Rogge. Hij heeft de afgelopen dagen koeienschedels getekend met Oost-Indische inkt. De uitgeknipte schedels zijn rond foto's van sculpturen geplakt, waarmee hij vijf jaar geleden op deze plaats exposeerde. In de sculpturen zijn de vormen van mensenschedels en skeletten verwerkt. Rogge (vegetariër) drukt tegen zijn wang: “Wat zijn wij meer dan een koe? Ik wilde niet op het vlezige van een koe reageren, maar laten zien dat mens en dier even vergankelijk zijn.”

Vroegindeweij en Rogge zijn twee van de dertig kunstenaars die deze week naar Galerie De Boer Waalkens in Finsterwolde zijn gekomen voor de zogenoemde koetekendagen, die zondag worden afgesloten met een veiling. Het is de eerste van een reeks 'vernieuwende' activiteiten, sinds de Oost-Groningse galerie kort geleden een stichting is geworden. “We wilden niet meer alleen tentoonstellingen organiseren en als je een stichting bent, kun je gemakkelijker subsidie krijgen. Maar de verandering heeft ook met onze eindigheid te maken”, verklaart Corrie de Boer. “In dit gebouw mag geen tapijthandel komen, als wij er niet meer zijn.”

De galerie bestaat al 35 jaar. Toen de kunstminnende herenboer Albert Waalkens in 1962 met exposities begon in een verbouwde stal, wekte dat meteen landelijke belangstelling. Veel galerieën waren er nog niet, zeker niet buiten de Randstad. Diverse kunstenaars kwamen voor korte of langere tijd naar Finsterwolde om er te wonen, te werken en deel te nemen aan opzienbarende projecten. In 1982 brandde de boederij grotendeels af en liet Waalkens een modern driehoekig pand bouwen. Zijn zoon zorgt sindsdien voor de koeien.

Uitgenodigd

Dit voorjaar ontstond het idee voor de koetekendagen. Honderd mensen die in de loop der tijd in Finsterwolde hebben geëxposeerd, werden uitgenodigd. Lang niet iedereen kon of wilde komen. Marleen Felius bijvoorbeeld, de 'moeder' van het koeien tekenen, liet het op het laatste moment afweten, vertelt De Boer een beetje teleurgesteld. “En Reinier Lucassen zei: ik teken wel een koe uit mijn hoofd. We hebben gevraagd of hij een fax wil sturen.” Rogge, die tegenover haar op de bruine bank in de woonkamer zit, kan er niet om lachen. “Het is wel een heel veilige opstelling die hij kiest, op die manier ga je de confrontatie met de realiteit niet aan.”

Zelf vindt Rogge, uit Amsterdam, het heel belangrijk om hier te zijn. “Ik heb hier al drie privé-shows gehad, dus mijn binding met deze plek is groot. Maar ik heb wel gezegd dat ik alleen zou komen als ik schedels zou kunnen tekenen. Aan een soort cursus modeltekenen had ik geen behoefte. Ik wilde iets doen wat ik zou kunnen invlechten in mijn bestaande werk.”

Hij vermoedt dat sommige, vooral oudere genodigden 'met een smoesje' hebben afgebeld. “Ik denk dat veel mensen hun eigen historie niet opzij wilden zetten om weer fris aan de natuur te beginnen. Ze kunnen niet meer nederig naar een koe kijken. Naar de natuur tekenen was vanaf de jaren vijftig, zestig not done. In die tijd is er op de Nederlandse academies voor honderdduizenden guldens aan klassieke gipsmodellen kapotgegooid. Van vier hoog gingen ze de trap af. Het mocht niet meer. Ik vond het zo'n aanslag.”

De Boer vult aan: “Bij mij op de academie werden mensen die goed konden tekenen, portretjes en zo, erafgestuurd. Zelf tekende ik abstracte bomen, geen echte, dat kon ik niet. Toch werd ik gezien als een soort kampioen”.

Verkwikkend

Ze merkt dat de deelnemers de koetekendagen 'heel verkwikkend' vinden. “Het is een geweldige uitdaging.” 's Avonds zijn er lezingen voor de gasten. Dinsdag kwam een slager vertellen over het slachten van een koe. Woensdag was er een boer die een 'bejaardenhuis' heeft voor oude runderen. Overdag trekken de kunstenaars de weilanden in, of zetten hun schildersezel in een van de stallen van Waalkens junior, een paar honderd meter verderop in het stille dorp. Zoals Liet Heringa, die sinds maandag de 'blonde' stieren bestudeert.

“Wacht even”, zegt ze. “Hij staat net goed.” Met houtskool werkt ze aan een bilpartij. Dan veegt ze met een veer over het papier en stopt, niet helemaal tevreden. “Ik vind ze ontzettend mooi”, zegt de Amsterdamse beeldhouwster over de stieren, terwijl een cameraploeg van 'Van gewest tot Gewest' de stal inloopt. “Eerst vond ik het heel storend dat ze steeds bewegen. Nu laat ik me leiden door het toeval, dat was ik niet gewend.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden