Den Haag snapt niets van leed en pijn in de kleine kroeg

Er steekt meer achter het protest in de kleine kroegen tegen het rookbeleid. Den Haag is doof voor het leed van de autochtone ’gewone man’.

Tussen krediet- en economische crisis misschien ’klein leed’, maar toch: het protest van de kleine kroegen en hun publiek tegen het rookbeleid is tekenend. De ’grote’ horeca is akkoord, niet zo vreemd, want die kunnen dit mentaal en financieel prima opvangen. Maar de gewone man met zijn asbak in het café op de hoek, die al zoveel van ’Den Haag’ te verduren heeft gehad is weer de klos en voelt zijn laatste houvast, zijn shaggie in de beslotenheid van zíjn kroeg, zijn omgeving, zijn vrienden, afgepakt.

Dat is de achtergrond van het protest tegen het rookbeleid van Den Haag. Drie sociologen, Houtman, Achterberg en Derks, schreven dit voorjaar het boek ’Farewell to the Leftist Working Class’. Hierin beschrijven ze wat er de laatste decennia aan de hand is met de ’linkse onderklasse’. De kern van het boek is dat de voormalig linkse arbeidersklasse zich afgekeerd heeft van in ieder geval de traditionele linkse partijen. En de belangrijkste reden is dat mensen in het algemeen steeds meer cultureel gedreven stemmen in plaats van geleid door economische motieven.

Het is een fenomeen dat we reeds lang in de Verenigde Staten zien, waar we traditioneel het verschil tussen de rode (Republikeins) en blauwe (Democratisch) staten kennen. Eveneens bij ons zien we dat de mensen tijdens de laatste landelijke verkiezingen (november 2006) meer cultureel gedreven stemden. Het was een strijd tussen de Randstad en de provincie, tussen de grachtengordel en de rest van Nederland, tussen kosmopolitisch en nationaal gericht, tussen voormalig Paars en de rest.

Zo kon het zijn dat Wilders, de SP, de ChristenUnie en het CDA wonnen en D66, de VVD en de PvdA fors verloren. De stelling van Houtman c.s. leek echter voor een deel niet op te gaan. Inderdaad koos een deel van de voormalig linkse arbeidersklasse voor de rechtse PVV van Wilders, maar een groot deel ging naar de SP. Toch klopt ook dit in de analyse, omdat de SP economisch links is, maar cultureel rechts, conservatief. Dat appelleerde aan de mensen die zich bij de PvdA al langer niet meer thuis voelden.

Ook voormalige communisten waren reeds lang ontheemd bij de elitaire, kosmopolitische wereldverbeteraars van GroenLinks en zitten nu bij de SP. En dan zien we tegenwoordig steeds vaker binnen en buiten het parlement dat de SP en Wilders vechten om de gewone man die niks moet hebben van Den Haag, establishment en de ’bevoordeling van de buitenlanders’.

Of, zoals Wilders het bij de laatste politieke beschouwingen scherp zei: „Men heeft genoeg van de onterechte huursubsidie van oud-minister Herfkens, en de bespiegelingen van Geert Mak en de Al Gores van deze wereld”, die praten voor een kleine elitaire groep terwijl de echte problemen niet worden aangepakt.

En dan past Wilders perfect in de analyse van de auteurs die de linkse arbeidersklasse voor een groot deel naar de veiligheid van rechtse populisten zien lopen. Naar de soepel lopende zinnen van de charismatische sprekers van Fortuyn tot Le Pen in Frankrijk, van Haider van Oostenrijks conservatief rechts tot Filip de Winter van Vlaams Blok/ Belang’.

De teksten en programma’s zijn vaak niet te ingewikkeld. Uitspraken moeten in een krantenkop passen. De rechtse populisten roepen traditionele waarden op, nationale trots, de ’heimweepartijen’. En met name de achterban van SP en PVV vindt en voelt dat de wereld groot, onoverzichtelijk wordt en dat de allochtoon in ’zijn’ land meer aandacht krijgt en gepamperd wordt.

Deze mensen voelen angst en onzekerheid, en zich te kort gedaan; ze willen weer houvast en overzicht zoals ook socioloog Gabriël van den Brink in ’Moderniteit als opgave’ schrijft. En dan grijpen deze rechtse populistische leiders naar tradities, zekerheid en conservatisme. Ze maken handig gebruik van het feit dat linkse leiders in Europa zaken als derde wereld, milieu, feminisme en het dierenbevrijdingsfront belangrijker vinden dan houvast voor hun achterban. Daarom wil de SP niet dat de winkelsluitingswet verruimd wordt, want dat helpt de grote winkelketens, maar raakt de kleine winkelier. Net zoals de kleine kroeg de verliezer is van het rookbeleid van het kabinet.

Daar, in de bruine, kleine, cafés in de grote steden van Nederland waar al decennia lang dezelfde dame achter de tap staat en Hazes uit de jukebox schalt gaat, kun je zien wat Houtman en de anderen beschrijven: hoe de autochtone ’gewone man’ het moeilijk heeft in een steeds complexer wordende wereld. In Scheveningen, de Jordaan en Rotterdam-Zuid, kun je de autochtone onderklasse van Nederland horen, die zich bekneld en ondergewaardeerd voelt.

Maar ’Den Haag’ luistert niet naar ze. En dan raakt het deze mensen nog eens extra dat datzelfde Den Haag hen ook nog verbiedt te roken in hun eigen café, hun laatste houvast. Dat achter het shaggie dat ze daar willen roken veel meer schuil gaat, horen ze in Den Haag niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden