Den Bosch herstelt zijn oude vestingwerken

Of het nu uit nostalgie is, uit respect voor cultuurhistorie of uit noodzaak, plannenmakers putten gretig uit het verleden bij herinrichting van stad en land. Vandaag deel 3. De Bossche vestingwerken.

door Maaike Bezemer

Den Bosch ontstond in de twaalfde eeuw als handelsstad en groeide uit tot een onneembare vesting aan Aa en Dommel. Maar voor die historie was de vorige eeuw niet veel belangstelling. Stadspoorten verdwenen onder verkeerspleinen, wallen en muren onder parkeerplaatsen en parken.

Den Bosch staat bekend om de Binnendieze, een stadsriviertje in het historische centrum, dat voor de helft is overkluisd. Actieve bewoners wisten de grachten in de jaren zeventig van demping te redden. Tienduizenden toeristen maken er nu van lente tot herfst romantische boottochtjes. In de winter liggen de meeste fluisterbootjes stil, maar Peter van Roosmalen heeft er nog een, met natte gids, weten te bemachtigen. Vanaf het water kan de adjunct-directeur van Stadsbedrijven namelijk het beste laten zien wat Den Bosch nu eindelijk nog meer doet om zijn historische verleden in ere te herstellen.

In tijden van oorlog heette Den Bosch de Moerasdraak. Met zijn muren en bastions rees het uit boven het rivierenland, dat bij een aanval onder water gezet kon worden. Dat grootse verleden moet weer herkenbaar worden. Dertig projecten zijn inmiddels afgerond, maar in totaal bevat ontwikkelingsplan ’Versterkt Den Bosch’ er wel tachtig.

De zuidelijke toegang tot het centrum is nu nog een saai verkeersplein. De oude stadsmuur wordt hier weer tevoorschijn gehaald, de gedempte gracht weer gevuld met water. Van Roosmalen: ,,Zodat je ook echt het idee hebt, dat je een vestingstad inrijdt.” Ondergronds komt een parkeergarage.

Belangrijke andere werken zijn al voltooid, zoals het vernieuwen van de Kruisbroedershekel. In plaats van een simpele waterinlaat is dat nu een doorgang, bootjes kunnen van de Binnendieze naar de Singelgracht. Ook de oude stadsmuur kan weer een paar decennia mee. Via kleine gaten is mortel geïnjecteerd, dat weer hecht aan onzichtbare ankers die de grond achter de muur verstevigen. ,,Met deze manier van restaureren blijven bijzondere planten behouden”, wijst Van Roosmalen naar de wat rommelige begroeiing op de muur. Daar schuilen klein glaskruid en muurleeuwenbekje, maar ook drie soorten korstmossen die nergens anders in Nederland te vinden zijn.

De heg bovenop de muur is wel vervangen door moderne baksteentjes. Het nieuwe muurdeel staat zelfs op stalen pootjes, zodat over de hele breedte een grote horizontale kier is ontstaan. Van Roosmalen vindt dat mooi. ,,Die heg had nauwelijks ecologische waarde, maar belemmerde wel het zicht op het water en op natuurgebied het Bossche Broek. Als we middeleeuwse muren restaureren, gebruiken we oude steentjes, behoud staat dan voorop. Maar als nieuwe toevoegingen nodig zijn, doen we dat met de modernste technieken.”

Trots wijst hij op het stalen balkon dat aan de buitenkant van de zuidwal hangt. Het geeft voetgangers een breder wandelpad. Ook de doorgang bij de Kruisbroedershekel combineert oud en nieuw. De bogen zijn strak gemetseld, het bekistingshout is glad geschuurd, maar in het midden staat een middeleeuwse muur authentiek te wezen. ,,In de twaalfde eeuw gebruikten ze technieken die toen gebruikelijk waren. Nu kiezen we ook voor eigentijdse architectuur.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden