Democratisering van het Zuidafrikaanse onderwijs

De auteur is programmacoordinator van de Stichting Postacademisch onderwijs natuurwetenschappen te Leiden.

Enkele keren heb ik een overeenstemming menen te bespeuren met de situatie in Duitsland in de jaren vlak na de Tweede Wereldoorlog. Er was een lange periode aan voorafgegaan van officiele, aanvankelijk door de meerderheid aangehangen, staatsideologie. Het was duidelijk geworden dat de ideologie en de uitwerking ervan niet deugden. De nederlaag en de officiele erkenning van het failliet riepen bij velen het besef wakker: wat hebben wij gedaan, de afgelopen tijd?

Niet bij allen. In Oost-Duitsland is aan deze herwaardering van het verleden voorbijgegaan: daar werd het ontkend, verdrongen. En ook in West-Duitsland zijn er nog steeds mensen die menen dat het allemaal, enkele excessen buiten beschouwing gelaten, zo slecht niet was.

Toch is de opvatting dat er in Bonn en omgeving een volledig democratisch klimaat heerst, algemeen. Voor een goed deel komt dat door het langzamerhand weer opnemen van de Bondsrepubliek in de vaart der volken. Maar van binnen uit is evenzeer hard gewerkt aan verandering der geesten.

Erkenning schuld

In het blanke deel van Zuid-Afrika voltrekt zich een vergelijkbare omslag in de mentaliteit. Natuurlijk, veertig jaar officiele apartheid poets je niet zomaar weg. Ook daar, net als in Duitsland, zijn er nog steeds diehards, zoals die van de Afrikaner Weerstandsbeweging. Ze worden beschouwd als de extremisten die ze nu eenmaal zijn en hun invloed is beperkt.

De meerderheid herkent zich in de politiek van De Klerk. En als de staatspresident openlijk bekent: "Ons is jammer vir die politiek van eiesoortige ontwikling" , dan is dat geen slap excuusje maar een openbare erkenning van schuld voor wat er is gebeurd. En je bespeurt hoe de huidige regering haar best doet te werken aan een nieuw democratisch Zuid-Afrika.

Het Zuidafrikaanse onderwijs staat voor gigantische problemen. Het gaat er om, de democratisering ook op dat terrein te verwezenlijken: onderwijs aan alle zwarten en kleurlingen, gelijkwaardig aan dat aan de blanken. Daarbij doen zich problemen voor van financiele, organisatorische en didactische aard.

De financiele vragen liggen voor de hand: hoe kun je in het onderwijs de broodnodige investeringen doen bij een teruglopende economie, nog verergerd door de langdurige droogte? Organisatie van onderwijs is buitengewoon moeilijk: hoe moet je bijvoorbeeld in 'plakkersdorpen' zoals het beruchte Crossroads enig inzicht krijgen in de aantallen kinderen die naar school moeten gaan? (Toch staan ook daar door de regering neergezette schoolgebouwen.) En hoe in de situatie waarin nog steeds tienduizenden mensen van het platteland wegtrekken naar de steden in de meestal vergeefse hoop op werk?

Maar het lastigste zijn de didactische vragen. Welke vorm en inhoud moet het onderwijs krijgen? Het kan niet identiek zijn aan het traditionele blanke onderwijs - al zijn de uiteindelijke doelen dezelfde. Maar tussen blank en zwart bestaat, zoals een pedagoog me zei, een verschil in paradigma. De grote opgave is, daarbij een aansluiting te vinden die een verbinding legt met de blanke denkwijze en techniek. Tegelijkertijd kan men niet blijven wachten op eventuele resultaten van onderwijskundig onderzoek: hoeveel tijd is er nog om aan de gerechtvaardigde vraag van de zwarten naar meer en beter onderwijs te voldoen? Dus het onderwijs gaat snel aan de slag.

Nelson Mandela

De Universiteit van Suid-Afrika (Unisa) is de oudste (1946) open universiteit ter wereld. Ze werkt voornamelijk per post en telt haar studenten bij tienduizenden. Ook Nelson Mandela heeft vanuit Robbeneiland hier zijn graad in de rechten behaald.

Van jaar tot jaar nemen meer zwarten deel aan haar cursussen. Er is wel veel uitval, zoals met onderwijs-op-afstand vaak het geval is. Sommigen leggen dat uit als bewijs voor het elitaire karakter van zo'n onderwijsinstelling.

Men werkt aan de Unisa hard aan allerlei manieren om de eenmaal ingeschreven studenten bij de les en binnen de opleidingsschema's te houden. Ook persoonlijk contact met de hoogleraren, per post, per telefoon of door bezoeken wordt aangemoedigd. En het werkt.

Het land in

De Gold Field Foundation is een stichting die veel goed doet op het gebied van het onderwijs. Ik was in de gelegenheid, twee door haar gesubsidieerde afdelingen te bekijken: die aan de (traditioneel blanke) Universiteit van Pretoria en aan de (oorspronkelijk voor kleurlingen opgezette) University of the West Cape. Beide instellingen hebben een enthousiaste, meest jonge, staf die juist met het oog op de democratisering allerlei altenatieven ontwikkelt: computerprogramma's, remedials, met een grote truck vol computers de streek in, de vaak niet of te laag gekwalificeerde zwarte docenten verder brengen, begaafde leerlingen een hand toesteken en zo meer.

De Potchefstroomse Universiteit vir Christelike Hoer Onderwys spant zich in, zich van haar Afrikaner imago te bevrijden en gaat ook het land in met acties als de Gold Fieldmensen. Ze was gastvrouw van een congres over vakdidactiek, waarbij in de lezingen een sterke nadruk viel op de vragen en problemen van onderwijs aan de meerderheid.

Ook over de juridische faculteit van deze universiteit hoorde ik soortgelijke lovende berichten inzake de moeite die zij zich getroost voor uitbreiding van haar werkkring.

Dat hierbij de oude vraag naar de relatie tussen niveau en democratisering wordt gesteld, behoeft geen betoog. Verbreding van onderwijs heeft meestal niet direct een verhoging van het peil tot gevolg. Maar men weet dat het nodig is, zich op deze weg te begeven en doet het dus.

Felste critici

Nederlanders hebben zich vaak sterk betrokken gevoeld bij de gebeurtenissen in Zuid-Afrika. Ons land behoorde tot de felste en meest vooraanstaande critici van het apartheidsbewind, en terecht. Nu is echter een andere ontwikkeling ingezet. Natuurlijk, er is nog sprake van geweld en onderlinge machtsstrijd, en het is er nog lang niet op orde.

Toch zou ik er voor willen pleiten dat Nederland en de Nederlanders, juist op grond van hun uitgesproken attitude in het verleden, nu duidelijk instemmen met de nieuwe situatie en daaraan, op welke manier ook, steun verlenen, moreel en materieel.

Ik hoop, dat we hier te lande wat meer aandacht willen besteden aan de vele goede ontwikkelingen die daarginds plaatsvinden en geen overdreven aandacht schenken aan de slechte berichten. De Zuidafrikanen hebben nu recht op onze erkenning.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden