'Dementie' is een veel te grove categorie

Onder de titel 'Het alzheimermysterie' publiceerden Wiesje van der Flier en Philip Scheltens een fascinerend verslag van het onderzoek naar de oorzaak van dementie. Zij houden zich vrij strak aan de ondertitel van hun boek: onderzoek naar de oorsprong en genezing van alzheimer. Hun probleem is niet wat je moet doen als je man, je moeder of (in het kader van de participatiemaatschappij) je buurman, dementeert. Het gaat echt alleen maar over onderzoek, waar helaas niks uitkomt, behalve een eindeloos te verfijnen besef dat we niet weten hoe het zit.

Toch is het een verhelderend boek, omdat de schrijvers op overtuigende wijze laten zien hoe dat komt. We weten zeker dat dementie het gevolg is van veranderingen in het functioneren van onze hersenen. Maar wat verandert daar dan? Ik vind 'mysterie' in deze context een beetje een raar woord, omdat er een suggestie in zit van duistere geheimzinnigheid, alsof dementie een ondoorgrondelijk noodlot is dat we niet straffeloos mogen ontrafelen. 'Puzzel' lijkt mij een betere aanduiding en dan is alzheimer een wel heel hardnekkige puzzel.

Zij beschouwen alzheimer niet als een onvermijdelijk aspect van veroudering, want het komt ook bij jonge mensen voor en niet alle ouderen dementeren. Er wordt veel aandacht besteed aan de amyloid-cascadehypothese. Ophoping van amyloidplaques in de hersenen zou leiden tot alzheimer. Maar de moeilijkheid is dat veel mensen met fikse amyloidophopingen in hun hersenen niet erg of helemaal niet dement zijn. Ik vertel het hier sterk vereenvoudigd, want ik zou vele columns nodig hebben om recht te doen aan de grondige uiteenzetting van Scheltens en Van de Flier.

Zij laten in hun uitleg geen molecuul ongemoeid en vele diagnostische procedures passeren de revue. Er zijn immers steeds nieuwere methodes ontwikkeld om de hersenen in kaart te brengen: CT-scan, MRI, Two Photon Microscopy, Voxel Based Morphometry, PET-scan. Mijn favoriet is Voxel Based Morphometry, nee, ik weet niet goed wat het is.

Gaandeweg bekruipt de lezer een gevoel van moedeloosheid, omdat iedere hypothese eigenlijk weer het raam uit moet. De amyloidstapeling blijkt niet het hele verhaal te kunnen zijn, want sommige breinen staan stijf van de amyloid en runnen toch een multinational. Van die moedeloosheid vind je overigens geen spoor bij de schrijvers, die met opgewekte nieuwsgierigheid alle mogelijkheden rond deze hersenschade blijven naspeuren.

Naast de amyloidstapeling wordt gedacht aan bloedvatschade (aderverkalking) als oorzaak. Ook hier blijkt dat het verband tussen gedrag en anatomische bevindingen veel te losjes is. De combinatie van amyloid en vaatschade dan, helpt dat ons niet uit de brand? Niet echt, en daar is de volgende hypothese al: dementie komt niet door verlies van neuronen, maar doordat de verbindingen tussen de neuronen te gronde gaan. Dit is echter anatomisch niet makkelijk te onderbouwen.

Kortom, al het alzheimeronderzoek bevindt zich in een blinde steeg. De schrijvers nemen ook de moeite om een aantal misverstanden rond dementie terzijde te schuiven: het is bij uitzondering erfelijk. Voeding, leefwijze, hersengymnastiek, bewegen, rode wijn en roken, het maakt allemaal niet veel uit. Medicijnen? Die zijn er niet.

Wat is nu zo fascinerend in dit boek? Allereerst de heldere presentatie van de moleculaire, cellulaire, genetische en beeldvormende aspecten van het onderzoek. Daarnaast brengt het boek een groeiend besef van de complexiteit van ons geestelijke leven.

Dat besef groeit omdat we langzamerhand ontdekken hoe onduidelijk de cerebrale verankering van ons geestelijk leven is. Wat ik bedoel is dit: bij een beroerte is er soms(!) alleen sprake van een lokale hersenbeschadiging in de vorm van een verlamde arm en been. Gedrag (arm en been worden niet meer gebruikt) correleert dan eenduidig met de hersenschade. 'Dementie' blijkt een veel te grove categorie voor het zoeken naar een neurologische ondergrond. Je zou het moeten vergelijken met 'nostalgie' of 'muzikaliteit' om te zien hoe onmogelijk het (vooralsnog) is om de daar specifiek bij horende hersenactiviteit te vinden.

Het is de vraag hoeveel talent, energie en geld we moeten blijven besteden aan dit tot nu toe volstrekt hopeloos verlopende onderzoek. De schrijvers zijn hier duidelijk over: 'Wij zijn ervan overtuigd dat er medicijnen komen die de ziekte tot staan brengen, in subgroepen van patiënten.' In het zicht van de feiten die zijzelf zo onontkoombaar presenteren klinkt dat eerder onbezonnen dan moedig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden