Decembermoorden leven sterk onder Surinamers

(Novum) - De moorden van 8 december 1982 leven heel sterk onder de Surinaamse bevolking. Dat blijkt uit een rapport van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), zegt de van oorsprong Surinaamse assistent-secretaris-generaal van de OAS Albert Ramdin. Het proces tegen oud-legerleider Desi Bouterse en 21 andere verdachten wordt maandag vervolgd.

Tijdens een werkbezoek aan Suriname concludeerde de tweede man van de organisatie, dat 'niet alleen de rechtszaak zelf, maar dat ook het effect van de rechtszaak op de samenleving de mensen bezighoudt'. "Men vreest politieke instabiliteit. Mensen zijn bang voor de veiligheid in de samenleving en hoe het proces de aandacht zou kunnen afleiden van andere, belangrijke zaken," aldus Ramdin. Wel heeft het grootste deel van de ondervraagden vertrouwen in de rechterlijke macht, blijkt uit rapport.

Tijdens een OAS-missie in augustus vorig jaar werd de president, de vicepresident, diverse ministers, politieke partijen, non-gouvernementele organisaties, religieuze groeperingen, de vakbeweging, het bedrijfsleven, mensenrechtenorganisaties en de media hun mening gevraagd over de decembermoorden en het strafproces dat 30 november vorig jaar begon.

Wat betreft de beleving van het proces zijn drie groepen te onderscheiden. Als eerste de groep mensen die tijdens de militaire periode zijn opgepakt of de gebeurtenissen van 8 december op een andere manier van dichtbij hebben beleefd. "Zij zijn op zoek naar recht. Ze willen weten wie de schuldigen zijn en dat die personen worden gestraft", zegt Ramdin.

De tweede en grootste groep bestaat uit mensen die niet direct betrokken waren, maar in die periode wel in Suriname woonden. "Zij zijn niet zozeer op zoek naar recht, maar willen de waarheid. Willen weten wat in de nacht van 7 op 8 december is gebeurd", aldus Ramdin. Een derde groep, de jongeren, ziet de gebeurtenissen als een 'zwarte bladzij in de geschiedenis van Suriname'. "Zij willen weten wat er is gebeurd, maar vinden zaken als ontwikkeling van het land, beter onderwijs en dergelijke, belangrijker."

Verder blijkt dat een meerderheid vindt dat amnestie pas aan de orde moet komen na het vonnis. Slechts een kleine groep direct betrokkenen wil absoluut geen amnestie. Coalitiepartij Pertjajah Luhur en oppositiepartijen als de NDP van hoofdverdachte Bouterse, nemen amnestie wel in overweging. "Pertjahah Luhur is bereid om na het vonnis het proces van amnestie op te starten", zegt Ramdin. De grootste groep ondervraagden zegt geen uitspraak over het al dan niet verlenen van amnestie te kunnen doen. Daarnaast geldt voor de meesten dat een waarheidscommissie nu niet aan de orde is.

Het OAS-rapport werd vrijdag officieel aan president Ronald Venetiaan overhandigd. Dinsdag wordt het rapport officieel openbaar gemaakt. Maandag is de derde zittingsdag van het 8 decemberproces, waar de preliminaire verweren van de advocaten van een aantal verdachten worden behandeld.

Officiële OAS-waarnemers zijn maandag niet aanwezig, omdat de OAS-lidstaten nog over de brug moeten komen met de benodigde financiën. Pas dan kan de waarnemersmissie worden gestart. Volgens Ramdin 'vormt dit geen probleem omdat de OAS pas tijdens de kritieke momenten van het proces, dus tijdens de inhoudelijke verhoren, haar waarnemers zal sturen'. Tot die tijd volgt de vertegenwoordiger van de OAS in Suriname het proces namens de organisatie. Ramdin zelf is maandag ook niet aanwezig op de zitting. Hij legt een werkbezoek af aan buurland Guyana.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden