Review

Debuten van deze winter

Welke romans vallen op in de laatste oogst eerstelingen? Welke zijn veelbelovend, en welke vallen tegen? Deel twee van een reeks over de debuten van het seizoen.

De Vlaamse schrijfster Annelies Verbeke was ongetwijfeld de succesvolste debutant van de deze winter. Haar roman 'Slaap' werd in de pers warm onthaald - lof heeft ze dus nauwelijks meer nodig. In een interview met Trouw vertelde Verbeke dat ze veel heeft opgestoken van een cursus scenarioschrijven: ,,Amerikaanse scriptdoctors willen duidelijkheid, een begin en een eind, een karakter dat zich ontwikkelt. Europeanen letten meer op 'esthetiek en vorm.'' Maar Verbeke's debuut laat juist zien dat het een het ander niet uitsluit, een goed plot kan prima samengaan met poëtisch taalgebruik - al lukt het niet elke debutant die twee in balans te houden.

Roel Bentz van den Berg behoort duidelijk tot de categorie van de taalgerichte auteurs. In zijn debuutroman 'Dagen van vertrek' klinkt een haardroger bijvoorbeeld ,,alsof een enorme mug op een brommer rondjes rijdt door de kamer -- met de gashendel helemaal open, maar zonder ooit naar zijn veel sonoorder tweede versnelling door te schakelen''. Zulke groteske formuleringen storen des te meer omdat de gebeurtenissen in dit boek zo onbeduidend zijn. De verteller komt soms over als een verongelijkte puber die er maar niet over uit kan dat zijn vakantieliefde is stukgelopen.

In 'Dagen van vertrek', dat ruim 400 pagina's telt, kijkt een man vol zelfmedelijden terug op zijn verleden. Dat wordt bevolkt door een reeks ex-vriendinnen, van wie de Amerikaanse Donna de meeste aandacht krijgt. Toch is zij na een samenzijn van nog geen 24 uur in New York al uit zijn leven verdwenen. Om haar te vinden reist hij stad en land af met de leugenachtige Jerry. Dit on the road-gedeelte is heel aardig, en de gesprekken die het duo voert, over Vietnam bijvoorbeeld, zijn best interessant, maar er zit weinig lijn in. Ze doen denken aan de eindeloze improvisaties van een muzikant die nooit toewerkt naar een climax.

'Dagen van vertrek' vormt in bijna alles een opvallend contrast met Esther J.Endings debuut 'Na Valentijn'. Ending vertelt hierin over een vrouw van bijna dertig, Rain heet ze, die in tegenstelling tot de hoofdpersoon van 'Dagen van vertrek' wél het een en ander heeft meegemaakt. Zo had ze een stiefvader met losse handjes en een drugsprobleem, was haar moeder eeuwig depressief en werd ze als puber uit Spanje weggehaald om de rest van haar jeugd te slijten in tehuizen in Nederland. Tot overmaat van ramp pleegt haar aan psychoses lijdende tweelingbroer zelfmoord. Maar op de achtergrond suddert nog iets anders mee, iets wat Rain uit zelfbescherming heeft verdrongen.

Zo opgesomd klinkt het verhaal nogal drakerig, maar Endings eenvoudige, lichtvoetige stijl voorkómt dat het al te dramatisch wordt. ,,Maar onze stiefvader dronk ondertussen steeds meer en snoof soms ook cocaïne, en daar werd hij licht paranoia van.'' Ze laat het klinken alsof iedereen wel eens last heeft van een cokesnuivende, paranoïde stiefvader.

Ending verwijst vaak naar wat komen gaat, zowel in de vorm van dromen als meer expliciet: ,,Die avond hadden we nog geen flauw benul [van] wat ons boven het hoofd hing.'' Soms gaat ze hierin te ver; zo voert ze in het begin zelfs een waarzegger op die in verbloemde taal voorspelt wat er gaat gebeuren, maar dat is een uitzondering. Het verhaal stroomt als vanzelf toe naar het dramatische hoogtepunt, waarin we eindelijk te weten komen wat Rain al die tijd heeft verdrongen.

David Sandes, die deze maand debuteert met 'Sergei Bubka's wondermethode', concentreert zich niet op spanning en plot, zoals Ending, en is ook niet, zoals Roel Bentz van den Berg, gepreoccupeerd door stijl alleen. Zijn grootste kracht is zijn gevoel voor humor. 'Sergei Bubka's wondermethode' is een aaneenschakeling van gebeurtenissen uit het leven van de pianist Bram van Wolferen-Poons die zijn vriend Luc achterna is gereisd naar Parijs. Hij wordt heen en weer geslingerd tussen zijn ambitie om een professionele concertpianist te worden en de banale eisen van het echte leven, zoals geld verdienen voor de huur, het huis schoonmaken - en natuurlijk de liefde. Dat leidt tot een heerlijke verzameling onzin die me op elke bladzijde wel een keer in de lach deed schieten.

Sandes schrijft bepaald niet bloemrijk, maar geestig en origineel zijn zijn beelden wel: ,,Rechts naast me tuitte een travestiet haar lippen terwijl ze naar me probeerde te knipogen. Haar wimpers waren echter zo zwaar dat ze haar knipogende oog niet meer open kreeg.'' Af en toe doet zijn boek een beetje denken aan het werk van Arnon Grunberg, maar Sandes' roman is absurder. Het heeft bepaald ook minder diepgang, maar er valt veel plezier aan te beleven - in die zin is het zeker geslaagd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden