De zwarte gaten in de wereld van Lee Bontecou

De nieuwe 'zandbak' (Sandbox, 2015-2017) van Lee Bontecou in de door Berlage ontworpen vierkante daglichtzalen van het het Haagse Gemeentemuseum. Hieronder een detail daaruit; gemengde technieken.Beeld rv

De Amerikaanse kunstenaar Lee Bontecou houdt zich al jaren afzijdig van de kunstwereld. Dat haar kunst nog steeds leeft, toont een overzichtstentoonstelling in het Gemeentemuseum in Den Haag.

Met het zand dat na een strandwandeling uit haar schoenen kwam, maakte Lee Bontecou (1931) als kind tekeningen op haar oma's houten vloer. Een openbaring: ze kon in deze wereld alles maken wat ze wilde, als ze er de techniek maar voor beheerste. Ze ging naar de kunstacademie, en in 1954 leerde ze lassen. En ze werd kunstenaar.

Je zou haar beelden kunnen omschrijven als organische vormen geïnspireerd op menselijke uitvindingen. Een ijzeren raamwerk, waarop met ijzerdraad doek is vastgemaakt - de naden duidelijk zichtbaar - doet denken aan een fotocamera. Bloem- of schelp-achtige vormen van klei, soms bedekt met canvas, als een gasmasker. Of diezelfde kleifiguren, hangend als een mobile en voorzien van een raamwerk van ijzerdraad, waarop weer doek is gespannen: libelles, of vliegmachines. Eén constante is er bij al die vormen: een donkere opening, een leegte. Een gat.

In Den Haag is nu een indrukwekkend overzicht te zien van Bontecous kunst. Bij de meeste kunstenaars is zo'n overzicht chronologisch - want ze zijn in de loop der tijd van stijl en filosofie veranderd - of thematisch - want ze keren steeds terug naar dezelfde thema's. Bij het werk van Bontecou gaat dat niet: ze maakt sinds het begin van haar carrière, in 1959, min of meer hetzelfde soort werk.

Zandbak

Dat zou kunnen getuigen van een beperkte blik, of van krampachtig vasthouden aan één maniertje. Maar bij Bontecou levert het juist een heel interessante tentoonstelling op. Samen met haar oud-leerling, kunstenaar en schrijver Joan Banach en het Gemeentemuseum maakte ze een keuze. Ze dook in haar archief, koos een hele serie schetsboekjes. En samen met Banach stelde ze een nieuw werk samen, een 'zandbak' speciaal voor de door Berlage ontworpen vierkante daglichtzalen van het Haagse museum, met objecten van uit de jaren vijftig tot nu.

Het is, bij het zien van die eigenaardige, en toch zo bekende vormen niet moeilijk je de verbazing voor te stellen van Ivan Karp, toen hij het werk voor het eerst zag in 1960. Karp, dagelijks leider van de nu beroemde New Yorkse Castelli-galerie, had gehoord dat er in een vervallen pand een bijzondere kunstenaar woonde. Een klein, bedeesd meisje - 'ze leek wel veertien' - bij de deur zei ze dat ze Lee Bontecou was. En deze Lee Bontecou toonde hem haar kunst: stoere, tent-achtige constructies, groter dan de kunstenaar zelf, opgebouwd uit staal en met donkere gaten in het midden. 'Zo totaal anders dan alles wat we kenden.'

Beeld jannes linders rv

Bontecou's kunst kwam nog dat jaar in de galerie, naast die van grote (mannen-)namen zoals Jasper Johns, Roy Lichtenstein, en Andy Warhol. Meteen al werden haar werken gekocht door museumhandelaren.

Bontecou had in de jaren vijftig twee jaar in Rome gewoond en gestudeerd. Ze zag er zo veel kunst, zei ze, dat ze nooit meer een galerie of museum hoefde te bezoeken. Vooral de Etruskische kunst, met de gestileerde mens- en dierenvormen, sprak haar aan. De tentoonstellingen in de Castelli-galerie gingen door tot 1971, een paar jaar daarna had ze genoeg van de kunstwereld: ze verhuisde naar het platteland, gaf nauwelijks meer interviews. Dat betekent niet dat ze geen kunst meer maakt.

Obsessief

In Den Haag zijn steeds een of twee beelden aangevuld met tekeningen. Die tekeningen, vaak op simpel ruitjespapier, zijn tegelijk schetsen voor de sculpturen en hele werelden op zich. Soms driedimensionale maanlandschappen, soms bijna obsessief steeds herhaalde studies van geometrische vormen. Een wand is er volledig mee bekleed, met dateringen van 1958 tot 2010.

Titels geeft Bontecou niet aan haar werk, de interpretatie ervan laat ze open aan de toeschouwer. Maar toen het publiek de hardnekkige zwarte 'gaten' een seksuele betekenis wilde geven, protesteerde ze. De betekenis ligt eerder in de geschiedenis. Haar beide ouders hadden tijdens de Tweede Wereldoorlog voor het leger gewerkt, de Koude Oorlog en de Korea-oorlog grepen haar sterk aan.

Levenloze landschappen

'Death-scapes', doodschappen noemt Banach de zandbakken met wit zand die Bontecou in haar atelier maakt. Levenloze landschappen waarin Bontecou verdroogde takken en plantenstengels combineert met zelfgemaakte kleine en grotere vormen. De voorbereiding van de nieuwe zandbak in Den Haag was 'als het bevoorraden van een schip voor een expeditie', aldus Banach in de catalogus, die ook een 'atlas' bevat met inspiratiebronnen, van Rembrandt tot luchtballonnen. Ze maakten boswandelingen op zoek naar bruikbare planten, Bontecou dook in haar eigen collectie voor passende vormen. Een ontdekkingsreis in de wondere, nog steeds vitale wereld van Bontecou.

**** 'Lee Bontecou', tot 2 juli in het Gemeentemuseum in Den Haag. De catalogus kost 24,95 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden