DE ZUIGKRACHT VAN EEN ZWARTE STEENKLOMP

Het tijdschrift Hitweek heeft op 22 maart 1968 een juicherig bericht op de voorpagina. In ultra-modern Nederlands wordt een buitengewone gebeurtenis aangekondigd. Met de komst van Paradiso en Fantasio breekt volgens Hitweek een nieuw tijdperk aan voor popliefhebbers uit Amsterdam en omstreken.

STAN RIJVEN

"Jazeker, 29 en 30 maart zijn zeer belangrijke data. Na meer dan 1 1/2 jaar geworstel en geknok gaan er maar liefst twee niet te geloven klups open. Fantasio en Paradiso, twee gebouwen in Amsterdam. Geen gewone popklups, maar niet voor te stellen atmosfeer, uitstekende muziek, zeer bizondere groepen en zwoele dansen."

Fantasio werd Kosmos en ging twee jaar geleden failliet. Paradiso overleefde ondanks diverse directeurswisselingen en een veranderend tijdsbeeld. Anno 1993 straalt het gebouw een sombere, grijze voornaamheid uit die in weinig herinnert aan een kwart eeuw turbulente historie. Geen felle kleuren bezaaid met sterren doen de gevel meer psychedelisch oplichten. De poptempel oogt nu als een zwarte steenklomp waar bovenop lange tijd nog bij avond frivool een verlicht kruis heen en weer zwaaide.

Slechts de vele affiches op de pui verraden wat zich binnen afspeelt. De afgelopen week waren er Nederlands Blazers Ensemble, Arrested Development, Candy Dulfer, King Kong, Time Fuckers en Iron Maiden. Het jubileum zal op 30 maart ongemerkt passeren. Geen spektakel zoals met de twaalf uur durende popmarathon Finders Keepers, geen geruchtmakende thema-avond over Het Fatsoen, laat staan een grootse Latente Talenten Show. Op de jubileumdag 30 maart bespeelt Het Schonberg Ensemble onder leiding van Reinbert de Leeuw de poptempel.

De leistenen kompasnaald die voor het entree in het trottoir verankerd ligt, verwijst naar de functie die het gebouw steeds heeft vervuld: een gids in een woelige wereld. Krakersbijeenkomsten, house-parties, politieke discussies, bokswedstrijden, requiems en vooral veel popconcerten zogen telkens de zaal vol.

Binnen herinneren het balkon, de smeedijzeren ornamenten en de spreuk 'Soli Deo Gloria' nog aan de vroegere functie als kerkgebouw van de Amsterdamse Vrije Gemeente. De heldere verlichting, de spiegels en de sobere inrichting laten zien dat het centrum meegaat met zijn tijd.

Vervolg op pagina ZZ 2

PARADISO NU IN DE GREEP VAN MERCURIUS

Vervolg van pagina ZZ 1

De Perzische tapijtjes en psychedelische kleurtjes verdwenen toen de punkbeweging bezit nam van het gebouw. Maar ook de zwartgeklede bezoekers op kistjes veranderden weer van uiterlijk. Zelfs de heftige grafiti waarmee de bezoekers op de toiletten boodschappen achterlieten, keerden nimmer terug.

Paradiso, het symbool van de tegencultuur, werd langzaam maar zeker een onderdeel van de ooit zo verguisde burgerlijke cultuur. Met als directeur een WVCambtenaar, die geen song van Herman Brood weet te noemen, maar het centrum wel door het mijnenveld van het subsidielandschap moet gidsen.

Ironisch genoeg, nu de roep om disciplinering van de jeugd steeds luider wordt, is Paradiso met een voormalig militair begonnen. Louis Groen was een commando, die daarna in de horeca zijn organisatorische kwaliteiten had bewezen. In een televisie-interview met AVRO's Televizier uit 1969 omschreef hij zijn taak als volgt: "Paradiso wil een experimenteel jongerencentrum zijn dat zoekt naar nieuwe wegen voor jeugdwelzijn. De tijd van pingpongen en tafeltennissen is voorbij. Jeugdleiders met korte broeken vallen niet meer zo in de smaak."

Maar ook het regime van Groen niet, die na vele strubbelingen in 1974 ontslag moest nemen. Meteen had hij al de Amsterdamse commissaris van politie tegen zich gehad. Vrijburg van politiebureau Leidseplein, uitte in hetzelfde tv-programma zijn ongenoegen: "Toen Paradiso opende, had ik er wel begrip voor dat de jeugd hier werd ondergebracht. Zij bivakkeerde maar op straat en bezorgde de politie last bij 't Lieverdje en op het Leidseplein. Ik dacht dan ook dat de gemeente de jeugd in dat gebouw iets zinvols wilde bieden, maar daar heb ik tot nu toe niets van gemerkt. Er worden wel voorstellingen op niveau gegeven, zoals jazz en Indiase dansen. Maar er zijn ook voorstellingen die een misdrijf opleveren, openbare schennis der eerbaarheid. Bovendien trekt zo'n gebouw jeugd die te jong is om zich te onttrekken aan de zuigkracht van dit milieu. Persoonlijk - de commissaris trekt zijn mondhoeken afkeurend naar beneden - vind ik dit decadent en verdorven. In ieder geval niet geschikt voor mijn kinderen."

Voor die kinderen was 'Paradiso' een magisch woord geworden. Aangespoord door de uitgebreide berichtgeving over de paradijselijke hoofdstad, ondernamen velen uit binnen- en buitenland een pelgrimstocht naar Amsterdam Magies Sentrum en uiteraard het kloppend hart hiervan. In het blad Aloha beschrijft Koos Zwart een bezoek aan Paradiso anno 1971:

"De fraai betegelde hal voert ons naar de grote zaal waar een surrealistisch schouwspel zich voor onze ogen ontvouwt. Binnen een kring van bekende, suffe, platliggende mensen danst een aantal Teeny Boppers hun angsten en frustraties uit. Door het gebouw wandelend vonden we op de eerste verdieping nog een teehuis en een pannekoekenhuis en beneden een film & leeszaal. Helemaal beneden, in de kelder, is een makrobiotiese keuken en een zeefdrukinrichting."

In 1974 slaat de crisis toe. De jeugdcultuur verbrokkelt, het hippie-gehalte daalt, de punkbeweging ligt in het verschiet. Precies op dat breukvlak treedt Huib Schreurs in 1975 aan. In 'Walking Back to Happiness', een IKON-documentaire uit 1985, zegt hij over die periode: "Ik denk dat er veel dingen gebeurden die toen volstrekt nieuw waren of anders leken. Het grote verschil tussen jeugd en ouderen is toen verdwenen. Nu zijn jongeren te vinden in verschillende groepen met ieder hun eigen muziek en mode. Toen ik aantrad, voel ik het faillissement van de hippiecultuur waarin ik was grootgebracht (Schreurs speelde in CCC Incorporated, red). Plotseling kwam een kwaardaardiger soort jeugd op, gedeeltelijk in de punk gesymboliseerd."

Schreurs was de kok van de unieke receptuur die onder zijn directeurschap aan Paradiso een geheel nieuwe uitstraling gaf. Thema-avonden over Klassieke Helden, Veldslagen, Het Geweld, feestavonden tegen het christendom en hoogmissen programmeerde hij even vanzelfsprekend als popconcerten.

In het boek 'Tachtigers, glimp van een generatie' (1987) zegt hij hierover: "Toen de punkbeweging verzwakte en het front zich versmalde, veranderde dit gebouw meteen mee. Dat wilden we niet laten gebeuren. Er moest een link blijven bestaan tussen de gedachtenvormgevers en de gevoelswereld. Paradiso moest daarvan een symbool blijven; het mocht geen lege huls worden, al kwamen die werelden uit elkaar te liggen. Daarom was het bijvoorbeeld ontzettend belangrijk dat minister-president Den Uyl op het hoogtepunt van de kraakbeweging in hetzelfde gebouw sprak als de krakers er hun idealen verwoordden. Niet op dezelfde avond, wel in een zelfde periode en op dezelfde plaats, waardoor de buitenwereld voortdurend geprikkeld werd."

In 1990 volgde Hans Dulfer, saxofonist en schrijver, Schreurs op. Al begin jaren zeventig bezorgde hij Paradiso legendarische jazz-concerten van onder meer Sun Ra, Ben Webster en Dexter Gordon. Bij zijn aantreden stak Dulfer zijn ingebakken vernieuwingsdrang niet onder stoelen op banken: "Je zit nu in de jaren negentig en je kan er donder op zeggen dat er een golf aankomt van het achteruit kijken." "Ik denk dat dat een heel gevaarlijke situatie is. Want daarmee ontneem je mensen die met iets nieuws bezig zijn de kans om in de publiciteit te komen. De dictatuur van de ouwe lullen. Ik ben van plan om me daar ernstig tegen te verzetten" , aldus Dulfer (Parool, 12 mei 1990).

Zijn vitale impulsen worden nog geen jaar later in de kiem gesmoord. "De schuld en verantwoordelijkheid voor de ontstane situatie ligt niet bij Dulfer" , verklaarde Paradiso-bestuursvoorzitter Rene van der Land. "Het ging niet om zijn manier van programmeren. Het is meer een botsing van twee culturen, twee stijlen" (Parool, 28 juni 1991).

Die andere stijl werd duidelijk met de benoeming van Pierre Ballings. In alles ontbeert de voormalige WVC-ambtenaar het visionaire dan wel het creatieve van zijn voorgangers. Zakelijke en behoudende motieven winnen het van affiniteit met de popcultuur. Uit een recent interview (Parool, 13 maart 1993) blijkt zijn volslagen onkunde hieromtrent (Wat was de naam van de manager van de Sex Pistols? Geen idee. Hoe moet ik dat nou weten?). Houseparties zijn uit den boze want "we zijn natuurlijk geen danszaal" . 'Vernieuwing' klinkt Ballings als een vies woord in de oren: "Je moet wel oppassen dat je niet de rest van je publiek van je vervreemdt." De achterkijk-golf die Dulfer verafschuwde omarmt Ballings juist: "We zijn nu aan het kijken of we niet een programma kunnen maken met al die oude cracks die veertig jaar terug aan de wieg stonden van de popmuziek."

Het nieuwe hoofd is dan ook aangetrokken als manager, die een zakelijker aanpak moet garanderen: "We zitten nu middenin de omslag naar een professioneel geleid bedrijf, met alle psychologische problemen van dien. De angst voor de groei en de daarmee gepaard gaande verzakelijking is groot. Ik begrijp die sentimenten wel, maar je moet niet blijven hangen in dat familiegevoel" aldus Ballings in hetzelfde vraaggesprek. Dus geen hedendaagse equivalenten meer van de levende Objekten Show of het Eksotisch Kietsj Konservatorium gebaad in het betoverende schijnsel van vloeistofdia's. Oke, de jeugd- en popcultuur zijn drastisch veranderd maar om nu met Ballings te beweren dat er geen nieuwe uitdagingen meer bestaan . . . "Vijftien jaar geleden was de cultuur veel meer gepolariseerd. Het was toen gemakkelijker om te reageren op nieuwe ontwikkelingen."

De thermometer-functie van Paradiso kan in deze tijden even belangrijk zijn als toen. Inderdaad, de Age of Aquarius ligt ver achter ons, Ballings luidt nu de Age of Mercurius in. Daarmee krijgt de befaamde Weteringschans-grap onbedoeld een nieuwe inhoud. In de jaren zestig lagen toen bij elkaar de Vrije Gemeente (Paradiso), de onvrije gemeente (het Huis van Bewaring) en de vrijende gemeente (het Barleus gymnasium). Het gymnasium is gebleven, de gevangenis verdween, maar de Vrije Gemeente is verworden tot vrije ondernemerschap.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden