De zionistische droom

(FOTO HOLLANDSE HOOGTE) Beeld Jet Budelman/Hollandse Hoogte

„Laten we er geen doekjes om winden, de politieke situatie waarin Israël zich op dit moment bevindt is slechter dan ooit.” Volgens Abel Herzberg-biograaf Arie Kuiper is het land bezig met een langzame politieke zelfmoord. „Dat klinkt onheilspellend, maar ik meen het wel.”

De sympathie voor Israël is in de westerse landen tot een minimum gedaald. Op Amerikaanse en Britse universiteiten wordt gepleit voor een academische boycot van de Joodse staat. Anderen pleiten voor een economische boycot. In Nederland hebben politici als Hans van den Broek, Hans van Mierlo, Frans Andriessen, Klaas de Vries, Laurens Jan Brinkhorst, Pieter Kooijmans en Hedy d’Ancona zich aangesloten bij The Rights Forum van Dries van Agt – een man die door de Joden diep wordt gewantrouwd.

Peilingen hebben uitgewezen dat de meeste Europeanen momenteel Israël zien als het grootste gevaar voor de wereldvrede. In het jongste nummer van het Joods-Amerikaanse maandblad Commentary schrijft de Israëlische journaliste Evelyn Gordon dat Israëls groeiende status van paria in de wereld op de lange termijn een groter gevaar is voor zijn voortbestaan dan welke militaire dreiging ook.

Esther Voet, waarnemend hoofdredacteur van het Nieuw Israelietisch Weekblad, schreef eind december dat Israël de zondebok van de wereld dreigt te worden. Zij voorziet ’een donkere nacht’. Veel Joden in Nederland voelen zich onbehaaglijk. Voet citeert met instemming de uitspraak van de zionist en schrijver Abel Herzberg: „Zonder Israël is elke Jood een ongedekte cheque.”

Bijna de enige vrienden die Israël in Nederland nog heeft zijn de Christenen voor Israël. Ik ben bepaald geen bewonderaar van deze pressiegroep waarvan de aanhangers menen dat de totstandkoming van de Joodse staat onderdeel is van Gods heilsplan en dat de komst van de Messias daardoor zal worden bespoedigd. Diens komst zal in hun ogen samenvallen met de wederkomst van Christus, want de Joodse Messias en de christelijke Verlosser zullen dan, mirabile dictu, dezelfde persoon blijken te zijn. Daar zullen de Joden te zijner tijd nog van opkijken.

Maar aan sympathie voor Israël mankeert het mij niet. De term ’liefde voor Israël’ vermijd ik, want ik zou niet weten hoe je van een land kunt houden. Ik weet niet eens hoe ik van Nederland zou moeten houden. Sympathie dus voor Israël, en oprechte belangstelling.

Een oplossing voor het conflict tussen de Joodse staat en de Palestijnen is in geen velden of wegen te bekennen. President Obama en zijn speciale gezant voor het Midden-Oosten, George Mitchell, doen hun best, maar tot nu toe hebben zij niets bereikt.

De Verenigde Staten zijn altijd tegenstander geweest van de Israëlische bezettingspolitiek en hebben ook nooit de annexatie van Oost-Jeruzalem erkend. Hetzelfde geldt voor de Europese Unie. Aanvankelijk leek het erop dat Obama de eerste president zou zijn die aan Israël harde eisen zou stellen. Hij is inmiddels op zijn schreden teruggekeerd, maar zijn prestige is in Israël tot bijna het nulpunt gedaald. Nog maar vier procent van de Israëliërs zegt vertrouwen in hem te hebben. Rechtse columnisten noemen hem bij voorkeur Barack Hoessein Obama en een van de leiders van de kolonisten in bezet gebied omschreef hem als „die Arabier die president van de Verenigde Staten is”. Een rechtse columnist van het Nieuw Israelietisch Weekblad schreef in dat spoor over B. Hoessein O.

Dat Obama wel eens Israëls laatste kans zou kunnen zijn om uit de ellende te komen wil er in Jeruzalem niet in. Want laten we er geen doekjes om winden, de politieke situatie waarin Israël zich op dit moment bevindt is slechter dan ooit. In feite is Israël, naar mijn oordeel, bezig met een langzame politieke zelfmoord. Dat klinkt onheilspellend, maar ik meen het wel.

In mijn ogen is het conflict tussen Israël en de Palestijnen hoofdzakelijk een politiek probleem dat met politieke middelen moet worden opgelost. Laten alle partijen de religie er vooral buiten houden. Zoals Abel Herzberg placht te zeggen: „Het oplossen van een ingewikkeld politiek probleem is al moeilijk genoeg. Maar als je er de religie erbij haalt, ga dan snel in dekking, want dan weet je dat de kogels je meteen om de oren vliegen.”

Dit neemt niet weg dat Israël niet kan worden losgekoppeld van het jodendom, en het jodendom niet van de Joodse religie. Ergo: Israël kan niet worden losgekoppeld van de Joodse religie. Daar is niks mis mee, integendeel. Zo kan ook de strijd van de Palestijnen niet worden losgekoppeld van de islam. Ook daar is niets mis mee. Wat voor Israël geldt, geldt ook voor de Palestijnen.

Als ik in Israël was, wandelde ik altijd naar de Arabische wijk van Jeruzalem, naar de zogeheten Via Dolorosa waar ik een vast terras had. De Palestijn die het bijbehorende café uitbaatte begroette mij elke keer met een hartelijke grijns en een omhelzing, iets waar je als stijve Nederlander steeds even aan moet wennen.

Op dat terrasje keek ik met plezier naar de langs paraderende Palestijnen. In 1970 zat ik er voor de eerste keer. Bijna alle vrouwen waren modern westers gekleed, sommigen op hoge hakken, up to date opgemaakt en zelfbewust. Dat beeld is totaal veranderd. Bijna alle vrouwen lopen er nu, gesluierd en wel, bij als vrome moslima’s. Ook voor veel Palestijnse mannen, zo is uit onderzoek gebleken, is de islam nu veel belangrijker dan in het verleden.

Nu kun je mij veel wijsmaken, maar niet dat het Palestijnse volk – dat altijd voor een groot deel seculier volk geweest – in korte tijd plotseling zoveel vromer is geworden.

De ware reden is duidelijk: de islam is nu het symbool van hun identiteit in de strijd tegen Israël. Waarschijnlijk spelen ook andere factoren een rol, zoals de invloed van Hezbollah vanuit Zuid-Libanon. Hezbollah op zijn beurt staat sterk onder invloed van Iran, dat heeft gezworen dat Israël moet verdwijnen. En dan regeert niet te vergeten Hamas in de Gazastrook. Hamas is door en door radicaal-islamitisch, voelt zich verbonden met Hezbollah en Iran en heeft ook in Judea en Samaria vele aanhangers. Toch meen ik dat Hamas zonder het Israëlisch-Palestijnse conflict bij het van huis uit seculiere Palestijnse volk geen voet aan de grond zou hebben gekregen.

Zoals de Palestijnse bevrijdingsstrijd niet meer kan worden losgekoppeld van de islam, en de Joodse staat niet van het jodendom, zo kan ik niet worden losgekoppeld van mijn christelijke identiteit. En mijn christelijke identiteit niet van het jodendom want het christendom is een Joodse schepping. In feite is het christendom een Joodse godsdienst. (Dat is de titel van een boek van de beroemde Joodse theoloog David Flusser: ’Het christendom, een Joodse religie’.) Jezus was een orthodoxe Jood die als Jood is geboren, als orthodoxe Jood heeft geleefd, als Jood is gestorven en volgens de Joodse ritus is begraven.

Niemand kan iets van het christendom begrijpen als hij niets van het jodendom weet, en omdat Israël onlosmakelijk is verbonden met het jodendom, leidt een oprechte belangstelling voor het christendom automatisch tot belangstelling voor de Joodse staat.

Het is zeer onredelijk, zoals Dries van Agt doet in zijn boek ’Een schreeuw om recht. De tragedie van het Palestijnse volk’, om de verantwoordelijkheid voor de miserabele situatie waarin de Joodse staat anno 2010 is terechtgekomen, alleen bij Israël te leggen. De ironie van de geschiedenis wil dat Israël tijdens de Zesdaagse Oorlog er in het geheel niet op uit was Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever (Judea en Samaria) in bezit te krijgen. Integendeel.

Toen Israël in doodsnood Egypte en Syrië aanviel, stuurde het via de Noorse VN-generaal Odd Bull een boodschap aan koning Hoessein van Jordanië: „Blijf erbuiten, dan gebeurt je niks.” Maar Hoessein, wiens grootvader koning Abdullah in 1948, tijdens de Israëlische onafhankelijkheidsoorlog, Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever had veroverd, meende dat hij solidair moest zijn met zijn Arabische broeders en viel aan. Dat heeft hij diep betreurd, want Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever werden in een handomdraai door Israël veroverd. Vanaf dat moment was Israël een bezettende macht.

De euforie in Israël was groot. De westelijke tempelmuur in Oost-Jeruzalem en ook Judea, het hartland van het oude Bijbelse Israël, waren bevrijd en weer in Joodse handen. Dat moest wel een geschenk van God zijn!

De Israëlische schrijver Amos Oz dacht er anders over. Enkele maanden na de Zesdaagse Oorlog schreef hij al: „Het zijn geen bevrijde gebieden, het zijn bezette gebieden.” Later voegde hij eraan toe: „In juni 1967 is de messianistische geest uit de fles gekomen en die krijgen we er nooit meer in.”

Messianisme of niet, kort na de Zesdaagse Oorlog vroeg Israël de Arabische landen om vredesbesprekingen: land in ruil voor vrede. De Arabische landen kwamen in Khartoem op een topconferentie bijeen en besloten unaniem tot driemaal nee: geen onderhandelingen met Israël, geen erkenning van Israël, geen vrede. Zo is de gehele geschiedenis van het Israëlisch-Palestijnse conflict een dieptreurige geschiedenis van misdaden en gemiste kansen, aan beide zijden.

Het is nog steeds overduidelijk dat er maar één oplossing is: Israël moet de bezette gebieden ontruimen en terugkeren naar de grenzen die bestonden van 1949 tot 1967. Jeruzalem moet worden verdeeld. Twee staten naast elkaar die vreedzaam samenleven. Het is een mooi ideaal, maar er zal nog heel wat water door de Jordaan moeten vloeien voor het zover is – áls het ooit gebeurt.

Overigens kan niet van Israël verwacht worden dat het zonder harde garanties terugkeert naar de grenzen van 1967 en zo de Palestijnen in staat stelt Tel Aviv en het vliegveld Ben Goerion met hun raketten onder vuur te nemen. De Verenigde Staten en eventueel de Europese Unie zullen ervoor moeten zorgen dat dit niet kan gebeuren.

Voor mij staat vast dat latere historici unaniem zullen oordelen dat Israël een enorme blunder beging toen het de bezette Westelijke Jordaanoever koloniseerde.

In Judea en Samaria is een krankzinnige toestand ontstaan met vele wegversperringen voor de Palestijnen die in hun eigen land niet vrij kunnen reizen. De bouw van het afscheidingshek heeft de zaken verergerd. De bouw van het hek is terecht, het aantal zelfmoordaanslagen is tot bijna nul teruggebracht, maar een niet onaanzienlijk deel van het hek staat op Palestijns gebied terwijl het natuurlijk parallel had moeten lopen met de grenzen van 1967.

De kolonisten op de Westelijke Jordaanoever zijn geen aangename mensen. Ik heb hele middagen met hen gediscussieerd. „God heeft ons dit land gegeven en geen regering mag het van ons afpakken.” Punt uit. De kolonisten zijn voortdurend bezig de Palestijnen het leven zuur te maken, onder meer door het vernielen van olijfboomgaarden en andere treiterijen.

Op 12 november 2008 schreef M.J.Rosenberg in de Jerusalem Post dat die twee staten er nu toch echt moeten komen, al was het alleen maar om een verdergaande verloedering van Israël te voorkomen. Rosenberg, gezaghebbend commentator, is directeur van het Israel Policy Forum in Washington. Waar het om gaat, meent hij, is dat de status-quo „een ziekte is die twee samenlevingen vernietigt”. Wie Israël steunt heeft geen andere keus dan te steunen wat Ehud Olmert, op dat moment premier van Israël probeerde te doen: ontruiming van Judea en Samaria en de verdeling van Jeruzalem. „Het alternatief”, aldus Rosenberg, „is steun aan het voortduren van de bezetting en het einde van de zionistische droom.”

Het einde van de zionistische droom – dat betekent in feite het einde van de Joodse staat Israël. In Judea en Samaria wonen nu al meer dan 300.000 Joodse kolonisten. De bouw van huizen voor Joden in Oost-Jeruzalem gaat onverminderd voort. Daarom moet ernstig de vraag worden gesteld of het tweestatenmodel nog haalbaar is. Anders gezegd: of Israël niet doelbewust bezig is deze oplossing definitief onmogelijk te maken.

Als in de bezette gebieden plus de Gazastrook een Palestijnse staat komt, moeten alle kolonisten op de Westelijke Jordaanoever het veld ruimen, tenzij zij de Palestijnse nationaliteit zouden aannemen, wat natuurlijk een illusie is. De kolonisten zijn goed georganiseerd en de meesten van hen zijn fanatieke aanhangers van de Groot-Israëlgedachte. Ontruiming van alle nederzettingen zou zonder twijfel leiden tot een Israëlische burgeroorlog of iets wat daarop lijkt.

Het enige alternatief voor het tweestatenmodel, tenzij Israël de uitzichtloze situatie van de bezetting eindeloos wil volhouden, is de vorming van één binationale staat voor Israëliërs en Palestijnen. Maar tussen de Middellandse Zee en de Jordaan zullen, omdat Arabische moeders veel meer kinderen baren dan Israëlische moeders, binnen afzienbare tijd meer Palestijnen dan Joden wonen. Uiteraard moeten we ook de Arabische inwoners van Israël binnen de grenzen van 1967 meetellen. Deze Arabieren met de Israëlische nationaliteit hebben in toenemende mate de neiging zich tegen de Joodse staat te keren.

„Het is duidelijk”, schreef het Israëlische dagblad Ha’aretz op 25 maart 2008, „dat zo’n binationale staat niet Joods zou zijn en ook niet binationaal. Een staat met een Arabische meerderheid midden in het islamitische Arabische Midden-Oosten zal in alle opzichten een Arabische staat zijn.”

Goed, kun je zeggen, dat is de mening van de linkse Ha’aretz. Maar ex-premier en thans minister van defensie Ehud Barak is het ermee eens. Als de bezetting voortduurt, heeft hij gezegd, zijn er twee mogelijkheden: óf de Palestijnen krijgen stemrecht, en dan ontstaat een Arabische staat, óf zij krijgen geen stemrecht en dan ontstaat een apartheidsstaat.

Conclusie van Roger Cohen, columnist van de New York Times die Baraks uitspraak op 2 april 2008 citeerde: „De tweestatenoplossing is essentieel voor Israëls overleving als Joodse staat.” Toen hij nog premier was zei Ehud Olmert het al: „Als er geen Palestijnse staat komt is Israël finished.”

De Israëlische vredesactivist Gershon Baskin schreef op 15 december 2008 in de Jerusalem Post: „Er is niets in de status-quo dat aanvaardbaar is of kan zijn. De Palestijnen zullen een internationale strijd voeren om volledige democratie te bereiken – stemrecht voor iedereen tussen de rivier en de zee. Als de tweestatenoplossing niet langer geldig is, en dat moment zullen we snel bereiken als Netanyahu wordt gekozen, dan zal de droom van een democratische Joodse staat verloren zijn.”

Interessant is Baskins vaststelling dat onder Palestijnse intellectuelen een discussie gaande is over de vraag of het niet beter is af te zien van een eigen Palestijnse staat en te koersen in de richting van één binationale staat tussen de Middellandse Zee en de Jordaan – vanuit het heldere besef dat die staat niet Joods maar Palestijns-Arabisch zal zijn, met de Joden als een gedulde minderheid, als ze al niet verdreven worden.

Dit is wat ik bedoel met de langzame zelfmoord van Israël. Het is een verontrustend perspectief dat iedereen die Israël een goed hart toedraagt de schrik om het hart doet slaan.

(Trouw) Beeld Jet Budelman/Hollandse Hoogte
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden