De zinloosheid van de wereld werkt bevrijdend

Biofysicus Cees Dekker kan niet leven met de zinloosheid van het heelal: 'Zingeving is essentieel. Ik geloof dat God de wereld geschapen heeft.' Volgens emeritus hoogleraar kinderchirurgie Jan Molenaar kan het besef dat we niet in staat zijn het begin en einde van de dingen te vatten ook 'worden beleefd als een bevrijding van het zoeken naar bovennatuurlijke oorzaken. Dat geeft ruimte om de werkelijkheid te onderzoeken zoals zij is.'

'En God beschikte een worm...' Dit is de titel van opnieuw een boek uit de 'intelligent design belt' die momenteel het land van geloof en wetenschap verdeelt. Het werd in 'Het Elfde Uur' aangeboden aan Andries Knevel die biofysicus prof. dr. Cees Dekker, evolutiebioloog dr. Sander van Doorn, en eerder ook premier Jan Peter Balkenende aan tafel had.

De titel van het boek verwijst naar het oudtestamentische boek Jona, waarin God een worm opdracht geeft om het wortelgestel van een boom, waaronder Jona zit uit te rusten, aan te tasten, zodat de boom verdort en Jona, tot zijn ongenoegen, in de brandende zon komt te zitten. God is niet alleen de ontwerper van de ons omringende werkelijkheid, hij grijpt ook nog regelmatig in, is de boodschap die in die titel verborgen zit. En, zeiden de twee wetenschappers, ook in de wetenschap zijn hiervoor aanwijzingen te vinden.

De premier zei dat ook hij het bestaan van een God die de natuur heeft ontworpen en hierin ook nu nog steeds de hand heeft, aannemelijk vindt. Hij was die middag nog in het Westland op werkbezoek geweest en als je daar door de warenhuizen loopt en je ziet die prachtige bloemen, dan moet je wel tot die slotsom komen, aldus de premier.

Als kijker moet je machteloos toezien of de tv afzetten. Maar als ik erbij was geweest, had ik me graag in de discussie gemengd en de heren uitgenodigd voor een bezoek aan het kinderziekenhuis, waar ik vele jaren als kinderchirurg heb gewerkt en waar ook nu nog elke dag pasgeborenen liggen die met levensbedreigende aangeboren afwijkingen ter wereld kwamen. God grijpt niet in, is mijn ervaring en dus zijn een misvormd pasgeboren kind en de ouders op een kinderchirurg aangewezen. Gelukkig beschikt die, overigens nog maar sinds kort, over mogelijkheden om hun lot ten goede te keren.

'Hoe is dit mogelijk, dokter?' is een vraag die mij door de diep teleurgestelde ouders vaak is gesteld. Niet zelden gevolgd door de vraag van de moeder: 'Heb ik iets verkeerd gedaan, verkeerd geleefd of gegeten?' Vragen die de aanzet zijn geweest tot een belangrijk deel van het wetenschappelijk onderzoek van mijn afdeling en die in de loop der jaren maar zeer gedeeltelijk beantwoord zijn.

Normaal is niet gewoon

Het werd me duidelijk dat leven afhangt van stipte werking en blind toeval. Dit geldt voor alle levende cellen, de kleinste eenheden van leven, waaruit alle leven ontstaat. Dus ook voor de cellen in ons lichaam. De kringloop van moleculen in een cel is een opportunistisch proces, dat wil zeggen afhankelijk van de omstandigheden van het ogenblik. Hóe ze met elkaar reageren, is gebonden aan strenge natuurwetten. Wát er gebeurt gehoorzaamt aan strakke regels, maar óf het gebeurt is onzeker en afhankelijk van het moment. Een normaal verlopende stofwisseling is dus niet gewoon. Er kan altijd iets misgaan, zelfs in een normale lichaamscel. Dan kunnen ziekte en zelfs dood het gevolg zijn.

Op soortgelijke manier kan er bij de vorming van ei- en zaadcellen iets misgaan wat bij de bevruchting wordt overgedragen, met als gevolg afwijkingen van de vrucht die, als ze niet bijtijds worden gecorrigeerd, leiden tot de geboorte van een misvormd of ziek kind.

Gelukkig kent de natuur correctieven die het nageslacht beschermen. Zo komt slechts een derde van alle bevruchtingen tot de geboorte van een levensvatbaar individu. Twee derde wordt tijdens de eerste weken van de zwangerschap afgestoten. Soms zonder dat een zwangere dit merkt. Onderzoek van vruchten geboren na een spontane miskraam laat zien dat die een hoog percentage afwijkingen van het erfelijk materiaal hebben en niet met het leven verenigbare anatomische afwijkingen vertonen. De natuur kent blijkbaar wel een effectieve, maar helaas geen perfecte prenatale zwangerschapsscreening. Ongeveer 2 procent van alle pasgeborenen vertoont ernstige defecten. Een normaal nakroost is dus niet gewoon.

Zinloos

Later las ik dat, na vele jaren onderzoek, Darwin tot de slotsom kwam dat soortgelijke krachten, selectie en extinctie, verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van de grote verscheidenheid aan levende wezens die de aarde bevolken en vele miljoenen jaren lang bevolkt hebben. Enig ontwerp kon hij niet ontdekken. 'Het lijkt erop dat in de oneindige verscheidenheid van levende wezens, en in de manier waarop de natuur hen selecteert, niet méér sprake is van enig plan of ontwerp dan in het waaien van de wind', schreef Darwin in een van zijn brieven.

De evolutiegedachte van Darwin is nu onder wetenschappers niet controversiëler dan de opvatting dat de aarde rond is. Van een goddelijke hand in het ontstaan van de biosfeer ontbreekt tot op heden ieder spoor. De mens heeft niets bovennatuurlijks, hij is een dier als alle andere dieren, met een hoger bewustzijn, jawel, en intelligenter dan alle andere dieren, meer hersenen, een relatieleven dat sociaal en historisch veel rijker is, een overvloed aan kennis en werken, maar zonder enige dimensie die aan de natuur ontsnappen kan. Voor wie dit tot zich door laat dringen, is dit behalve ontzagwekkend, ook beklemmend. Althans zo verging het mij.

In een intervieuw in de NRC citeerde Dekker de Nobelprijswinnaar en natuurkundige Steven Weinberg, die stelde dat hoe meer we van het heelal begrijpen, des te zinlozer het lijkt te zijn. 'Daar kan ik niet mee leven, zingeving is essentieel. Ik geloof dat God de wereld geschapen heeft', aldus Dekker. Voor velen, mét prof. Cees Dekker, is die zinloosheid te beklemmend, méér dan zij kunnen verdragen. Zij zoeken bescherming.

Twee werelden

Een manier om aan die beklemming te ontkomen, is om naast de door de wetenschap onthulde werkelijkheid in het bestaan van een andere werkelijkheid te geloven. In zijn inaugurele prediking hield paus Benedictus XVI de mensheid voor dat Waarheid, Goedheid en Schoonheid behoren tot een bovenmenselijke, niet geschapen, niet wetenschappelijk verifieerbare, maar niettemin ware werkelijkheid, een werkelijkheid die bestaat buiten ons in een andere, bovennatuurlijke wereld. De wereld waarin wij wonen is het uitvloeisel van deze hogere wereld, die boven deze wereld uitstijgt en béter is. En, zo zei de Paus, de mens is niet het willekeurig resultaat van een blind evolutieproces, maar ieder mens is uniek en uitdrukking van een bijzondere gedachte van een persoonlijke God.

Met andere woorden zei schrijver Willem Jan Otten hetzelfde: 'Geloof en literatuur zijn verwant, allebei verwijzen ze naar iets wat niet bestaat. Een lezer moet overtuigd raken van de realiteit van wat hij voorgeschoteld krijgt, net als een kerkganger.' Volgens Otten gaat het niet om de vraag of het scheppingsverhaal bewijsbaar is, maar dat je het moet verbeelden om het waar te laten zijn.

Voor de gelovige bevindt zich dus achter de waargenomen werkelijkheid een spirituele, onzichtbare, voor onze zintuigen niet bestaande, maar wél te verbeelden werkelijkheid. Die werkelijkheid, die de oorsprong, de oorzaak is van onze dagelijkse werkelijkheid, is het universum van oorzaak en gevolg van de gelovige, aldus paus Benedictus en Willem Jan Otten.

Hoe anders denkt de wetenschapper. Die houdt zich aan de werkelijkheid zoals die is en wordt gedreven door de wil om door observatie en experiment zichtbaar te maken en te verifiëren hoe die in elkaar zit en werkt. De natuurwetenschapper is vervuld van diep ontzag voor wat hij tegenkomt op zijn ontdekkingstochten door de natuur, maar bovennatuurlijke verklaringen, zoals die zo vele eeuwen lang wetenschappers hebben verblind 'falen jammerlijk om aan de grootse luister van de werkelijke wereld recht te doen', zo besluit Richard Dawkins zijn pelgrimstocht naar de dageraad van het leven in zijn boek 'The Ancestor's Tale'.

Tijdens het intervieuw met Andries Knevel werd het bestaan van een conflict tussen geloof en wetenschap ontkend. Er bestaat, zo zei Dekker, een conflict tussen twee wereldbeelden: éen met en éen zonder God. Kennelijk niet beseffend dat juist het wereldbeeld mét God dan wel aan een grondige herziening toe is, wil althans een natuurwetenschapper met zo'n wereldbeeld nog uit de voeten kunnen, serieus genomen kunnen worden. Heeft iemand die gelooft voldoende speelruimte om tegelijkertijd volwaardig natuurwetenschapper te kunnen zijn?

Deze wereld

Ik geef de voorkeur aan een praktischer benadering, namelijk die van de in 2004 overleden paleontoloog Stephen Jay Gould. De mens bestaat pas zo'n honderdduizend jaar, is, als deel van een immense biodiversiteit, een late nieuwkomer in de evolutie, een glorieus toeval, een schitterend ongeluk als het ware. In de loop van de evolutie hebben mensen bewustzijn ontwikkeld. Besef van eigen broosheid vooral, niet in staat om het begin en einde van de dingen te vatten.

Dit te beseffen hoeft niet te worden ervaren als beklemmend, maar kan worden beleefd als een opluchting, een bevrijding van het zoeken naar bovennatuurlijke oorzaken. Dat geeft ruimte om, als zingeving aan ons bestaan, de werkelijkheid te onderzoeken zoals die is én om, als enige levende wezens hiertoe in staat, hoeder te zijn van de continuïteit van het leven op aarde. We hebben niet om die rol gevraagd, zijn er ook misschien (nog) niet voor toegerust, maar kunnen er geen afstand van doen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden