De zaak - Ayaan Hirsi Ali

Ayaan Hirsi Ali, die met de dood is bedreigd vanwege haar kritiek op de islam, krijgt geen permanente politiebewaking. Daarmee schiet de Nederlandse overheid ernstig tekort in haar meest essentiële taak en getuigt ze van een verbijsterend gebrek aan daadkracht, volgens rechtsfilosoof Paul Cliteur.

Op dit moment leeft in Nederland, min of meer ondergedoken, een uit Somalië afkomstige politicologe: Ayaan Hirsi Ali. Zij is met de dood bedreigd vanwege haar kritiek op de islam, met name op de onderdrukking van vrouwen in de islamitische cultuur. Volgens het formeel-wettelijk systeem in Nederland is kritiek op de islam niet verboden. Geen officier van justitie heeft haar iets in de weg gelegd. Maar als art. 7 van de Grondwet, de formeel-wettelijke vrijheid van meningsuiting, niet wordt hooggehouden in een ethos van tolerantie in de maatschappij, heeft men daar niets aan.

De kwestie - Hirsi Ali laat zien dat minister Nawijn van Integratie gelijk had toen hij waarschuwde voor het grote belang van binding met en loyaliteit aan Nederland. Nawijn wees op grondbeginselen als gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, scheiding van kerk en staat, onschendbaarheid van het lichaam en vrijheid van meningsuiting. Hij noemde deze beginselen 'ononderhandelbaar'. Doodsbedreigingen vanwege kritiek op de islam zijn natuurlijk in flagrante strijd met al die beginselen.

Dat de godsdienstfanaten van wie die bedreigingen afkomstig zijn, niet geïntegreerd zijn in de zin van aangepast aan elementaire beschavingsnoties behoeft nauwelijks betoog. Wat ons misschien nog wel meer zorgen moet baren, zijn de lauwe en schoorvoetende reacties die deze zaak heeft losgemaakt. Allereerst van de zijde van allochtone organisaties en individuen. Deze verklaarden in een persbericht de bedreigingen te veroordelen. Maar haastten zich vervolgens te verklaren dat ze het volledig oneens waren met de wijze waarop Hirsi Ali de islam onder kritiek had gesteld.

Nog schokkender waren de reacties van bezoekers van een manifestatie in Paradiso op 22 september. De bijeenkomst was bedoeld om begrip te bevorderen tussen moslims en niet-moslims. Tijdens deze bijeenkomst riep filmmaker en columnist Theo van Gogh op tot een applaus voor Hirsi Ali. Een heel schamel applausje was het resultaat en vervolgens putte men zich uit in kritiek: Hirsi Ali zou religie verwarren met cultuur. Ook was er iemand die zei: 'Hirsi Ali schaart zich achter Pim Fortuyn'. En daarmee was kennelijk het definitieve oordeel geveld.

Op een andere vraag van Van Gogh, of men zich meer moslim voelde of meer Nederlander, luidde het antwoord: 'moslim'. Voor wie goed had geluisterd naar wat borrelde in de onderbuik van de samenleving waren dit soort reacties misschien geen verrassing. Op internet wordt al enige tijd een heftige strijd gevoerd over de denkbeelden van Hirsi Ali. Op een aan haar gewijde forumpagina op www.somalinet.com wordt ze gewaarschuwd en ook bedreigd door Somaliërs. De ene zegt: 'Zij probeert onze mooie cultuur onderuit te halen.' Een ander vraagt: 'Wie weet waar dat wijf woont?' En weer een ander zegt: 'Ze solliciteert echt om haar dood.'

Er valt nog wel meer te zeggen over de allochtone reacties op deze bedreigingen. Het is verleidelijk in discussie te gaan met voormalig imam Abdoellah Haselhoef die de moed heeft Hirsi Ali zelfs nu nog te kapittelen als 'moslim-bounty': wit van binnen, zwart van buiten. Of met de schrijver Said El Haji die zo naïef is te denken dat hij met zestien citaten uit de

Koran de islam als een vrouwvriendelijke godsdienst kan presenteren. Of met Ali Eddaoudi die Hirsi Ali de maat neemt als 'modelallochtoon' die 'sjanst met Nederlanders' en hen naar de mond praat. Of met Fatos Ipek-Demir die 'niet verbaasd' is over de doodsdreigingen, Hirsi Ali was immers 'erg extreem' in haar uitspraken en ja, dan moet je niet verbaasd zijn over extreme reacties. Bij mijn weten hebben slechts twee nieuwe Nederlanders zich ondubbelzinnig achter Hirsi Ali gesteld: Afshin Ellian en Hafid Bouazza.

Maar ook de reactie van de Nederlandse overheid op de kwestie - Hirsi Ali is schokkend. Ze geeft namelijk blijk van een onaanvaardbare bestuurlijke besluiteloosheid. Nederland beoogt een rechtsstaat te zijn. Dat houdt in dat de overheid zichzelf onder het recht stelt, met name het hogere recht dat is neergelegd in grondrechten. Bedreigingen met de dood omdat iemand gebruikmaakt van het essentiële recht op vrijheid van meningsuiting vormen een inbreuk op dat recht en raken de rechtsstaat in het hart.

Maar een rechtsstaat is ook een staat: een organisatie die de veiligheid van haar burgers kan waarborgen op haar eigen grondgebied. Voltaire zei al: 'De eerste koning was een gelukkige soldaat.' De dichter Alexander Pope zei: 'Order is heaven's first law.' Dit is geen poëtische of filosofische wijsheid, het is elementaire staatsleer. Orde, veiligheid, bescherming - het behoort tot de essentie van de staat.

In het realiseren van deze staatstaak schiet de Nederlandse regering op dit moment ernstig tekort. Woensdag bleek dat Hirsi Ali op eigen kosten of die van haar werkgever, de Wiardi Beckman Stichting, haar beveiliging moet regelen. Politie en binnenlandse zaken hebben besloten om geen permanente politiebewaking voor haar beschikbaar te stellen. Een speciaal overlegteam op Binnenlandse Zaken vond de bedreigingen aan haar adres niet ernstig genoeg voor permanente bewaking, zo meldde NRC Handelsblad.

De reactie van de Nederlandse overheid op deze Rushdie-in-de-polder getuigt van een verbijsterend gebrek aan daadkracht. De politie van Amsterdam en die van de woonplaats van Hirsi Ali liggen in de clinch wie het voortouw moet nemen. Geen enkele Nederlandse minister of hoge bestuurder heeft uit eigen initiatief het heft in handen genomen. De minister-president heeft nog niet eens de moeite genomen zich over de kwestie uit te spreken. Ook de andere verantwoordelijke bewindslieden lijken de zaak op zijn beloop te laten.

Kennelijk betuigt Nederland graag lippendienst aan tolerantie, scheiding van kerk en staat, gelijkheid van man en vrouw. Maar uiteindelijk wordt over de Nederlandse idealen - in tegenstelling tot wat minister Nawijn denkt - volop 'onderhandeld'. Als het erop aankomt moet de dominee toch wijken voor de koopman en geldt een Hoger Beginsel in de polder: het mag niet te veel kosten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden