De Yuffie's praten Poldernederlands

ZAANDAM - Ze zijn jong, vrouw, hoog opgeleid, hebben een creatief beroep en zijn uit de provincie naar de grote stad getrokken. En ze praten 'Poldernederlands', een dialect dat op weg lijkt het Algemeen Beschaafd Nederlands van de 21ste eeuw te worden.

Als taalkundige vindt ontdekker Jan Stroop (59) het Poldernederlands fascinerend. Als eenvoudig burger en Neerlandicus doen de platte klanken hem echter pijn in de oren. Maar de wetenschap beoefenen is opoffering, dus hij heeft het er graag voor over. Bovendien is er meer aan de hand dan het Hooghaarlemmerdijks op hellend vlak.

De onstuitbare opmars van het Poldernederlands de laatste jaren onder yuffie's (Young Urban Females) zegt veel over de veranderende man-vrouwverhouding. Terwijl mannen tussen de twintig en dertig tobben met hun identiteit, barsten hun vrouwelijke leeftijdsgenoten van het zelfvertrouwen.

Zoals dat bij ontdekkingen wel vaker gaat, deed de docent Nederlandse taalkunde aan de Universiteit van Amsterdam zijn vondst bij toeval. Op een symposium over taaltongval moest hij eind vorig jaar iets zinnigs zeggen over dialecten. Op zoek naar inspiratie luisterde hij bewuster dan anders naar het Nederlands op radio en televisie. Bij het zondagse tv-programma De Plantage van de zelf keurig ABN sprekende Hanneke Groenteman viel het kwartje. “Daar kwam de ene na de andere keurige vrouw langs, hoog opgeleid, goed formulerend en intellectueel, die de ij en de ei als aai uitsprak, de oo als au, de ui als au en de ou als aauw. Dus 'Albert Hain heeft goede wain'. En: 'ik ga met de baut naar de Authof.”

Overal hoorde hij plots het nieuwe dialect, even oud als het Poldermodel. Van zangeres Trijntje Oosterhuis tot GroenLinks-Kamerlid Marijke Vos en van grafisch ontwerpster Tessa van der Waals tot filosofe Annemarie Mol.

Prompt rinkelden de alarmbellen in zijn met taalboeken volgestouwde studeerkamertje. Want in Duitsland en Engeland heeft die verandering in klinkeruitspraak al in de zestiende en zeventiende eeuw plaatsgevonden, net als in de dialecten hier. Zo spraken de Engelsen en Duitsers ooit dezelfde tweeklanken als wij. Tegenwoordig is het wine, wife, life en Wein, Weib, Leib. Stroop: “En dat zou in het ABN ook al veel eerder gebeurd zijn als taalkundigen zich er niet met hand en tand tegen verzet hadden.”

- Vervolg op pagina 9

'Emily is echt zo'n type voor Poldernederlands' VERVOLG VAN PAGINA 1

Met respect noemt hij de namen van Hendrik Spiegel en de andere gramatici die eind zestiende eeuw opkwamen voor een algemeen beschaafde spreektaal. Die weerden onder andere de aai-uitspraak, omdat die voorkwam in de plattelandsdialecten. Sindsdien durfde niemand meer maaisie, waaif of taaid te zeggen. Totdat komiek Paul de Leeuw 'Blaaif baai maai' zong. Want mannen beginnen het over te nemen, het Poldernederlands.

Mondjesmaat gelukkig, vindt Stroop. “Je moet maar eens luisteren naar een setting waar mannen én vrouwen optreden: het Radio-1-journaal, weerberichten. Of vraag het aan intellectuele ouders die dochters van in de twintig hebben. Die schrijven mij: Onze dochters doen het en onze zoons niet.”

Dertig jaar geleden waren de rollen omgedraaid. Mannen die naar de grote stad trokken voor werk bleven het dialect spreken uit hun geboortestreek. Vrouwen praatten keurig ABN, omdat het voor hen veel ongebruikelijker was dat ze buitenshuis werkten. Met het maatschappelijk succes is hun zelfvertrouwen gegroeid. Ze hoeven zich niet meer aan te passen: de moderne vrouw praat zoals ze gebekt is. Althans, in de creatieve beroepen. Stroop: “Een zakenvrouw die carrière wil maken, kan geen Poldernederlands praten. Mannen bepalen daar de cultuur.”

Stroop geeft de ouders van de up and coming jonge vrouwen de schuld van de taalverloedering. “Vrouwen van in de dertig en jonger zijn opgevoed door ouders uit de flower-powertijd. Gezag en regels waren taboe. De kinderen mochten doen waar ze zin in hadden.” De eveneens met het anti-autoritaire virus behepte onderwijzers op school lieten het wel uit hun hoofd om hun leerlingen te corrigeren.

Stroop loopt rood aan: “Er wordt op school gewoon geen aandacht meer besteed aan de uitspraak van het ABN. Ik heb daar vorig jaar een brief over geschreven aan staatssecretaris Netelenbos. Een ambtenaar schreef mij terug dat het ministerie ervan uitgaat dat de uitspraak deel uitmaakt van het lespakket. Nou, ik ken leerkrachten, die zouden mijn papegaai nog niet mogen leren spreken.”

In navolging van Hendrik Spiegel staat Stroop pal voor de taalbeschaving. Aan de UvA krijgt een student straks de kans te promoveren op het Poldernederlands. Hijzelf gaat er verder op studeren en wie weet zelfs een boek aan wijden. Een “product van nonchalance, onoplettendheid en gebrek aan beschaving” noemt hij dat verfoeide Poldernederlands.

Hij lacht instemmend bij de opmerking dat we dus van geluk mogen spreken dat de troonpretendent een man is en geen vrouw. Al zou hij Emily wel eens willen horen spreken. “Echt zo'n type om Poldernederlands te spreken. Je kunt het soms al aan ze zien!”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden