De winnaars krijgen van het IOC een medaille, meer niet

Het IOC verdient miljarden, laat sinds 1988 professionals toe, maar betaalt de sterren van de Olympische Spelen niets.

In Rio de Janeiro liggen de contrasten puissant rijk en straatarm als een lappendeken verspreid over de stad. In het olympisch dorp is de verdeling onder de 10.500 sporters niet veel anders: een paar miljonairs, een kleine middenklasse en een meerderheid van armlastigen.

Het IOC, dat in 1988 voor het eerst professionals toeliet tot de Olympische Spelen, houdt die situatie in stand. In weerwil van steeds lucratievere televisie- en sponsorcontracten betaalt het prijzengeld voor medailles noch vergoedingen voor deelneming. Sterker, het dwarsboomt deelnemers vanaf negen dagen voor de openingsceremonie tot drie dagen na de sluitingsceremonie bij het uitbaten van persoonlijke sponsorcontracten.

Die contracten, hoe schamel soms ook, vormen voor velen de basis van levensonderhoud en sportcarrière. Wie enigszins kans wil maken op het behalen van een van de 306 finales in Rio, heeft zich fulltime aan haar of zijn olympische missie moeten wijden. Maar met de controversiële Rule 40 uit het Olympic Charter moeten hun investeerders pas op de plaats maken.

Dat maakt de olympiërs tijdens het evenement waarom het gaat een maand lang tot onbetaalde marionetten. Zelfs een felicitatietweet van een sponsor kan tot uitsluiting van de betreffende sporter leiden. Olympisch gerelateerde woorden zoals als Rio, Spelen en Medaille zijn verboden, evenals olympische symbolen.

Rule40 wekte voor Londen 2012 enorme weerstand op en leidde tot vorming van actiegroepen. In januari werd de regel licht versoepeld: sportprestaties kunnen tijdens Olympische Spelen worden gebruikt in reclamecampagnes, maar ze mogen niet aan de Spelen zijn gelinkt en hadden al in maart moeten worden gestart. Zo worden de officiële IOC-sponsors - elk goed voor 200 miljoen dollar aan reclameinkomsten - beschermd.

Dafne Schippers is dankzij een contract met Nike toegetreden tot de hoge olympische middenklasse. Tijdens de WK atletiek in Peking won ze met haar gouden (200 meter) en zilveren (100 meter) medaille 90.000 dollar prijzengeld. Waar de relatief armlastige IAAF bij dat toernooi een prijzenpot had van 7.194.000 dollar, schuift het IOC geen dollarcent.

Toen IOC-voorzitter Thomas Bach na zijn hervormingen (Agenda 2020) kritiek kreeg op zijn krenterigheid, wees hij erop dat per olympiade (vier jaar) 520 miljoen dollar naar de nationale NOC's gaat en eenzelfde bedrag naar de 35 olympische sportfederaties.

Van daaruit moet dat geld de atleten ten goede komen. Of zoals de standaard afsluiting van IOC-mails luidt: 'Elke dag gaat het equivalent van 3.25 miljoen dollar de wereld over om sportorganisaties en sporters op alle niveaus te helpen'.

In theorie mag dat kloppen, de praktijk kent andere wetten. De internationale federaties geven weinig tot geen inzage in hun bestedingsgedrag. Hetzelfde geldt voor veel nationale federaties. En als het geld al naar atleten gaat, is dat indirect als investering in accommodaties en programma's. Zoals in Nederland.

Wie denkt dat het de olympische sterren financieel voor de wind gaat, vergist zich. Usain Bolt genereert uit reclame tientallen miljoenen, zijn in Rio mogelijke vrouwelijke evenknie Schippers daalt al af naar tonnen. Volgens een onderzoek binnen de atletiek uit 2012 verdient de helft van de Amerikaanse baanatleten uit de toptien van hun specialiteit hooguit 15.000 dollar per jaar.

In Nederland krijgen sporters met een A-status een stipendium, rond het minimumloon, betaald uit een topsportfonds van de overheid. In de VS heeft elke sportbond een eigen regeling, in de meeste gevallen een minimale. En er zijn bonussen van maximaal 10.000 dollar voor wie de olympische ploeg haalt. De medaillebonussen voor 'Operatie Goud' zijn in de VS sinds 2002 ongewijzigd: 25.000 dollar voor goud, 15.000 voor zilver en 10.000 voor brons.

In Nederland verlaagde NOC-NSF onder druk van afnemende inkomsten de medaillepremies voor Rio. Individueel goud levert 25.500 euro bruto op; in Londen en Sotsji was dat 30.000.

Volgens een onderzoek uit 2013 van belangenorganisatie NL Sporter verdient, buiten het voetbal, 61 procent van de Nederlandse topsporters met hun sport minder dan 20.000 euro bruto per jaar; 38 procent zelfs minder dan 10.000 euro. Slechts 8 procent komt uit boven een inkomen van 55.000 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden