Interview

De wiek is onontkoombaar, laat je niet er niet door opjagen

null Beeld Werry Crone
Beeld Werry Crone

Een zandbak, een draaiende wiek van een windturbine en drie vrouwen. Daarmee laat Boukje Schweigman in de voorstelling WIEK de toeschouwer kijken naar onze dagelijkse ratrace. 

Camilla Bundel schudt haar haren, wrijft in haar nek, haar oren en haar ogen. Hoe krijgt ze ooit al dat zand van zich af? "Pak een douche", adviseert Boukje Schweigman (1974). "Ach nee", zegt Bundel. "We gaan na de lunch toch weer verder. Ik ga wel even zandhappen."

Schweigman is zelf ook niet schoon meer. Ze heeft net voorgedaan hoe de performers in de ronde zandbak moeten kronkelen. "Dat been moet nog hoger, alsof je het met moeite uit het zand krijgt getrokken."

Dat zand is niet het grootste obstakel voor de performers. Dat is de wiek van de windturbine die op zo'n meter hoogte boven de grond almaar ronddraait en de drie vrouwen in de arena voortstuwt. Ze moeten mee met de beweging, al willen ze ertegenin gaan. Ze kruipen er onderdoor, klauwend in het zand, ze laten zich door de wiek terugduwen of geven op het laatste moment mee. De wiek is onontkoombaar, hoe hard ze er ook tegen strijden.

"Dat ik dit negen jaar geleden al kon maken", zegt Schweigman verbaasd. WIEK is in de vijftien jaar dat Schweigman voorstellingen maakt een publiekslieveling geworden. Op veler verzoek herneemt ze het dit jaar.

Wachten tot het laatst

En dat is hard werken. Al ziet het eruit alsof alle bewegingen geïmproviseerd zijn, dit is een volledig uitgedachte choreografie op muziek. En dan wil Schweigman ook nog dat de performers met de beweging van de wiek kunnen spelen, dat ze tot het laatst durven wachten met duiken of doorlopen. "Want het is niet de pure dansbeweging die me interesseert. Het gaat mij altijd om de intentie. Ik kom uit de mime, niet uit de dans. Een danser wil het been zo hoog mogelijk heffen, een mimer wil juist dat dat niet lukt. Dan heb je drama, menselijk onvermogen."

WIEK gaat over de onontkoombare strijd tegen iets dat steeds maar doorgaat. Het is een metafoor voor de krachten waarop je geen invloed hebt. 

Schweigman: "Het stuk is nu actueler dan negen jaar geleden. Ik heb de indruk dat het nog moeilijker is dan toen om een keer stil te staan. We worden steeds voortgedreven door de smartphone, die de wereld aan ons opdringt. Maar WIEK heeft ook een tijdlozer aspect: de wiek staat ook voor de tijd, de seizoenen, eb en vloed. De wiek is eigenlijk een metafoor voor de innerlijke strijd van de mens tegen krachten van alle tijden."

De drie vrouwen laten zich door de wiek terugduwen of geven op het laatste moment mee. Beeld Werry Crone
De drie vrouwen laten zich door de wiek terugduwen of geven op het laatste moment mee.Beeld Werry Crone

Belevenissen

Grote woorden. En daar houdt Schweigman eigenlijk niet van. Niet voor niets zijn haar stukken altijd zonder tekst. Ervaringstheater, zo noemt men haar werk vaak. Ook al zo'n woord waar ze de rillingen van krijgt. "Maar ik begrijp de benaming. Want het klopt dat ik geen verhaal breng, mijn stukken zijn eerder belevenissen. Je belandt in een andere wereld met een interne logica, die je vooral zintuiglijk beleeft. Zodat je daarna hopelijk met verscherpte zintuigen naar de werkelijkheid kijkt."

In 'Huid' trommelden de musici van Slagwerk Den Haag op de lichamen van de dansers, in 'Wervel' danste ze een uur lang rondjes als een derwisj, in 'Curve' moesten bezoekers door een donkere tunnel lopen, in 'Spiegel' werden bezoekers de vreemde wereld achter de spiegel ingezogen.

Schweigman: "Ik ben altijd bezig mensen uit hun comfortzone te halen. Het leuke van theater is dat we hier een spel spelen. Je kunt tegen de bezoeker zeggen: ga die donkere tunnel maar in, geef je maar over aan die donkerte. Dat is misschien eng, maar het komt goed. Ik wil mensen laten ervaren dat het loslaten van zekerheden niet erg is, dat het dan wel goed komt."

Eerst begrijpen

Die behoefte van Schweigman komt uiteraard ergens vandaan. "Ik zat vroeger erg in mijn hoofd. Ik wilde het altijd eerst begrijpen, voor ik iets wilde aangaan. Maar de echte keuzes maak je niet met je hoofd. Ik studeerde geneeskunde, ging er vol voor, maar mijn lichaam zei nee. Mijn intuïtie zei me dat ik ermee moest stoppen. Na een lange zoektocht ben ik bij mime uitgekomen. Toen heb ik heel snel mijn eigen soort werk gevonden.

"Ik ben niet tegen denken, maar denken, doen en voelen zouden meer in balans moeten zijn. Je lichaam is concreet, het denken veel minder. Toch vinden we luisteren naar je lichaam vaag, vaag, vaag. Dat is het niet, het vraagt alleen aandacht.

"We leven in een controlemaatschappij. Je moet bij je aanvraag van subsidie vooraf aan kunnen geven wat een voorstelling op gaat leveren. Maar als ik dat van tevoren ga bedenken, wordt het pathetisch. Ik vond de beweging, dat eeuwig doorgaande, van de wieken zo mooi. Daarom zat er een voorstelling in. Dat is dus een intuïtieve keuze. En die klopt altijd, bijna altijd. Bij 'Zweep' is het niet helemaal gelukt, omdat ik al te veel van tevoren de boodschap had bedacht."

Relaxte sfeer

Schweigman zou het liefst alle mensen het zelfvertrouwen geven dat zij zich eigen heeft gemaakt. "Ga niet allemaal achter hetzelfde aanhollen. Laat je niet door de wiek opjagen."

Haar aanpak zorgt voor een relaxte sfeer in de ronde bak van WIEK. Ja, er worden fouten gemaakt. Maar Schweigmans lach klinkt voortdurend. Ze moet het ook hebben van haar performers. "Ik neem een materiaal - een wiek, grond, spiegel - en ga mijn lichaam of dat van de performers eraan onderwerpen. Al improviserend onderzoeken we wat het met ons doet. Kan ik me ertegen verzetten? Emotioneert het me? Net zolang tot ik een interne logica gevonden heb. Als ik andersom zou werken - eerst een einddoel formuleren - mis ik de mogelijkheid dat het materiaal mij inzichten geeft die ik zelf niet had kunnen verzinnen."

Sommige thema's komen steeds terug in haar werk: de cirkel en de draaibeweging, bijvoorbeeld. Het cyclische staat voor Schweigman voor het leven en het eeuwig doorgaande. Ook de fysieke uitputting die je in een andere staat kan brengen, trekt haar aan.

Schweigman: "Ik voel een enorme behoefte om mensen te herinneren aan hun fysieke staat. Ik wil volgend seizoen een voorstelling gaan maken over vallen. O, wat zijn we daar bang voor. We willen alleen maar stijgen, iets hoog houden. Terwijl het in de natuur heel normaal is dat op een gegeven moment de blaadjes van de bomen vallen. Dus nu gaan we fysiek onderzoeken wat het vallen, het loslaten, met ons doet. Wie weet waar dat ons zal brengen."

WIEK is van 24 mei tot en met 2 juni te zien op het festival SPRING in Utrecht en van 21 augustus tot en met 1 september op het Zeeland Nazomerfestival in Middelburg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden