De wereld vanuit een mandje

Toen mensen met ballonnen de lucht ingingen, veranderde de aarde in een landkaart en ging de tijd stilstaan

Heel rustig landde op 12 juli 1785 een luchtballon in een weiland bij Zevenhuizen. De Fransman Jean-Pierre Blanchard en zijn medepassagier stonden vier uur na het opstijgen in de tuin van Paleis Noordeinde weer veilig aan de grond. De eerste ballonvlucht in de Nederlandse geschiedenis was een feit.

Nu werd het pas echt gevaarlijk. De twee ballonvaarders zagen boeren met stokken en hooivorken op zich afkomen. Van een echte discussie kwam het niet.

De boeren spraken alleen Nederlands, hun ongenode gasten alleen Frans. Toch werd Blanchard wel duidelijk dat de eigenaar van het weiland een schadevergoeding eiste. De Fransman had de gevraagde tien dukaten niet op zak en zorgde voor een briefje, suggererend dat de man daarmee later het geld op zou kunnen halen.

Verontwaardigd schreef Blanchard: "Ik, ondergetekende, verklaar neergekomen te zijn in een leeg weiland, behorende aan een lompe, brutale boer, die hierdoor niet het minste nadeel geleden heeft en die de onwaardigheid heeft tien dukaten van mij te eisen nadat hij heeft geholpen mijn schuitje en de ballon te verscheuren."

De nare ervaring vergat Blanchard waarschijnlijk snel. Het ballonvaren zelf werkte verslavend. Dat vonden zijn collega's ook. "Toen ik mij aan de aarde voelde ontsnappen, was mijn reactie er niet een van genot maar van geluk", schreef de natuurkundige Jacques Charles nadat hij op 1 december 1783 de eerste vlucht met een waterstofballon had gemaakt. "Ik kon mezelf horen leven, zogezegd."

De Franse schrijver, tekenaar, fotograaf, journalist en ballonvaarder Félix Nadar had het over "de stille oneindigheid van de ontvankelijke, weldadige ruimte, waar de mens onbereikbaar is voor welke menselijke kracht of kwade macht dan ook, en waar hij zich voelt leven voor de eerste keer".

Reizen met een ballon hielp relativeren: "Hoe gemakkelijk worden onverschilligheid, minachting en nalatigheid afgeworpen [...] en daalt vergevingsgezindheid neer."

Wat er niet allemaal loskomt bij het ballonvaartpionieren, wordt bij de Engelse schrijver Julian Barnes in zijn boek 'Hoogteverschillen' (2013) een metafoor voor de liefde: het opstijgen, nieuwe inzichten krijgen, het gevoel van vrijheid, het letterlijk in de wolken zijn, maar ook het neerkwakken tegen de grond. Want Barnes schrijft uiteindelijk over het verlies van zijn vrouw na dertig jaar huwelijk. Het beeld van de ballonnen gebruikt hij als lange aanloop om dicht bij de kern van zijn verdriet te komen.

In 'De wereld vanuit een luchtballon' beschrijft de kunsthistoricus en jurist Robert Verhoogt wat een sensatie het de lucht ingaan voor de achttiende- en negentiende-eeuwers was. Voor het eerst hing de mens een heel eind boven de grond. De vertrouwde alledaagse leefwereld veranderde in een soort landkaart. Steden en dorpen leken vlekken in het groen, rivieren wild kronkelende lijnen in het landschap.

De ballonvaart zorgde niet alleen voor een nieuw besef van ruimte, maar ook voor een ander begrip van tijd. Vrijwel elke luchtreiziger had het na de landing over de rust die hij boven had ervaren. Alsof de wereld draaide om de ballon en niet andersom.

Verhoogt laat goed zien hoe de luchtballonnen kort na hun eerste vluchten een rage werden. "We denken tegenwoordig alleen maar aan vliegen; de ballonnen beheersen alle gesprekken", schreef Benjamin Franklin, behalve Amerika's ambassadeur in Frankrijk ook een verwoed uitvinder. De gekte duurde tot ver in de negentiende eeuw. Een volksfeest was pas compleet als er ook een ballon de hoogte in ging. De vliegende gevaartes lieten bovendien hun sporen na in de mode (ballonjurken), in meubelontwerpen en in de literatuur.

Bij het maken van zijn cultuurgeschiedenis van de luchtballon heeft Verhoogt weinig aan zijn

aandacht laten ontsnappen.

Hij beschrijft hoe de vluchten de verbeelding van schrijvers prikkelden. Een deel van hen had genoeg aan spelen met de nieuwe werkelijkheid.

Andere auteurs maakten het nog net wat spannender. Zo schreef Edgar Allan Poe in 1835 'The Unparalleled Adventure of One Hans Pfaal'. Daarin stijgt een Rotterdamse ambachtsman (vervaardiger van blaasbalgen) op met een luchtballon. Het is zijn methode om te ontkomen aan schuldeisers. Zijn reisdoel: de maan.

Pfaal slaagt en ontdekt er een andere beschaving. Hij stuurt via een maanmannetje post naar de Rotterdamse burgemeester: het is een reisverslag maar tegelijk ook een verzoek om vergiffenis na alles wat hij zijn schuldeisers heeft aangedaan.

Willem Bilderdijk (1756-1833) fantaseerde er eerder al flink op los in 'Kort verhaal van eene aanmerkelijke luchtreis, en nieuwe planeetontdekking. Uit het Russisch vertaald (1813)'. Dat laatste was verzonnen om het verhaal echter te laten lijken. Rusland was in die tijd in opkomst en alles wat ermee in verband werd gebracht, kreeg automatisch meer gewicht. Bilderdijk laat zijn hoofdpersoon, een Franse arts, opstijgen in Perzië. Hoogte winnend in de ijle lucht, gebeurt er iets: "Nu begon ik te hijgen; toen bloed te spuwen; en tevens werd ik door een ontzettende koude bevangen. Ik werd slaperig en gevoelloos, en weet niet, wat mij voorviel, noch ook hoe lang mijn toestand duurde."

Nadat de hoofdpersoon weer bij zinnen is gekomen, zet hij de ballon aan de grond. Het blijkt geen landing op de aarde, maar op een vreemde planeet. De ballonvaarder gaat aanvankelijk op in zijn ontdekking, maar Bilderdijk gaf zijn imaginaire reisverhaal een moralistisch tintje mee door zijn hoofdpersoon last te laten krijgen van heimwee.

Hij ontdekt dat het bestaan incompleet is zonder medemens, dat je vooral leeft door en in anderen. De Fransman is dan ook dolgelukkig als hij zijn ballon kan herstellen en terug weet te keren naar de aarde.

In Bilderdijks verhaal zat nog iets van het aloude wantrouwen tegenover de mens die zijn grenzen al te ver oprekte. Vliegen was lang een droom geweest en had dat misschien wel moeten blijven. De mens moest zijn plaats kennen. Die had hij op de aarde.

Dat zoveel ballonvaarders verongelukten, verbaasde sommige critici niks. Ovidius schreef in 'Metamorfosen' al hoe Daedalus en zijn zoon Icarus vleugels van veren en was maakten om te kunnen ontsnappen aan de boosaardige koning Minos. Icarus werd te zeer gegrepen door het plezier van het vliegen en steeg tot zulke grote hoogten dat de was smolt en zijn vleugels uit elkaar vielen. Hij stortte naar beneden en verdween in de golven. Zó werd hoogmoed afgestraft.

Ballonvlieger Félix Nadar schreef: "In den beginne vlogen de vogels, en God had de vogels geschapen. Vlogen engelen, en God had de engelen geschapen. Mannen en vrouwen hadden lange benen en droegen niets op hun rug, en God had hen met reden zo geschapen. Wie probeerde te vliegen, spotte met God."

Inmiddels was iedereen het er wel over eens dat de ballonnen nog maar het begin waren van een ontwikkeling. Nadar werd de oprichter van het 'Genootschap ter bevordering van het zich door de lucht verplaatsen met behulp van toestellen zwaarder dan lucht'. De eerste secretaris van deze club was Jules Verne. Victor Hugo beschouwde de ballon als een prachtige, voortdrijvende wolk, maar was dit nu werkelijk waar de mens naar uitkeek? Nee, was zijn conclusie, het summum zou het menselijke antwoord op dat andere zwaartekracht tartende wonder zijn: de vogel.

Dat antwoord is inmiddels zo normaal dat we bijna achteloos het vliegtuig instappen. Misschien is luchtvaart nog net wat spannender dan een rit met de auto of de trein, maar de sensatie van de ballonreizigers van lang geleden kunnen we niet meer navoelen. Hoe mooi zou het zijn om nog iets ervan, al is het dan in heel andere vormen op te roepen: het ongekende gevoel van vrijheid, de nieuwe perspectieven die zich openbaren. Zo zou reizen moeten zijn. Nu zoeken we in den vreemde toch nog vaak naar bevestiging van wat we al weten. We maken dezelfde rondgang die vrijwel iedereen maakt. Een vakantie is oké als ze aan verwachtingen voldoet. Te veel verrassingen ontregelen. We schrijven niet meer onze eigen reisverhalen, we herschrijven vooral die van anderen.

Robert Verhoogt: De wereld vanuit een luchtballon. Een nieuw perspectief op de negentiende eeuw. Amsterdam University Press, Amsterdam; 320 blz. euro 39,95

Julian Barnes: Hoogteverschillen. (Levels of Life) Vertaald door Ronald Vlek. Atlas Contact, Amsterdam/Antwerpen; 128 blz. euro 18,95

Illustraties uit 'De wereld vanuit een luchtballon'

Paul van der Steen (1969) is historicus en publicist. In Trouw schrijft hij de rubriek déjà vu. In 2013 verzorgde hij de Trouw-serie over '200 jaar koninkrijk'. Daarover schreef hij ook een boek.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden