Review

De Wagner-koorts heeft na vijf jaar weer bezit van Amsterdam genomen, met een uitmuntende uitvoering van 'Die Walküre'.

Het ligt aan de soort van onze eenzijdigheid, wat wij van een operavoorstelling onthouden, schreef Kees Fens in het voorwoord bij het fotoboek dat De Nederlandse Opera uitgaf toen de kolossale enscenering van Wagners 'Der Ring des Nibelungen' in de zomer van 1999 een historisch feit was geworden. Fens doelde op twee typen van opera-liefhebbers: de kijker en de luisteraar, die ieder hun eigen visuele of auditieve herinneringen aan een opera opslaan. Maar, schreef Fens verder:

Nu De Nederlandse Opera afgelopen zaterdag een start maakte met de herneming van de hele 'Ring des Nibelungen' (aan het begin van het seizoen 2005-2006 zullen de vier opera's weer in drie cycli over de bühne gaan) blijkt hoe waar de opmerking van Fens aangaande 'onze emoties' is. Die emoties sloegen afgelopen zaterdag tijdens het kijken en luisteren naar 'Die Walküre'

in grote golven over je heen. Het was als het terugkeren naar een plek uit je dromen, een omgeving van beeld en geluid, zorgvuldig weggestopt op een plekje in het onderbewustzijn. Maar eenmaal aangeboord, was die wonderlijke wereld met al zijn emoties er weer in volle glorie alsof je er nooit was weggeweest. Fens:

'De buitenwereld heeft tijdelijk iets onwezenlijks; ze wordt een kunstwereld!' Wat een mooie en rake omkering.

Al na de eerste akte wilde je het liefst in het theater blijven, nahuiveren en natrillen, en je vooral niet begeven naar de 'kunstwereld' van foyer en koffie. Die eerste akte van 'Die Walküre' heeft dan ook iets magisch. Hier gaat het nog niet om het grote gebaar, nog niet om grootse theatertechniek. Hier wordt 'slechts' een held geboren en hier overwint de 'ware' liefde het van de geconstitutionaliseerde. Deze heldenstatus en die 'vrije liefde' zijn – het is opera – ten dode opgeschreven (in het volgende bedrijf gaat het al mis), maar in die eerste akte laat Wagner ze zinderen dat het een lieve lust is. Regisseur Pierre Audi en decorontwerper George Tsypin bedienen Wagner op zijn wenken en schieten op het moment dat de vrije liefde tussen Siegmund en Sieglinde 'explodeert' het eenvoudige huisje (toonbeeld van saaie burgerlijkheid en slechte huwelijken) met veel rook en vuur het decor uit.

De Amsterdamse 'Ring' werd vijf jaar geleden niet overal even enthousiast onthaald. Met name het 'Walküre'-deel werd als zwakke broeder in de cyclus gezien. Maar hoe verging het de 'Ring'-ensceneringen van Patrice Chéreau en Harry Kupfer in Bayreuth? Na hun respectievelijke eerste onthullingen werden ze weggehoond door publiek en pers om later uit te groeien tot legendarische producties waarover nu nog wordt gesproken.

De hernieuwde kennismaking met 'Die Walküre' van Audi en dirigent Hartmut Haenchen was geen straf – verre van. In de vijf jaar 'Ring'-stilte heeft Wagners partituur bij dirigent en musici van het Nederlands Philharmonisch Orkest kunnen bezinken. Ook voor hen moet het een 'verlichte' terugkeer zijn geweest. Zo klonk het in elk geval wel. Nog meer dan eerst zijn het NedPhO en Haenchen het centrum van deze voorstelling, niet alleen qua beeld, maar zeker ook qua klank. Gezeten op het toneel in de uitsparing van een gigantische plak hout (het zaagvlak van Wotans wereld-es) verdedigde het NedPhO onder glorieuze aanvuring van Haenchen de vrije liefde met ongehoorde energie en klankschoonheid. Bijna vier uur lang speelde het orkest op topniveau en toonde het geen teken van vermoeidheid toen bijna aan het slot, na Wotans Abschied, de gigantische orkestrale climax opgebouwd moest worden. Haenchen trad hier echt buiten zichzelf en nam zijn musici op een sleeptouw van hoop, liefde en leven: een touw waar de Nornen uit 'Götterdümmerung' jaloers op kunnen zijn. Het wekte dan ook geen verwondering dat het premièrepubliek zijn luidste applaus en bravo's opspaarde voor Haenchen en het NedPhO. Met het vuur nog op zijn konen liet Haenchen vermoeid maar zeer voldaan dit tumult over zich heen komen.

In de zangerscast herhaalden tenor John Keyes (Siegmund) en bas Kurt Rydl (Hunding) hun prestaties van vijf jaar terug. Vooral Keyes pakte in het eerste bedrijf fantastisch heroïsch uit en hij kreeg daar steun van een nieuwkomer in de productie: Charlotte Margiono als Sieglinde. Margiono's voorzichtige gang van Mozart naar Wagner mag volledig geslaagd genoemd worden. Na twee eerdere Wagner-rollen – Eva ('Die Meistersinger von Nürnberg') en Elsa ('Lohengrin') – zette Margiono hier een Sieglinde van grote klasse neer. Met de regie van Audi kon ze fantastisch uit de voeten en vanuit die mooi klinkende diepte in haar stem bouwde ze Sieglinde's portret steen voor steen op. Haar 'O hehrstes Wunder' in de laatste akte straalde extatisch boven het orkest uit – precies zoals het moet. Nog loslopende Margionotwijfelaars gingen deze avond als dominostenen om.

Op Hebe Dijkstra (Schwertleite) na zongen de zeven andere Walküren voor het eerst in deze enscenering. Hun gestoei met paarden en helden leverde vocaal vuurwerk op. Nieuw was ook de Duitse Doris Soffel die een overweldigende indruk maakte in de rol van Fricka. Een stem als een monoliet, volkomen egaal van onder tot boven en met een vocale overtuigingskracht waartegen Wotan niet bestand was – en zo hoort het. Zuchtend moet Wotan aan de eisen van zijn goddelijke vrouw Fricka toegeven. Albert Dohmen deed dat met hoorbaar bittere tegenzin. Dohmen heeft een nasalere kleur in zijn bariton dan John Bröcheler (de vorige Wotan in Amsterdam), waarmee hij zijn fantastische stem pregnant de zaal in projecteerde. Als acteur was Dohmen de mindere van Bröcheler, maar zijn vaarwel aan Brünnhilde emotioneerde puur vocaal al. Deze Brünnhilde (de Amerikaanse Linda Watson) acteerde ook al niet zo geloofwaardig als haar voorgangster Jeannine Altmeyer, maar haar ongelooflijk makkelijk aanspreekbare stem maakte dat meer dan goed. Geen 'Hojotoho' ging haar te hoog en haar 'Todesverkündigung' aan Siegfried was Wagnerzang met vijf sterren! Toch een wonder dat we Linda Watson – die de komende jaren dé Brünnhilde in Wenen, Parijs en Bayreuth zal zijn – nu al in Amsterdam kunnen horen.

Met deze uitmuntende uitvoering van 'Die Walküre' heeft de Wagner-koorts na vijf jaar weer bezit van Amsterdam genomen.

'Siegfried' volgt in september, 'Götterdümmerung' in februari, 'Das Rheingold' in mei, waarna alle vier opera's in oktober drie keer binnen één week als cyclus gespeeld zullen worden. Verlaat de 'kunstwereld' en ben erbij!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden