De vrijheid begon in Mesch

Vier ooggetuigen van de bevrijding van Mesch. Vlnr: Leon Pinckaerts (85), Maaria Weerts (88), Pauline Nuyts (86) en Mia Brouwers (86). Beeld Roger Dohmen

Vandaag zeventig jaar geleden zetten Amerikaanse soldaten voet op Nederlandse bodem. Vier ooggetuigen uit het eerste bevrijde dorp van Nederland zien de soldaten nog zo door de straten wandelen.

Leon Pinckaerts (85) was, vandaag precies zeventig jaar geleden, misschien niet de eerste bevrijde Nederlander, maar dan toch wel de tweede of de derde. Als brutaal jochie - "de oorlog was een groot avontuur" - was hij uit de kelder geklommen toen hij merkte dat er op straat wat aan de hand was. Hij zag dat de naar hem toe lopende soldaat geen Duitser was en gaf hem een hand. "Hij zei iets, maar daar verstond ik niets van."

De eerste bevrijde Nederlander was Sjef Warnier, het licht excentrieke hoofd van de openbare school in het katholieke Mesch. Jarenlang zou de in 1995 overleden onderwijzer het gat in de haagdoorn aan de overkant van de straat aanwijzen als de plek waar de eerste Amerikanen op 12 september 1944 iets na het middaguur het anders zo rustige dorpje binnenkwamen.

"Welkom in de Nederlanden", zei Warnier, met een krop in de keel schreef hij later, tegen de eerste soldaat. Kort daarna maakte hij in een jeep een ronde door het dorp en toen bleek dat er geen Duitser meer te bekennen was. Mesch was het eerste bevrijde dorp van Nederland. Net niet de eerste gemeente, want sinds 1943 viel Mesch onder de gemeente Eijsden.

Heel even is er in die septembermaand een 'slag om Mesch' geweest, een klein dorp met iets meer dan 300 inwoners in Zuid-Limburg, daar waar Nederland bijna ophoudt en België begint. Al twee weken zaten burgers in de kelder van hun huis. Buiten woedde een oorlog, met het geluid van mitrailleurvuur en inslaande granaten. Het is een wonder dat in het dorp destijds zo weinig slachtoffers zijn gevallen. Eén dag voor de bevrijding overleed Bertus van den Heuvel. Hij stond zich te scheren toen een granaat zijn huis trof. Zijn vrouw en kinderen waren net naar een kelder van de buren vertrokken.

Spijkerlaarzen
Het waren duistere tijden voor de inwoners van Mesch. In de kelders waren zelfs de kleinste kiertjes dichtgemaakt om geen licht door te laten. Als het geschut zweeg, gingen de moedigsten even naar buiten om een luchtje te scheppen maar ook om via de buurman iets meer te weten te komen. Maar het waren allemaal geruchten.

In de kelder zaten ook Maaria Weerts (88) en haar familie. Die dinsdagmiddag hoorden zij plotseling het geluid van veel voetstappen buiten op straat. "Maar het lopen was anders. Het waren niet die harde knallen van de spijkerlaarzen die de 'Pruusen' aanhadden. Dit klonk veel zachter. Mijn vader was nieuwsgierig en krabde het raam een beetje open om naar buiten te gluren. Ik weet nog dat mijn moeder doodsbenauwd zei: 'ach, laat dat nou, straks schieten ze ons nog dood!'. Mijn vader had al gezien dat het Amerikanen waren en hij schoot de trap op."

Beeld Trouw

Even later was hij terug met de mooie boodschap. "Hij had zelfs een Amerikaan mee naar binnen genomen. Die stond daar boven aan de trap. Wat hij zei, verstonden we natuurlijk niet. Ik was nog een beetje bang", zegt Maaria Weerts. Dat verdween toen de soldaat een vierkante doos van dik karton tevoorschijn haalde met daarin chocola.

De dagen daarna was het feest in huize Weerts. Haar vader had een smederij waar de paarden van de boeren beslagen werden. Daarbij zat ook een café - één van de vier in het dorp - waar de boeren een 'drupke' konden drinken terwijl hun paard van nieuwe hoefijzers werd voorzien. Het was een komen en gaan van Amerikanen. Tot verrassing van vader Weerts bleek er nog echte koffie te zijn die moeder voor dit moment had bewaard. Voortdurend rook het lekker in huis omdat de soldaten er ook kwamen eten.

Maaria Weerts laat een zilveren vork zien die een soldaat aan haar moeder had gegeven, omdat zij hem zo aan zijn eigen moeder deed denken. Die vork had zij hem meegegeven bij zijn vertrek naar Europa, zodat de soldaat iedere dag aan haar zou denken. "Hij verwachtte niet dat hij zijn eigen moeder nog zou terugzien. Of hij het heeft overleefd? We weten het niet, we hadden geen naam of zo. Vergeten te vragen."

Accordeonist
Nooit zal Maaria Weerts vergeten hoe na de bevrijding in het dorp feest werd gevierd. Mesch wordt doorkliefd door het piepkleine stroompje Voer en dat verdeelde de gemeenschap destijds niet alleen fysiek, maar ook sociaal. "Dat wilde nog wel eens schuren", zegt Jacques Warnier, de zoon van het schoolhoofd. "Maar niet op dat moment", zegt Weerts. "We sprongen en dansten achter de accordeonist van het dorp aan. Daar kwam maar geen eind aan." Er werd volop op bier getrakteerd en zelfs meneer pastoor schonk enkele flessen.

Hoe anders verliepen die dagen bij Mia Brouwers (86). Zij woonde met haar familie in de boerderij De Laathof, iets buiten de dorpskern. In de dagen voor de bevrijding hadden de Duitsers geschut op het erf geplaatst en ook liepen er soldaten voortdurend het huis in en uit. Vader Brouwers evacueerde zijn gezin naar het dorp, want dit voorspelde weinig goeds.

Die dinsdag kwam er bericht dat de boerderij in brand stond. Vanuit het dorp was de rook te zien. "We weten niet zeker wat er is gebeurd", zegt Mia Brouwers. Het kan een granaat van de Amerikanen zijn geweest. "Maar de meeste mensen denken dat de Pruusen het in brand hebben gestoken met de bedoeling dat zij door de rookontwikkeling een veiliger aftocht zouden hebben." Aan de festiviteiten in het dorp heeft zij niet meegedaan. "Al ons vee was verbrand, het bedrijf lag in puin. Ik was blij met de bevrijding, maar dat werd overstemd door verdriet."

Limburgers begroeten de Amerikaanse soldaten. Beeld Pierre Smeets

Ongeveer op de plek waar de Amerikanen het dorp binnenkwamen - naast het 'eerste bevrijde café van Nederland', zoals een bordje op de gevel vermeldt - staat nu het monument dat aan 12 september herinnert. Pauline Nuyts (86) woonde met haar ouders aan de overkant van het monument. Zij ziet de soldaten met netten over hun helmen nog door de weide voor hun huis sluipen. "Achter ons huis was de kerk en die soldaten waren bang dat in de toren nog Duitse sluipschutters zouden zitten."

Potje inkt
Toen dat niet het geval bleek, verschenen in de weide verschillende jeeps en een grote wagen met een keuken. Pauline Nuyts zal niet snel het gebak vergeten dat de Amerikanen hadden. "Het was zo gezellig en het rook heerlijk. Een paar soldaten kwamen wel eens praten, maar ik verstond ze niet. Zij namen ook nog afscheid: Mozes, Louis en Jimmy."

In Mesch kwam ook de eerste transactie van bevrijd Nederland tot stand. Schoolhoofd Sjef Warnier zag dat een soldaat belangstelling had voor een potje inkt, misschien om brieven naar huis te schijven. Hij wilde dat ruilen tegen een pakje sigaretten, een voorstel waar de onderwijzer geen nee tegen zei. Zijn zonen Jacques en André hebben nog het pakje van het merk Raleigh in hun bezit als stille getuige van de bevrijding.

Daarnaast bezitten de broers een pasje dat op het lichaam van een gesneuvelde Duitse soldaat werd gevonden. Die kaart gaf hem toegang tot de bioscoop van Dnjepropetrovsk. Deze man had dus als een van de weinigen de verschrikkelijke veldtocht in Rusland, diep in de Oekraïne, overleefd en overleed een paar uur voor zijn gevangenschap voor de deur van de school in het eerst bevrijde dorp van Nederland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden