De vouw is heilig/Vernieuwing -/Deel 3: Over de schreef.

Trouw gaat veranderen. Vanaf dinsdag 5 januari ligt er een vernieuwde krant op de mat. Een krant die bestaat uit twee delen: een eerste katern met (veel) nieuws. En een tweede katern - de Verdieping - waarin wordt blootgelegd wat de samenleving beroert; van religie en filosofie tot gezondheidszorg, opvoeding, onderwijs, wetenschap en cultuur. Aan bovenstaande mededeling zijn jaren van studeren en piekeren, debat en strijd voorafgegaan. In een serie van drie artikelen willen we enig inzicht geven in dat proces. Omdat je een krant niet zomaar verandert.

“Het mooie van Trouw is dat je die krant kunt vouwen zonder dat je hem steeds hoeft om te draaien om een verhaal uit te lezen. Ideaal in de trein en op de wc”, zegt de lezer. Wat je ook doet, kom niet aan die vouw, riepen wij de vormgever toe.

Hij heeft geluisterd; in zijn ontwerp voor de nieuwe Trouw heeft Erik Terlouw de horizontale vouw gehandhaafd op de nieuwspagina's. “Behalve op de voorpagina, het voorportaal”, zegt hij. “Als je daar te allen tijde de vouw wilt handhaven, moet je bijna alle verhalen afbreken en vervolgen op een binnenpagina. Daarmee bewijs je de lezer geen dienst.” De vouw van Trouw werd geboren in de techniek. Terlouw: “In de jaren tachtig kregen we zetapparatuur waaruit de tekst op de breedte van een A4tje rolde. Dus niet meer kolom voor kolom. Zo'n A4tje is precies een kwart krantenpagina. Dus als je je pagina opmaakte in vier afzonderlijke delen, hoefde je 'beneden' [waar de grafici voorheen de pagina's in elkaar zetten] alleen nog die vier A4tjes in de pagina te plakken. Dat vonden de opmakers broodroof, maar het zorgde ervoor dat de krant kon worden gevouwen en toch leesbaar bleef.”

De vormgeving die Terlouw twaalf jaar geleden voor Trouw ontwierp, werd door velen bejubeld en door sommigen verguisd. De opbouw van de pagina's in horizontale banen en vooral de letter zonder schreven - die kleine uitlopers aan kop en staart van de klassieke drukletter - zorgden voor discussie in de krantenwereld.

“Ik heb wakker gelegen van die schreefloze letter”, zegt Terlouw. Verstokte krantenmakers zeggen dat de schreefloze letter alleen wordt gebruikt voor de telefoongids en het postcodeboek, twee werken die niet gelezen worden.

Dat het ook anders kan, leerde Terlouw in Italië, van Sergio Ruffolo. “Die man maakte complete kranten in een schreefloze letter. Prachtig helder.” Terlouw volgde zijn voorbeeld, zag ook een enkele buitenlandse krant dat doen, maar grafisch Nederland ging niet om en hield vast aan de schreef.

De letter die Trouw twaalf jaar geleden invoerde, wekte bewondering maar zorgde ook voor leesproblemen; door het ontbreken van de schreven zagen sommige lezers de regels voor hun ogen dansen. Hun aantal daalde in de loop van de tijd, maar niet tot nul. Terlouw bleef brieven ontvangen met klachten over de letter. “Uitgerekend de laatste maanden heb ik geen enkele klacht meer ontvangen. Dat zul je altijd zien.”

Ischa Meijer, die Terlouw destijds interviewde over de nieuwe vormgeving van Trouw, nodigde hem uit om na een jaar terug te komen in de uitzending om te vertellen dat Trouw naar de schreef was teruggekeerd. Het heeft wat langer geduurd, maar Meijer krijgt postuum gelijk.

Het is een concessie, zegt Terlouw. Pijn doet die niet, daar de huidige Frutiger een prachtige opvolger krijgt. De nieuwe Trouw zal worden gezet in de Swift, een ruime, rustige schreefletter ontworpen door Gerard Unger. Hij staat stevig op zijn poten, zegt Terlouw. “We gebruiken hem niet in grote vormen; de kopletter blijft schreefloos. Dat werkt prachtig.”

Ook het logo van de krant blijft. Je kunt in de vormgeving van alles veranderen, maar het logo is heilig. Terlouw wijst, staande voor het raam, naar de overkant van de Wibautstraat, waar op de gevel het logo van 'de Volkskrant' prijkt: “Vreselijk, een afschuwelijk logo, met die lange stelen en die bolle buiken van de e, o en a. Iedereen die een beetje gevoel heeft voor vormgeving zou het onmiddellijk veranderen. Maar dat mag niet.”

Het logo van Trouw heeft veel minder problemen. Vraag was wel hoe het nieuwe tweede katern erbij zou passen. In de eerste schetsen had Terlouw zijn werktitel voor het tweede katern op gelijke hoogte gebracht met Trouw. Trouw & Witmeer stond er boven de voorpagina. Witmeer was een verbastering van een Engelse eigennaam, zonder enige betekenis. Een mooi, poëtisch woord. En terwijl Trouw daar stond in zijn eigen stevige, vette letter, werd Witmeer er in een sierlijke, lichte letter de Bembo naast gezet. “Een twee-eenheid. Je zou iedere dag Trouw krijgen en ook nog eens Witmeer, iets bijzonders. Iedere dag twee kranten in plaats van één.”

Het idee stuitte op bezwaren van de redactie. Nu is dat bij journalisten een normaal verschijnsel. Het is voor vormgevers, reclamemakers en marketingboys een stuk veiliger postbode te worden en de bijtende honden te trotseren dan met een gewaagd idee een krantenredactie op te komen.

De oorspronkelijke opzet van een tweeledige krant ging veel Trouw-redacteuren te ver. Zij huiverden bij het zien van de krant die ze zouden moeten maken. Op de nieuwspagina's in het eerste katern moest het kort, korter, kortst. Dat maakt die pagina's zeer bewerkelijk, omdat kort schrijven veel meer vergt dan lekker doortikken. En dan, wat valt er aan eer te behalen? Je kunt van een buitenlandredacteur die drie weken door de rimboe kruipt toch moeilijk verwachten dat hij zijn verhaal in dertig regels presenteert.

In het tweede deel van de krant lag aanvankelijk het andere uiterste; de verhalen kregen alle rust en ruimte om tot hun recht te komen. Prachtig, riep de redactie, maar hoeveel van die verhalen passen er eigenlijk in?

Na de eerste schrik kwamen de argumenten op tafel. En het belangrijkste daarvan was dat de redactie één krant wilde maken en niet twee totaal verschillende, halve kranten. Het tweede katern moest nauw aansluiten bij het eerste, bij het nieuws dus. Maar het moest zoveel eigen karakter krijgen dat het zich zou onderscheiden van het eerste katern en liefst van alle dagbladkaternen in heel Nederland.

De kwestie wordt weerspiegeld in de zoektocht naar de naam voor het tweede katern. 'Witmeer' was te ver weg, 'Trouw 2' te dichtbij.

Een eerste ronde op de redactie leverde tientallen suggesties op. Sommige redacteuren zochten de kracht van de eenvoud: 'Tweede Katern', 'Twee', 'En'. Anderen trachtten een vlag te vinden die de lading kon dekken: 'Het diepe', 'de Kern', 'Signatuur', 'Inzicht', 'De tijding', 'Tot op heden'. Een enkeling bleef naar zijn toetsenbord staren, en zag dat de laatste vijf letters op de bovenste rij toetsen een woord vormen: 'Yuiop'. Weer een ander ging te rade bij dichters: 'Awater' (Nijhoff). Er werd gezocht in de humor: 'Bovenkamer', 'Kopje onder', 'Lasagna'. En er was heel veel ergens tussen die categorieën: 'Eb en Vloed', 'Coda', 'Het balkon', 'Summa', 'Secondant', 'Goedereede' en vele, vele andere.

Resultaat was dat er geen overeenstemming kwam over de naam. En wat erger was: er werd besloten om buiten de deur deskundige hulp te zoeken. Je kunt het zo gek niet bedenken of er is een bureau voor. Dus ook voor het vinden van een naam. Er werd gekozen voor een bureau dat opereert onder een vreselijke Engelse naam (The NameWorks), maar goed, het had creatieve mensen in huis die al een paar bekende namen op de hunne hadden staan.

Die hulp was welkom, maar tegelijk een teken dat de naam een probleem aan het worden was. Namen hebben de eigenaardige eigenschap dat ze door je vingers glippen zodra je erover gaat nadenken. Honderden hebben we er op de wand geprojecteerd gezien, van Sponning, Ondersteboven en Heft tot Redevuur en Torn. Veel namen waren mooi, passend, treffend, verrassend, maar na een nacht slapen toch niet helemaal wat we zochten. En van de namen die na een nacht nog leefden bleken sommige al in gebruik.

Resultaat was dat we nog altijd geen naam hadden. De redactie werd nogmaals opgeroepen suggesties te doen. Die kwamen er: meer dan honderd. En daar zat er een bij die ook in de allereerste ronde al genoemd was: de Verdieping. Dekt de lading, klinkt goed, was de conclusie.

Resultaat: we hadden een naam. Tot grote opluchting van vormgever Erik Terlouw, die weliswaar niet erg gelukkig was met die twee onderhangende letters, de 'p' en de 'g', maar die nu verder kon. Mappen vol proefpagina's voor het tweede katern had hij, met allemaal verschillende namen erboven. Nu die naam definitief was kon hij verder met de opbouw van die pagina's.

Terlouw bladert de laatste proefkrant door.

“Het inhoudelijke onderscheid tussen het eerste en tweede katern is in de typografie weergegeven. In het eerste katern, het nieuwsdeel, worden vette koppen gebruikt. Je moet snel door die nieuwskrant heen kunnen lopen en oppikken wat je hebben wilt. In het tweede deel, de Verdieping, moet de lezer tot rust komen. Daar wordt een lichte kopletter gebruikt, de pagina's tellen zeven kolommen in plaats van acht, wat prachtig is voor langere verhalen. Je komt in een ander klimaat; er is het licht en de ruimte waarin je de tijd neemt voor een verhaal.”

De nieuwspagina's zijn strak ingedeeld, met kolommen links en/of rechts voor korte berichten. Een consequentie van de gekozen formule, zegt Terlouw: “Het idee is om veel nieuws te brengen en dat compact te doen. Maar je kunt niet een groot aantal kleine nieuwsberichten klakkeloos over een pagina strooien. Die zijn bij elkaar gebracht in kolommen aan de linker- en rechterkant. In het midden van de pagina laat dat ruimte voor de belangrijkste nieuwsstukken, die dan ook wat langer mogen zijn.”

Onderin de nieuwspagina's ligt De Onderkrant. Het idee daarvoor werd geboren in de huidige opmaak, zegt Terlouw. De nieuwspagina's zijn op dit moment verdeeld in horizontale banen, van verschillende hoogten. De A-, de B- en de C-strook, zegt de redactie. Helemaal onderin ligt de minst hoge, de C-strook. Die strook is in de nieuwe opmaak gehandhaafd, maar krijgt een andere invulling. In beknopte vormen wordt iets aan het nieuws toegevoegd. Dat kan een mini-interview zijn in 'Nieuwsmakers', of een kort dossier in 'Feiten'. De Onderkrant is een plek waar de lezer vlot kan bijtanken.

Van basisplan tot complete krant is een lange weg. Er wordt ook nu nog koortsachtig gewerkt aan de nieuwe Trouw. Een doordeweekse nieuwspagina telt gemakkelijk vijftig elementen, variërend van lijntjes en datum- aanduiding tot een column en een fotobijschrift. Ze moesten allemaal opnieuw worden bezien. Om nog te zwijgen van de honderden elementen die niet dagelijks in de krant liggen, maar slechts eenmaal per week, van schaakrubriek tot boekenpagina's. Een krantenpagina is te klein voor de lijst knopen die de redactie moest doorhakken. De vouw staat daar niet op, de vouw is heilig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden