De vooruitgang

De muren van een huis zijn meestal van steen: gebakken klei. De ramen zijn van glas: gesmolten zand. Een huis van klei en zand. Die baksteen begrijpen we wel, maar dat zo'n glasheldere ruit is gemaakt van dat aardse zand - dat is moeilijk te vatten.

Glas is van oude tijden. Glazen voorwerpen in Mesopotamië en Egypte, de kunst van het glasblazen in Syrië tot aan het prachtige Venetiaanse glaswerk. Glazen en vazen, het was een kunst apart. Maar wanneer kwam de ruit in ons raam? Kort voor onze jaartelling lukte het om vlakglas te maken door gesmolten glasmassa uit te gieten op een stenen tafel. Kleine plaatjes glas voor kleine ramen.

Eeuwenlang maakt men glas van kwarts, een zandachtig mineraal, afkomstig van zwerfkeien; pas na de zeventiende eeuw werd het kwarts uit de grond gehouwen, uitgegloeid met houtvuur, afgekoeld en vermalen tot korrelig materiaal. Dit glas liet licht door maar was niet doorzichtig: je kon niet naar buiten kijken.

Daarna komt het zand. Glas van zand: het is heet werk. Zand begint te smelten bij een temperatuur van 1700°C. Het heeft geen vast smeltpunt maar een smelttraject; het wordt langzaam stroperiger totdat het zo vloeibaar wordt dat het in een vorm kan worden gegoten.

Om zand, en ook kwarts, te kunnen gebruiken, moet het smeltpunt omlaag. Dit is lang een lastig probleem geweest. Eerst werd pot-as, met zijn kaliumzouten, toegevoegd. Pot-as werd verkregen door het verbranden van beuken- en eikenhout. Er waren heel veel bomen nodig voor een beetje pot-as. Aan het einde van de negentiende eeuw wordt soda (natriumcarbonaat) toegevoegd. Dit is mogelijk omdat de Belgische industrieel en scheikundige Ernest Solvay een procédé ontwikkelt voor grootschalige sodaproductie. Deze ontdekking is cruciaal geweest voor de glasfabricage.

Het glas wordt nu doorzichtig, maar is nog niet vlak: plaatselijk dikker en dunner, met 'trekstrepen', en dat geeft een vertekend beeld.

In de twintigste eeuw wordt glas echt vlak doordat de Engelse ingenieur Alastair Pilkington in 1959 het 'drijfproces' bedenkt: de grondstoffen - zand, kalk, soda, glasscherven - worden in de oven gesmolten bij 1600°C, vervolgens wordt dit glasmengsel bij een temperatuur van 1100°C op een bad van vloeibaar tin gegoten, daar vormt zich een drijvend glaslint dat aan beide kanten perfect glad is, en dan naar de koeloven. Aan het eind van deze productielijn van een halve kilometer wordt het glas gesneden in platen van 3,50 x 6,00 meter.

Met verschillende diktes en meerdere lagen kunnen architecten nu fantastische glasconstructies ontwerpen.

Het gaat nog verder: 'baksteen' van glas. De gevel - tweederde gevel - van de nieuwe winkel van Chanel in de Amsterdamse P.C. Hooftstraat is geheel doorzichtig. De bakstenen, de deuren, de kozijnen: alles is van glas. Tovenarij. Massieve glazen stenen die de gevel dragen. Als je er langs loopt, wil je ze aanraken. Is het echt allemaal van glas?

De glazen stenen zijn gegoten door de Venetiaanse glasfabrikant Poesia. Het doorzichtige 'cement' is een lijm die tandartsen gebruiken voor de kroon, uitgehard met UV-licht. De bovenkant van de gevel bestaat uit traditionele baksteen. De graduele overgang van glas naar steen is een wonder van vernuft.

Het is architectonische tovenarij.

Glas, nr 265, augustus 2010; de Volkskrant: 'Crystal Houses' (25 april 2016); websites: Bouwend Nederland ('Glas door de eeuwen heen'); architectenbureau MVRDV.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden