De Volksstad geeft niet op

reportage | Wolfsburg hangt met elke vezel aan de VW-fabriek. 'Als Volkswagen omvalt, valt de stad om', klinkt het op straat. Maar dat zal niet gebeuren, wordt er onmiddellijk aan toegevoegd. En inmiddels gaat het leven ook weer zijn gewone gang.

Wie met de trein van Amsterdam naar Berlijn reist, kan de stad niet over het hoofd zien. Links van het spoor ligt een kanaal. Aan de andere oever doemt eerst een hoog gebouw op, met op het dak het trotse VW-logo. Daar zit de directie. Dan volgen grote, uit baksteen opgetrokken hallen. De plek waar de auto's worden gebouwd. Boven de hallen rijzen vier schoorstenen op: VW's eigen energiecentrale.

Na de hallen volgen nieuwere gebouwen. Het Volkswagenmuseum. Daar kan de bezoeker van alles leren over de geschiedenis van de fabriek en over het technische vernuft dat erin huist. De reiziger vangt een glimp op van het park achter het museum, met futuristische paviljoens, voor elk van de door VW gemaakte merken één: Audi, Porsche, Skoda, Seat, Bugatti, Lamborghini.

Aan de rand van het park staan twee grote, glazen torens. Wie goed kijkt, ziet achter de ruiten allemaal Volkswagens staan. Ze wachten op de klanten die ze hebben besteld, klanten die er vaak met de hele familie een dagje voor uittrekken om hun nieuwe, trotse bezit op te komen halen. Met een ingenieuze lift krijgen ze de auto uit de glazen silo's opgediend. Een luxueus afhaalcentrum met hostesses in kekke mantelpakjes verwelkomt hen.

Als toegift ziet de treinreiziger op weg naar Berlijn links nog de Volkswagen Arena, thuishaven van voetbalcub VfL Wolfsburg, succesvol in de Bundesliga en in 2009 zelfs Duits kampioen. Ook vorig jaar eindigde Wolfsburg hoog genoeg om in de Champions League mee te mogen spelen. Maar nu is de club, tezamen met eigenaar Volkswagen, in crisis. Bayern München liep vorige week met 5-1 over de peperdure VW-spelers heen.

Wie op het Centraal Station van Wolfsburg uitstapt, moet kiezen. Links het Disneyland voor de autofans, rechts de stad die in de jaren dertig onder Hitler uit de grond werd gestampt om de arbeiders te huisvesten die de 'Kraft durch Freude'-auto's, de voorloper van de 'Kever', bouwden. Het was een geweldige pr-stunt van Hitler. Tienduizenden Duitsers kwamen via een systeem met spaarzegels in het bezit van een KdF-auto à raison van 990 Reichsmark.

Nog altijd ademt alles in de stad VW. 'Als Volkswagen omvalt, valt de stad om', meent iedereen die je er op straat over aanspreekt. Maar ze voegen er net zo snel aan toe dat ze niet geloven dat VW gaat omvallen. "Welnee", reageert Umberto Tardelli van de ijs- en koffietent 'Barletta' aan de belangrijkste winkelstraat van Wolfsburg. "De Volkswagenbazen lossen het wel op, de mensen hier hebben er alle vertrouwen in."

"Twee dagen lang had iedereen het over niets anders dan het VW-schandaal", zegt Tardelli, "maar nu gaat het leven al weer zijn gewone gang. Er is altijd wel wat met Volkswagen. En straks is iedereen het weer vergeten. Ik krijg er heus niet minder klanten door", merkt hij op en wendt zich weer tot een kennelijke stamgast om met hem over voetbal te praten. In het Italiaans. De stamgast draagt een groot embleem van Bayern München op zijn rug.

De belangrijkste winkelstraat in Wolfsburg heet Porschestraat. Natuurlijk zit je als middenstander met een ijssalon liever in een straat die naar een snelle, luxe auto is vernoemd dan in een winkelpromenade die Volkswagenstraat heet. En ook liever dan in de Kleiststraat of de Goethestraat, die de Porschestraat kruisen. Wolfsburg is een arbeidersstad. Geen oord voor fijngevoelige intellectuelen die dwepen met de klassieke Duitse romantici.

Wie de Porschestraat afloopt op een zonnige maandag zoals deze week, hoort voornamelijk Italiaans. De meeste groepjes mensen die van de nazomerzon genieten, hebben hun wortels aan de Middellandse Zee en hun traditie van straatcultuur behouden. Je waant je in een Italiaans stadje, ware het niet dat de architectuur niets mediterraans heeft. Doorsnee jaren-zestig-winkels. Leuke luifels, truttige terrassen, quasi-modern, goed lelijk.

Het meditterane karakter dankt Wolfsburg aan de overvloed van Italiaanse gastarbeiders uit de jaren zestig en zeventig. Volkswagen had ze nodig en ze kwamen. Niet als gast, want ze bleven en haalden hun families. Dat ging niet allemaal zonder slag of stoot. Ook toen waren er culturele shocks, prachtig verbeeld in een van de beste Duitse films ooit: 'Palermo oder Wolfsburg' van Werner Schroeter. De Italiaanse gastarbeider als Jezus in Duitsland.

Voor een van de glazen puien aan de Porschestraat drommen mannen van middelbare leeftijd samen. Achter het glas hangt de maandagse editie van de Wolfsburger Nachrichten. Onder de titel staat uitdrukkelijk: 'Onafhankelijk. Niet partijgebonden'. Welke krant heeft het nodig om zoiets elke dag op de voorpagina te zetten? Alleen een regionale krant in een stad die het exclusieve bezit lijkt van een wereldconcern.

"Ja", zegt Andrea Landgraf, "de laatste dagen staan hier achter de ruiten mensen het nieuws luidruchtig te becommentariëren. Heftige discussies." Landgraf zit in het winkeltje achter de ruiten om abonnementen voor de 'Wolfsburger' te werven en kopers van andere producten van de uitgever te lokken. Ze haalt haar schouders op over de huidige Volkswagencrisis. "Dat komt wel goed. In die nieuwe baas, ... Müller, heb ik alle vertrouwen."

"Er is bij dat uitlaatgasgedoe nog geen enkele dode gevallen!", zegt Landgraf ook. "Kijk naar dat schandaal met die airbags van General Motors in Amerika. Dat heeft heel wat levens gekost." In Amerika staan inmiddels nabestaanden in de rij om bij Volkswagen schadeclaims in te dienen omdat hun naasten volgens hen door de stikstofdioxide van vuile Volkswagens zijn gestorven. "Ach", voegt Landgraf hier aan toe, "in Amerika sterven mensen aan andere dingen dan wij."

De inwoners van Wolfsburg 'fluiten in het donker', zou je kunnen zeggen. Ze zijn wel wat gewend, is de boodschap van degenen die je erover aanspreekt. Een paar jaar geleden kwam naar buiten dat de vertegenwoordiger van de werknemers in de toezichtsraad van Volkswagen door de leiding van het bedrijf werd gepaaid met prostituees uit Brazilië. Het concern heeft de affaire moeiteloos overleefd.

Zelfs de gigantische machtsstrijd die zich dit voorjaar bij Volkswagen afspeelde, heeft de bevolking van Wolfsburg onberoerd gelaten. De nu gevallen baas van Volkswagen, Martin Winterkorn, leverde een titanenstrijd met de man die ooit zijn mentor was, Ferdinand Piëch, zoon van de uitvinder van het wereldmerk Porsche. Piëch wilde Winterkorn weg hebben. Dat lukte niet en Piëch moest het veld ruimen. Nu heeft Winterkorn moeten opstappen.

Winterkorn wordt in veel commentaren, en ook, zij het op fluistertoon, door de Wolfsburgers, als de dictator van Volkswagen gezien. De man die bij hoog en bij laag blijft ontkennen dat hij van het gesjoemel met de uitlaattests afwist, is er nu uitgegooid. Winterkorn heeft een reputatie als autoritaire persoonlijkheid. Bij de Wolfsburgers was hij alleen populair omdat hij altijd met een groenwitte das naar de wedstrijden van 'zijn' VfL Wolfsburg kwam kijken.

Niet met journalisten praten

Waar Winterkorn vooral goed in was, was in het verbieden van zijn personeel om openlijk met de pers te praten. Regelmatig nodigt Volkswagen journalisten uit voor een rondleiding. Maar zodra je als buitenlandse journalist een gesprekje aanknoopte met een van de medewerkers, sloop er een functionaris van de voorlichting dichterbij om te controleren wat er werd gezegd. Wolfsburg lag altijd al op slechts 20 kilometer afstand van de DDR.

Die behoefte aan controle over het imago van Volkswagen lijkt ook de bevolking van Wolfsburg in de greep te hebben. "Nee, ik wil niet met mijn naam in de krant", zegt menigeen. Een uitzondering is Silke Alofs. Zij tapt de biertjes in het café dat zich naast een van de bedrijfspoorten voor de VW-arbeiders bevindt. 'Tor 17', de laatste week overstelpt door journalisten die een sfeerreportage uit Wolfsburg moesten leveren.

Het café, arbeideristisch ingericht met rustieke stoelen, houten lambrizeringen, een tafelvoetbalspel, en asbakken, jawel, op elke tafel, zit vlak naast de tunnel die onder spoor en kanaal naar de fabriek leidt. Het is de ingang voor arbeiders die op de fiets komen en niet met een door het bedrijf beschikbaar gestelde Volkswagen. De autorijders gaan naar een van de vele andere poorten van de fabriek.

'Poort 17' is de ingang die het dichtst bij het Centraal Station ligt. "Nee, u komt er niet in", zegt de wachtmeester die het einde van de tunnel bewaakt. "Als u een voorlichter wilt spreken, moet u via internet een afspraak maken." Een telefoonnummer geeft hij niet en hij wil ook niet intern doorverbinden. Volkswagen houdt zich dezer dagen onzichtbaar en onaanspreekbaar. Zelfs voor Duitslands belangrijkste televisie-talkshow op zondagavond wilde niemand opdraven.

De persvoorlichters van Volkswagen hebben een spreekverbod. Dat is extra pijnlijk omdat een aantal voorheen woordvoerder was van de regering, eerst die van bondskanslier Schröder, later die van Merkel. In het afhaalcentrum ligt een folder waarin een van Merkels meest geliefde woordvoerders, Thomas Steg, zich als een soort minister van buitenlandse zaken voor Volkswagen voorstelt, die de milieuschone toekomst van Volkswagen aanbeveelt.

Het management van Volkswagen en de Duitse regering zitten al hun leven lang bij elkaar op schoot. Dat maakt de huidige crisis extra pijnlijk. Steeds weer was het de autolobby, aangevoerd door VW, die de zittende regering hielp de Europese normen voor uitlaatgassen van met name de zware luxe dieselkarren die Duitsland talrijk produceert, zo laag mogelijk aan te zetten. Dat hielp de Wolfsburgers de moed erin te houden.

Wolfsburger gaat door

Wolfsburg, een provinciestad met 120.000 inwoners, geeft niet op. Het aantal mensen dat het een belevenis vindt om hun auto persoonlijk op te komen halen, neemt niet af, verzekert de hoofd-host in het afhaalcentrum. Buiten zoekt een wankelend, stokoud echtpaar naar de ingang, Ze zien de roltrap niet, die vlak voor hun neus is. Op de brug brengt een lopende band, zo een als in moderne vlieghavens, hen naar het afhaalcentrum.

"Nee hoor", zegt de bejaarde man in het voorbijgaan, "we halen geen dieselmotor op. We zijn oud, we rijden niet meer zo veel." Volkswagen en dieselmotoren, daar draait de huidige crisis om. Dat betreft de wereld van handel en commercie, niet die van de gewone Wolfsburger. "Ik merk er niets van", zegt barvrouw Silke in het café bij poort nummer 17. "Mijn klanten halen er hun schouders over op."

Haar klant van dagblad Trouw struikelt over de zonneschermhouder, zijn frisdrank klotst voor de helft over het terras. "Ik breng je een nieuwe", biedt Silke aan. Dat on-Duitse 'je' in plaats van 'u', dat on-Duitse accent waarmee ze dat zegt, die vanzelfsprekende hartelijkheid, dat is Wolfsburg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden