Column

De vlag in de Tweede Kamer is het begin van het einde van de giftige polarisatie

Beeld Trouw

Een Amerikaanse oud-senator maakte vijf jaar terug de grap: nog even en je kunt Democratische en Republikeinse tandpasta kopen. Zijn cynisme gold de hevige polarisatie tussen beide partijen. Hoe is de stand van zaken nu?

De werkelijkheid overtreft intussen de grap. Sinds een half jaar opereert op de huizenmarkt in Amerika een internetbedrijf dat conservatieven die hun staat te progressief vinden, huizen in Texas aanbiedt. 'Daar kun je wonen en je kinderen groot brengen onder gelijkgestemden'. Motto: 'Helping families move Right'.

Toch hangt er verandering in de lucht. In het publieke debat komt een tegenbeweging op gang, die zich keert tegen de giftige polarisatie en de doorgeslagen identiteitspolitiek die daarmee gepaard gaat. Het is een wolkje nog niet groter dan een mans hand, maar met een eenvoudig signaal: 'We zijn allemaal Amerikanen'.

Iets van dat kenterende klimaat werd hier zichtbaar in de bijna unanieme steun voor het verzoek van SGP en PVV in de vergaderzaal van de Tweede Kamer de Nederlandse vlag op te hangen. Het is een armetierig uitgevallen exemplaar geworden, dat niet zozeer nationale trots uitstraalt als wel een nog wat onbeholpen geuite behoefte aan verbondenheid. Hoewel die gevoelens hier, anders dan in Amerika, een zekere verlegenheid oproepen, zijn zij een bestaansvoorwaarde voor de democratische strijd.

Het is geen toeval dat in de verdeelde Verenigde Staten juist nu weer belangstelling ontstaat voor het eerste werk van de historicus Arthur Schlesinger, 'The vital center', een zoektocht die hij in 1949 ondernam naar wat democratie eigenlijk inhoudt en drijft. Misschien was dat in die dagen, kort nadat het fascisme was verslagen en de westerse wereld zich schrap zette tegen het communisme, nauwelijks een vraag. Democratie stond voor vrijheid. Punt.

Maar nadat in 1989 ook deze 'dodelijke rivaal' zo goed als was verslagen, bleek het vrijheidsbegrip zowel hier als in de postcommunistische landen in Midden-Europa toch problematisch. Het antwoord is dus wel degelijk van betekenis, want een democratie heeft geen kans van bestaan zonder democraten. In dat perspectief is de wederzijdse verkettering in de Nieuwe en Oude Wereld een directe bedreiging voor onze beschavingsorde. In het Amerikaanse debat dringt het besef door dat de verkiezing van de anti-democraat Trump laat zien hoever de Amerikanen zelf de vitale kern van de democratie uit het oog zijn verloren.

Schlesinger meende dat die kern spreekt uit het beslissende onderscheid met autoritaire systemen: de democratie belooft geen ideale samenleving, geen heilstaat. Haar kracht zit in het proces, dat in zichzelf belangrijk is; niet in de oplossing van problemen, maar in het aanpakken van problemen met vallen en opstaan. Aangestoken door het 'christelijk realisme' dat in zijn tijd opgang maakte, zag Schlesinger meer in het menselijk tekort, verbeeld in de verstoting uit het paradijs, als uitgangspunt van een beschaafde staatsorde dan in de illusie van menselijke volmaaktheid.

Voorbeeldig

In dat licht mag de vierpartijencoalitie in ons land, hoe moeizaam ook gebaard, als democratisch voorbeeldig worden gezien; niet als de uitdrukking van een grijs midden, maar in de terminologie van Schlesinger als 'een bolwerk tegen extremen'. Deze lijn doortrekkend is het winst dat door de brede politieke steun de Nederlandse vlag in de vergaderzaal is verbonden met onze parlementaire democratie en niet met een ideale orde, gebaseerd op 'Gods heilzame wetten en geboden' dan wel van vreemde smetten vrij.

De vlag in een door dertien fracties bevolkt parlement drukt mooi uit 'dat democratie geen uniformiteit vereist', zoals Barack Obama zei in zijn afscheidsspeech begin dit jaar. 'Onze stichters discussieerden, zij ruzieden en uiteindelijk sloten ze een compromis'. Zijn schijnbaar open deur dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten dat op en neer gaat, is het beginpunt van de tegenbeweging die zich manifesteert. De denker Francis Fukuyama, die na de val van het communisme in 1989 de westerse democratie als het eindpunt van de ideeëngeschiedenis zag, onderkent scherp de noodzaak van herlading van de vitale kern. Om Amerika weer met zichzelf te verbinden, schrijft hij, het stof van Schlesinger kloppend.

Vanuit hetzelfde motief opent de politieke denker Mark Lilla in zijn boek 'The once and future liberal' de aanval op de identiteitspolitiek, die zo in narcisme en moralisme is doorgeslagen dat de notie van een gedeeld burgerschap volledig is zoekgeraakt. Hij beperkt zich tot progressief Amerika, maar je ziet deze zuiverheidscultus aan beide zijden van het spectrum, ook hier: blank moet wit zijn, het zwart van Zwarte Piet zwart. Terwijl we allemaal Nederlanders zijn, met als harde kern pragmatisch, tolerant en samenwerkend.

Na jaren van politiek aandringen was het deze week zover: de entree van de Nederlandse vlag in de grote vergaderzaal van de Tweede Kamer

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden