De vierde macht van Griekenland

De linkse partijen in Griekenland willen af van de verwevenheid tussen kerk en staat - vastgelegd in de grondwet. Na de verkiezingen van 6 mei moet daarover gepraat worden. Maar de conservatieve partijen - die van de gefortuneerde kerk afhankelijk zijn - moeten daar niets van weten. "Het is een fatale fout een breuk te creëren tussen kerk en staat in tijden van crisis."

De Griekse priester Thomas Tsois laat een glimmende folder zien. "Kijk dat ben ik", zegt hij trots terwijl hij een foto aanwijst waarop hij gearmd staat met de 'Madonna' van Griekenland - Anna Vissi. Op een andere foto prijkt één van Griekenlands rijkste mannen - een scheepsmagnaat, de enige sector die nog floreert. De beroemdheden schenken de kerk in Athene waar Tsois priester is, iedere maand een behoorlijk bedrag. "Dat is wel nodig, want de inkomsten van onze gemeenschap zijn met eenderde gedaald sinds het uitbreken van de crisis. Terwijl steeds meer Grieken hier aankloppen voor hulp."

De vriendelijk ogende Tsois is geliefd onder de vele Grieken die zijn kerk bezoeken. Ook kinderen en pubers kunnen Tsois waarderen vanwege de basketballwedstrijden die hij organiseert. Ooit was de priester een kickboxkampioen in Griekenland. "Sport verbroedert", zegt hij.

In tijden van crisis moet de kerk een gevoel van veiligheid bieden, verklaart Tsois zijn positivisme. "Het moet de mensen helpen hun leed te verwerken." Iedere dag, zeven dagen per week, kunnen armlastige Grieken bij zijn kerk terecht voor een maaltijd. Drie Griekse vrouwen staan om zeven uur 's ochtends al in de keuken, om de rijst, de pasta of de aardappelen te bereiden. "Allemaal vrijwilligerswerk", zegt Tsois.

De vrouwen koken iedere dag voor tenminste zestig mensen een maaltijd. Daarnaast geeft de kerk 135 arme families uit de omgeving voedselpakketten, tweedehands kleding en schoolboeken. "Het zijn bijna allemaal mensen die hard getroffen zijn door de crisis. Ooit maakten deze families deel uit van de middenklasse", zegt Tsois. Maar de priester benadrukt dat zijn kerk niet alleen maar de armen steunt. "De kinderen kunnen hier even ontspannen door te tafeltennissen of te basketballen. En de ouders vinden een luisterend oor."

Voor de Grieken is de kerk in tijden van crisis een van de belangrijkste ontmoetingsplaatsen. Ze ervaren het als een oord van rust, een plaats om de financiële zorgen even te vergeten. Door het hele land verspreiden kerken gratis maaltijden, priesters bieden een luisterend oor, en voor asielzoekers heeft de kerk speciale slaapplaatsen in het leven geroepen.

Veel meer dan in westerse maatschappijen speelt de kerk in Griekenland een centrale rol, ook in het politieke leven. In publieke instellingen, zoals op scholen en in rechtbanken, hangen crucifixen; daar wordt nauwelijks over gediscussieerd. Christelijke feesten, zoals Orthodox Pasen, worden uitbundig gevierd met de hele familie. De Grieks-orthodoxe kerk maakt deel uit van een belangrijke Griekse traditie, zo verklaren politici van links tot rechts.

Praten over de kerk raakt gevoeligheden, het stellen van kritische vragen helemaal. Niet verwonderlijk dat hooggeplaatste mensen zowel binnen de kerk als binnen de Griekse politiek die in dit verhaal worden opgevoerd, alleen op anonieme basis willen praten. Want sinds het uitbreken van de financiële crisis ligt de kerk, door sommigen omschreven als de vierde macht van Griekenland, behoorlijk onder vuur.

De belangrijkste, algemene klacht is dat de gefortuneerde kerk bepaalde (financiële) privileges niet hoeft op te geven, terwijl de rest van de samenleving op een houtje moet bijten. Want geen Grieks politicus durft zich te branden aan de macht van de kerk. Het meest voor de hand liggende voorbeeld is het betalen van belasting. De kerk betaalt sinds 2011 de vereiste onroerendgoedbelasting van 20 procent, over de donaties draagt het 5 tot 10 procent af. Omdat niemand precies weet hoeveel onroerend goed de kerk bezit - Griekenland heeft geen kadaster, niets wordt centraal geregistreerd - blijft er ruimte voor gesjoemel. Daarnaast is het vermogen van de kerk onduidelijk. Ze heeft een aandeel van 1,5 procent in de centrale bank van Griekenland - dat zou volgens analisten 7 tot 15 miljard euro waard zijn. Maar over de rest van de inkomsten bestaat veel onduidelijkheid.

Dat politici de kerk de hand boven het hoofd houden, bleek ongeveer toen de vorige premier Papandreou een jaar geleden niet durfde te tornen aan de financiële privileges. Griekenland kent al sinds 1950 een wet die publieke instellingen en verzekeringsfondsen verplicht een bepaald deel van hun vermogen te beleggen in Griekse staatsobligaties. De kerk bleef altijd uitgezonderd van deze wet omdat ze beweerde geen staatsinstelling te zijn - terwijl de priesters betaald worden door de staat. Bovendien verklaarde de aartsbisschop het vermogen liever opzij te zetten voor sociale doeleinden, in plaats van de staat te sponsoren.

De Griekse centrale bank had genoeg van het speciale privilege en vond dat ook de kerk in Griekse staatsobligaties moest beleggen. De kerk weigerde.

In zijn werkkamer in een prachtig klooster in de rijkste buurt van Athene vertelt een voormalig bisschop - inmiddels verantwoordelijk voor de belastingen van de kerk - over de bijzondere en uitzonderlijke rol die de kerk heeft gespeeld in de Griekse geschiedenis. Dat verklaart volgens hem ook de uitzonderingspositie die de kerk vandaag de dag nog altijd geniet. De voormalig bisschop praat bedachtzaam en kiest zijn woorden zorgvuldig. "Wij hebben tijdens alle oorlogen die in dit land zijn gevoerd ons sociale gezicht laten zien, onder meer door het opvangen van de vele vluchtelingen. Maar - en dat is belangrijker - wij hebben 95 procent van de oorspronkelijke grond die wij bezaten, teruggegeven aan de staat."

De voormalig bisschop gaat terug in de tijd - vijfhonderd jaar geleden, toen de Ottomanen Griekenland bestuurden. Tijdens die bezetting mocht de Grieks orthodoxe kerk zijn kloosters en grond behouden, hun religie werd toegestaan. De kerk bestuurde als het ware een eigen ministaat. Bovendien vertrouwden veel Grieken hun grond toe aan de kerk omdat ze niet wilden dat de Turkse bezetter het in handen zou krijgen.

Toen Griekenland in 1821 onafhankelijk werd, gaf de kerk - steeds in kleine beetjes en in verschillende periodes - de grond die het bezat terug aan de staat. "Inmiddels hebben we nog maar 4 procent van de grond die we bezaten in 1933. Daarvan bestaat drie vierde uit bos - daar kunnen we niet veel mee. Slechts een vierde gebruiken wij voor andere doeleinden", zegt de voormalig bisschop.

Die eenvierde vertegenwoordigt ruim 130.000 hectare land. Daarop staan kloosters, bedrijven en ziekenhuizen. De kerk is lange tijd behandeld als liefdadige instelling, die geen belasting hoefde te betalen. Maar vanwege de grote stukken land die de kerk bezit en de commerciële activiteiten die ze ontplooit, stemde het parlement, toen onder leiding van Papandreou, twee jaar geleden in met een wet die bepaalt dat ook de kerk onroerendgoedbelasting moet betalen - overigens alleen over de gebouwen die de kerk verhuurt.

"Vorig jaar hebben we 12 miljoen euro afgedragen", zegt de voormalig bisschop. "We worden behandeld als ieder ander, en zijn niet meer zo rijk als wordt beweerd", zegt de bisschop. "De bedrijven kunnen de huur niet meer opbrengen, waardoor we een hoop inkomsten mislopen. We hebben geïnvesteerd in Griekse staatsobligaties, maar hebben al vier jaar geen dividend uitgekeerd gekregen en de donaties zijn zo goed als nul. Maar als je sommige kranten leest, zouden wij nooit belasting betalen en zwemmen in het geld."

Een hooggeplaatst lid van Pasok vindt het vooral erg dat de staat nog altijd verantwoordelijk is voor het salaris van de priesters. "Dat stuit mij tegen de borst", zegt de Pasok-man in zijn werkkamer in het parlement, gevestigd aan de rand van Syntagma - het centrale plein in Athene. De staat betaalt de salarissen van 10.800 priesters, kosten zo'n 268 miljoen euro per jaar. De priesters vedienen niet veel, maar het steekt dat ambtenaren bij bosjes worden ontslagen en hun lonen worden gekort, terwijl de priesters buiten schot blijven.

Hoewel Pasok altijd een kritische houding heeft gehad ten opzichte van de kerk, wenst ook het parlementslid niet met naam en toenaam te worden genoemd. "De macht van de kerk is teruggebracht, maar we zijn er nog niet." Zo werd in 2000, toen Pasok aan de macht was, de verplichte vermelding van religie in het paspoort, geschrapt. "Die maatregel zorgde voor een hoop onrust."

Ook het hooggeplaatste lid van Pasok wijst op de rol die de kerk speelde in de geschiedenis. "De priesters hebben nog steeds het gevoel dat de kerk een uitzonderingspositie verdient, vanwege de hulp die ze de staat en de Grieken in het verleden hebben geboden. De kerk bezit inderdaad veel grond, maar dat ze zoveel macht naar zich toetrekken, vind ik gevaarlijker."

Het Pasok-lid doelt op de verwevenheid van een van de grootste partijen van Griekenland - Nieuwe Democratie - met de kerk. "Het Vatopaidi-schandaal (zie box) is daar een voorbeeld van. Nieuwe Democratie gaf - toen de partij aan de macht was - een duur stuk land zo'n beetje gratis weg aan het rijke Vatopaidi-klooster. Dat deed de partij enkel om kiezers binnen de kerk aan zich te binden."

In wezen zijn alle linkse partijen - van de communisten tot de socialistische Pasok - het erover eens dat de kerk en de staat de banden moeten doorsnijden. Om financiële redenen, maar ook vanuit een ideologisch gedachtengoed; de kerk moet het land niet willen besturen. Daarvoor is een grondwetswijziging nodig. Het hooggeplaatste Pasok-lid hoopt na de volgende verkiezingen - die vermoedelijk op 6 mei plaatsvinden - daarover te kunnen debatteren. Dat zal niet gemakkelijk zijn, denkt de Pasok-man. "Grieken beschouwen de kerk als een deel van hun identiteit, zeker in tijden van crisis. Dus zij zien de noodzaak niet."

Een groot obstakel vormen de politieke partijen rechts van het midden - de conservatieve Nieuwe Democratie (ND) en de zeer conservatieve Laos, die zelfs het woord Orthodox in de partijnaam heeft opgenomen. De conservatieven onderhouden nauwe banden met de kerk. Ze zijn sterk afhankelijk van de steun van de priesters. Voor die steun doen de ND-politici alles. Een schimmige landruil, het zogenoemde Vatopaidi-schandaal, is daar een voorbeeld van.

Politici van ND moeten dan ook niets weten van een scheiding tussen kerk en staat. Natasa Ragiou, voormalig parlementslid van ND en momenteel verantwoordelijk voor de emancipatie van vrouwen binnen de partij, vindt het niet de tijd om onrust te gaan stoken.

"De rol van de kerk is in deze tijd van crisis cruciaal voor de maatschappij. De kerk is een toevluchtsoord voor mensen die te arm zijn om de eindjes aan elkaar te knopen; het heeft in deze moeilijke tijden zijn meerwaarde meer dan bewezen. Vanuit dat perspectief lijkt het me een fatale fout een breuk te creëren tussen kerk en staat. We hebben de priesters heel hard nodig."

Vatopaidi-schandaal

De vervlechting van de Griekse politiek en de Orthodoxe kerk, is goed zichtbaar in het Vatopaidi-schandaal - één van de grootste Griekse corruptieschandalen. Het Vatopaidi-klooster - gelegen op het schiereiland Athos in het noorden van Griekenland - is één van de rijkste kloosters van het land.

In 2008 kocht de staat van het Vatopaidi-klooster een onbeduidend meer op het schiereiland Athos. In ruil kreeg het klooster zeer duur, deels bebouwd land van de staat. Deze corrupte landruil zou de Griekse belastingbetalers in totaal zo'n 100 miljoen euro hebben gekost.

De schimmige transacties - die vermoedelijk tot stand zijn gekomen om politieke steun te verwerven van de machtige orthodoxe kerk - kostte in 2008 al één minister de kop. Drie andere ministers, afkomstig van de politieke partij Nieuwe Democratie, worden nog altijd vervolgd. Het schandaal was in 2009 bovendien de reden dat de vorige Griekse premier Karamanlis zwaar verloor. Na de verkiezingen trok hij zich terug uit de politiek.

Door de vorige Pasok-premier Papandreou is er een speciale commissie in het leven geroepen die het corruptieschandaal onderzoekt. Politici van ND ontkennen overigens nog altijd dat het om een schandaal zou gaan; het zou hier een gewone landruil betreffen. Het onderzoek vordert langzaam. Abt Ephraim, die mede verantwoordelijk is voor de schimmige landruil, zat drie maanden in voorarrest. Inmiddels is de van Cyprus afkomstige abt verbannen naar zijn geboorte-eiland. Daar moet hij de rechtszaak afwachten. Maar wanneer de rechter uitspraak doet in het Vatopaidi-schandaal, is tot op heden onzeker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden